artikel

In reactorvat zonder valbeveiliging

Persoonlijke beschermingsmiddelen

Het gaat om zware lichamelijke arbeid en een dergelijke klus wordt normaal gesproken door twee cleaners uitgevoerd die elkaar afwisselen. Als de ene cleaner bezig is, treedt de ander buiten het vat op als tankwacht. Het gaat om schoonmaakwerk bij een bedrijf waar de werknemer al regelmatig is ingezet. De reactor bestaat uit een vat met roerwerk, met bovenin een mangat waardoor men in het (besloten) vat kan komen.

 

Voorafgaand aan de werkzaamheden moeten enkele veiligheidsmaatregelen worden getroffen. Allereerst wordt het roerwerk afgesloten. Ook moet de cleaner die in het vat afdaalt valbeveiliging dragen, zodat hij in geval van een calamiteit uit het vat kan worden gehaald.

 

Bij deze klus kunnen de cleaners hun werk niet afwisselen, omdat de collega van de man niet (meer) beschikt over een ademluchtcertificaat en dus niet kan worden ingezet. Hij fungeert daarom als tankwacht en houdt de veiligheid in het oog. Kort nadat het werk begonnen is constateert de opdrachtgever dat de cleaner geen valbeveiliging draagt. Hij maakt de mangatwacht daarop attent die op zijn beurt de cleaner daarop wijst. Die vraagt om de beveiliging te laten zakken, maar hangt deze vervolgens aan het roerwerk en gaat door met het schoonmaakwerk.

 

Een medewerker van de opdrachtgever ziet dit en laat de cleaner uit het vat komen. Die heeft inmiddels wel de beveiliging omgegord en vervolgt zijn werkzaamheden. Een en ander wordt bij het schoonmaakbedrijf gemeld.

 

De opdrachtgever neemt de zaak hoog op, stuurt een incidentmelding naar het schoonmaakbedrijf en de cleaner wordt op staande voet ontslagen. Die vecht in kort geding zijn ontslag aan.

 De kantonrechter overweegt dat de veiligheidsvoorschriften inhouden dat er valbeveiliging gebruikt wordt. Dergelijke – essentiele – veiligheidsvoorschriften moeten strikt in acht worden genomen, zeker als het gaat om werk op de bodem van een zes meter diep vat, waaruit een werknemer niet zomaar kan ‘ontsnappen’. Bij een calamiteit moet hij met de valbeveiliging snel omhoog kunnen worden gehaald.

 

De werknemer was niet alleen op de hoogte van die verplichting, maar was daar ook nog eens expliciet over aangesproken door het inlenend bedrijf. Maar ondanks die waarschuwing heeft hij nagelaten de valbeveiliging om te doen.

 

Daarom is de kantonrechter van oordeel dat de werknemer roekeloos heeft gehandeld, waarbij hij zichzelf aan ernstig gevaar heeft blootgesteld. Dit op zich levert al een dringende reden op voor ontslag op staande voet. Daarbij acht de rechter het niet eens van belang of de werknemer ook anderen dan zichzelf aan gevaar heeft blootgesteld. Ook een eventuele tekortkoming van de werkgever door iemand mee te sturen die niet was voorzien van een ademluchtcertificaat doet niet ter zake. De kantonrechter wijst de vorderingen af.

 

Wilt u meer jurisprudentie? Lees Vakblad Arbo>>

Reageer op dit artikel