artikel

De uitzendkracht als wegwerpartikel

Veilig werken

Auteur: Loek Kusiak

 

Tussen november 2006 en juli 2007 werkte huisarts Karel van Bever anoniem als interim-arbeider, ofwel uitzendkracht, bij Katoen Natie in Antwerpen. Van Bever (30) was er niet op uit om in de stijl van de Duitse journalist Gunther Walraff wantoestanden op te sporen. “Wel hoorde ik op mijn spreekuur vaak verhalen van patienten over hoge werkdruk, klachten aan de luchtwegen en slijtage aan het bewegingsapparaat. Soms smeekten ze bijna om een prik tegen de pijn om de volgende dag weer aan het werk te kunnen. Want dan kwam er tenminste geld binnen.”

 

Via uitzendbureau Vedior koos Van Bever voor Katoen Natie. “Dit logistieke bedrijf geldt als een Belgisch modelbedrijf, met veel werknemers en veel winst. Ik zocht de beste ongeschoolde job. Door goed mijn best te doen, wilde ik binnen negen maanden een vast contract verwerven.” Een aantal dingen viel Van Bever in zijn eerste werkweek al meteen op: de zware handarbeid, de onveiligheid door snel werken, de onzekerheid onder de uitzendkrachten of ze de volgende dag wel terug mochten komen.

 

Van Bever moest poeders als titaniumoxide, paraloid en ethanox uit big bags van 500 kilo in zakken van 25 of 50 kilo overhevelen. Dat gebeurde onder meer met vorkheftrucks. Maar spierkracht door sjorren en duwen aan zakken en het loswrikken van poeders was het belangrijkst. “Na een dienst kon je niets meer, zo intens moe was je. ‘Interimmers’ bleken wegwerparbeiders. Wanneer ze door hun rug gingen, het tempo niet konden bijhouden of een astma-aanval kregen van het stof, werden ze niet meer opgeroepen.”

 

Waren er instructies over veiligheid? “Wel op papier, maar voor een uitzendkracht, zeker als hij geen Nederlands sprak, was het ondoenlijk die door te nemen. Daar was ook geen tijd voor.” Op internet probeerde Van Bever te achterhalen wat die stoffen met de gezondheid deden. “Vaak was geen informatie over de gevolgen van langdurige blootstelling voorhanden. Maar soms las ik: ‘Vermoedelijk kankerverwekkend’.”

 

Het systeem bij de multinational illustreert volgens Van Bever een ‘alarmerende tendens tot flexibilisering’. “Zogeheten flexicurity lijkt in steeds meer industrieen om ons heen geaccepteerd. Kennelijk valt er alleen nog tegen te concurreren met veel goedkope uitzendkrachten en het omzeilen van aandacht voor werkomstandigheden en veiligheid. Daarbij is Katoen Natie in zoveel kleine units opgedeeld dat de invloed van vakbonden of ondernemingsraad nihil is. De bonden hopen dat mijn boek zal bijdragen aan verandering en vragen mij om lezingen.”

 

Dokter in overall, Karel van Bever, uitgeverij EPO, Berchem-Antwerpen, 17,50 euro

Reageer op dit artikel