artikel

Arboprikkels door de tijd

Veilig werken

Auteur: Peter Kerklaan

 

Van 1903 tot 1967 garandeerde de Ongevallenwet (OW) aan werknemers die een bedrijfsongeval overkwam medische behandeling en inkomenszekerheid bij verzuim en arbeidsongeschiktheid. Dit ongeacht wie schuld had aan het ongeluk. De opzet van de OW oogt verrassend modern. Werkgevers draaiden volledig op voor de uitvoeringskosten van de wet. De Rijksverzekeringsbank (RVB, later Sociale Verzekeringsbank) voerde de OW uit.

Belangrijke doelstelling van de OW was het voorkomen van ongevallen door verbetering van veiligheid in bedrijven en het stimuleren van grotere voorzichtigheid bij werknemers. De wetgever had allerlei economische prikkels ingebouwd om instroom in de verzekering te verminderen.

 

Allereerst moest de keuzemogelijkheid voor een risicodrager de concurrentie bevorderen tussen de publieke en private verzekeraars. Een tweede prikkel gold de werknemer. Die kreeg bij een ongeval niet het volledige gederfde loon uitgekeerd, maar slechts zeventig procent. Ten derde voorzag de wet in samenwerking en informatie-uitwisseling tussen de uitvoerder van de OW en de Arbeidsinspectie om de bedrijfsveiligheid te bevorderen. De RVB legde de bij haar aangesloten werkgevers premies op naar rato van het gemiddelde ongevalrisico van hun bedrijfsactiviteit.

Heeft de OW inderdaad geholpen de veiligheid in verzekerde bedrijven te bevorderen? De RVB publiceerde van 1903 tot 1963 jaarlijks statistisch materiaal over toegekende ongevallen- en beroepsziektenclaims. Tot eind jaren ’30 bleef de incidentie van alle verzuimongevallen tamelijk constant, met toenames in periodes van stijgende conjunctuur en afnames tijdens economische crises. De incidentie van ernstige ongevallen laat eenzelfde patroon zien. In de eerste naoorlogse jaren ligt het ongevalgevaar veel hoger dan voor de oorlog. Vervolgens zet een continue daling in.

 

Tussen 1903 en 1963 is het gemiddelde ongevalgevaar in de verzekerde bedrijven niet gedaald. Verschuiving in werkgelegenheid over die jaren biedt geen verklaring voor de trend, want alle bedrijfstakken vertoonden hetzelfde beeld. Dat de OW zorgde voor verbeterde arbeidsveiligheid klopt dus niet. Tegelijk kunnen we concluderen dat het toezicht van de Arbeidsinspectie op de veiligheid van de bedrijven die onder de OW vielen weinig effect sorteerde. Vooral conjuncturele bewegingen blijken een stempel te hebben gedrukt op het ongevalgevaar. De hoge ongevalincidentie vlak na de oorlog was het gevolg van de rampzalige toestand van het productieapparaat en het vervoer, gecombineerd met een omvangrijke instroom van jonge, onervaren en soms roekeloze werknemers. De lange naoorlogse hoogconjunctuurgolf daarna ging gepaard met een grondige vernieuwing en uitbreiding van productieapparaat en logistiek. Maar het beste nationale recept voor minder arbeidsongevallen en betere arbeidsomstandigheden lijkt het bevorderen van werkgelegenheid en welvaartsgroei.

Reageer op dit artikel