artikel

Loonsanctie na twee jaar ziekte

Geen categorie

De werkgever is van mening dat hij wel voldaan heeft aan zijn re-integratieverplichting. Hij heeft daarbij het advies van de arbodienst opgevolgd, namelijk dat de werknemer gedurende de hele wachttijd niet met werk kon worden belast. De werkgever zag geen aanleiding om aan dat advies te twijfelen. Ook heeft het UWV gehandeld in strijd met de mededeling van de arbeidsdeskundige dat als er tijdig een Functionele Mogelijkheden Lijst zou worden opgesteld er geen loonsanctie zou komen.

De rechtbank stelt voorop dat de enkele omstandigheid dat de werkgever zich overeenkomstig artikel 25, vijfde lid WIA bij de re-integratie laat bijstaan door een gecertificeerde arbodienst, niet betekent dat hij dan zonder meer mag afgaan op de verstrekte adviezen. Hij blijft eindverantwoordelijke voor de verzuimbegeleiding en de re-integratie. De werkgever heeft naar eigen zeggen wel regelmatig telefonisch contact gehad met de werknemer, hoewel daar niets van in het dossier staat.

Toch vindt de rechtbank dat de werkgever niet tekort is geschoten in zijn re-integratieverplichtingen. Want in zijn bezwaarschrift aan het UVW heeft de bedrijfsarts bevestigd dat hij periodiek heeft gekeken of een herstel of verbetering van de arbeidsmogelijkheden binnen een redelijke termijn te verwachten was. Maar in verband met de psychische klachten van de werknemer was daar geen zicht op. Als het UWV het met deze visie niet eens was geweest, had het die in de bezwaarfase kunnen laten onderzoeken. Daarom is de rechtbank van oordeel dat het besluit tot verlenging van de loondoorbetaling met 52 weken niet berust op een deugdelijke motivering. (art. 3:2 en 7:12, eerste lid, Algemene wet bestuursrecht). Het beroep wordt gegrond verklaard en het UWV moet een nieuw besluit nemen.

Reageer op dit artikel