artikel

Arbo als exportproduct

Geen categorie

De voorzitter van de werkgeversfederatie en de staatssecretaris voor Arbeid openden het seminar. Beide heren hebben het belang van goede wetgeving en adequate ondersteuning van het bedrijfsleven op dit punt scherp voor ogen: sociale rust, preventie en reductie van kosten. Maar zij realiseren zich ook dat als Moldavie op de Europese markt wil opereren, afnemers eisen zullen gaan stellen op het vlak van veiligheid en gezondheid.

 

Na de opening nam Bob Koning van VNONCW de deelnemers mee door de internationale regelgeving, de ILO-verdragen en de Europese Kaderwet. Toen was het mijn beurt en mocht ik uitleggen wat een arbodienst is. Daarbij nam ik twee belangrijke preventietaken onder de loep: het periodiek medisch onderzoek (PMO) en de risico-inventarisatie. Het publiek luisterde geduldig.

 

’s Middags begon het echte werk: twee werkplekbezoeken. Met de checklist in de hand, de vertaalster aan mijn zijde en de twintig deelnemers op sleeptouw gingen we gevaren scoren en kansen inschatten. Eerst op een bouwplaats en daarna in een moderne tomatenkwekerij. Beide bedrijven waren beter georganiseerd dan ik in mijn onwetendheid over de situatie in het land gedacht had Het zijn werksituaties die niet zo heel veel van de Nederlandse afwijken. Desondanks was er genoeg te zien. En, vergelijkbaar met wat we in Nederland ook vaak zien, zit er een gat tussen de interne bedrijfsregels en de werkpraktijk.

 

Na de werkbezoeken gebruikte ik de busreis en de avond om de bevindingen in twee RI&E-rapporten uit te werken. De volgende ochtend leidde ik de deelnemers stap voor stap door de systematiek en de bevindingen. Inhoudelijk snapten ze het systeem van RI&E goed. Dat komt mede omdat het begrip risico-inventarisatie goed bekend is. Maar hier in Moldavie dient het een heel ander doel. Het is een uitgebreide rekenmethodiek die veiligheid en gezondheid uitdrukt in een getal. En hoe hoger het getal, des te meer risico en des te hoger de salaristoeslag. Het gaat hier dus om het concreet verbeteren van de werksituatie en dat is even wennen. Een ander en groter probleem waar men tegenaan loopt, is de politieke situatie. “Moeten wij een deskundige dienst vanuit de werkgeversorganisatie opzetten of als een onafhankelijke organisatie?” Het staat natuurlijk buiten kijf dat de onafhankelijkheid van een arbodienst gewaarborgd moet zijn. Maar DECP-adviseur Jean Marie Standaert, een door de wol geverfde ontwikkelingsconsultant voor Midden- en Oost-Europa, weet uit eigen ervaring dat een start vanuit de werkgeversorganisatie de meeste kans van slagen heeft. Dit omdat de vakbond in een land als Moldavie een totaal andere rol speelt dan in West-Europa. In dit land is het een machtsblok dat, terend op oude communistische verhoudingen, een conservatief bolwerk vormt en de verdergaande ontwikkeling van de markteconomie met lede ogen aanziet.

 

Een andere vraag die naar voren kwam, was: “Moeten wij lobbyen om kleine bedrijven uit te sluiten van veiligheids- en gezondheidsregelgeving? Want dat gaat die bedrijven toch geld kosten en dat hebben ze niet.” Een begrijpelijk werkgeversstandpunt. Maar de trainers, in dienst bij de werkgeversorganisaties van Nederland, weken geen duimbreed: alle bedrijven moeten toegang hebben tot deskundige ondersteuning. Er zijn andere manieren om kosten te drukken, was de les voor de Moldovaren. Bijvoorbeeld door deze ondersteuning collectief te organiseren voor alle aangesloten leden. Of door een vereenvoudigde en dus goedkopere dienstverlening voor kleine bedrijven te ontwikkelen.

 

Verder waren er nog praktische vragen als: “Wat zijn de aanloopkosten voor de opstart van een arbodienst?” en “Welke prijs bereken je voor een RI&E?” Materie waar we de deelnemers met een kort lesje bedrijfsvoering wegwijs in maakten.

 

In de afsluiting werden afspraken met de aanwezigen gemaakt voor het uitvoeren van een ‘feasability study’. De gastheer liet weten dat intern het besluit was genomen om te starten met de voorbereidende werkzaamheden. Ons verhaal is dus kennelijk in vruchtbare aarde geland.

 

De seminar is mogelijk gemaakt met subsidie van het ministerie van Buitenlandse Zaken.

 

DECP is een stichting van Nederlandse ondernemingsverenigingen en ondersteunt ondernemingsverenigingen in ontwikkelingslanden.

 

 

Reageer op dit artikel