artikel

Grensoverschrijdend gedrag? Eerst bewijzen …

Gezond werken

Een leerkracht ontslaan op grond van verklaringen uit de tweede en derde hand? Het gaat hier om een ernstige aantijging – seksueel intimiderend en grensoverschrijdend gedrag. Maar ontbinding van de arbeidsovereenkomst is een zware sanctie. Is de kantonrechter bereid die op te leggen?

Grensoverschrijdend gedrag? Eerst bewijzen …

Een man werkt als leerkracht bij een onderwijsinstelling die praktijkgerichte vmbo-, mbo-, hbo- en masteropleidingen aanbiedt. De instelling (hierna: werkgever) verzoekt de rechtbank tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens ernstig verwijtbaar handelen ( art. 7:669 lid 3 BW).

Seksueel intimiderend en grensoverschrijdend gedrag

De leerkracht zou (verbaal en/of non-verbaal) seksueel intimiderend en grensoverschrijdend gedrag hebben vertoond tegenover leerlingen. De kantonrechter is in eerste instantie niet overtuigd van de beschuldigingen en verzoekt de instelling een en ander nader aan te tonen. Volgens de kantonrechter zijn diverse getuigen gehoord: een teamleider, een collegedirecteur en anderen). Hun verklaringen berusten echter niet op eigen waarneming, maar op wat de klagende leerlingen daar later over hebben verteld.

Vooral verklaringen uit de tweede en derde hand

Eén van de getuigen heeft slechts met twee van de zes leerlingen gesproken. Een ander heeft zelfs geen enkele leerling persoonlijk gesproken, maar de verklaringen slechts via-via gehoord. Het gaat dan dus om verklaringen uit de tweede en derde hand. Enkele leerlingen zijn in elkaars bijzijn gehoord. Daardoor valt niet uit te sluiten dat die versies (bewust of onbewust) minder objectief zijn. Of mede beïnvloed zijn door de zienswijze van de ander.

Rechter kan zich geen goed beeld vormen van klachten

De kantonrechter kan zich zo geen beeld vormen van de betrouwbaarheid van de klachten, de wijze van totstandkoming en eventuele oneigenlijke motieven. Ook kan hij niet toetsen of er mogelijk sprake is van een opzetje om de leerkracht ‘een lesje te leren’. Dit in verband met door hem als leerlingbegeleider opgelegde sancties waarvan in elk geval één van de leerlingen niet was gediend. De meisjes wilden niet dat hun ouders van hun klachten zouden weten. Zij waren goed bevriend, tussen enkelen bestonden zelfs familiebanden. Niet valt uit te sluiten dat zij verklaringen onderling hebben afgestemd.

Leerkracht heeft uitvoerig verklaard en uitgelegd

Tegenover deze verklaringen ‘van horen zeggen’ staan de verklaringen van de leerkracht. Die heeft, als getuige, zeer uitvoerig verklaard over de zaken die hem zijn verweten. Hij heeft alle voorvallen gemotiveerd uitgelegd. Meestal ging het om zijn rol als begeleider in het opvanglokaal, waar hij de groep vaak moest aanspreken op ongepast gedrag. Hij heeft verklaard éénmaal de wang van een scholiere te hebben aangeraakt. Dat was in een impuls om een haar weg te halen, hetgeen zij zelf drie maal tevergeefs had geprobeerd.

Die aanraking acht de rechter weliswaar ontoelaatbaar. Maar het gaat te ver om daarvoor het zwaarste middel in te zetten: ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Ook is deze handeling, samen met de verklaringen van de leerlingen, onvoldoende om te spreken van verwijtbaar intimiderend en grensoverschrijdende gedrag. Het verzoek wordt afgewezen.

 

Bron: Kantonrechter Rotterdam, 20 oktober 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:7907
Auteur: Rob Poort | Bureaupoort.nl

> Tip: bijblijven met jurisprudentie en de Arbowet? Kom naar de Arbo Actualiteitendag.

Reageer op dit artikel