artikel

Geheugenstoornis door het werk?

Veilig werken

Die is volgens hem veroorzaakt door blootstelling aan organische oplosmiddelen. Hij stelt zijn werkgever aansprakelijk.</P><P>Het hof hoort veel getuigen. Het blijkt dat bij de productieprocessen gebruik werd gemaakt van diverse organische oplosmiddelen in een niet geheel gesloten systeem. Bij bepaalde werkzaamheden werd een deel van het systeem geopend, waarbij oplosmiddelen vrij kwamen en blootstelling plaatsvond. Ook bij storingen en calamiteiten kwamen oplosmiddelen vrij.
Maar tijdens het dienstverband van de werknemer werd het productieproces steeds meer gesloten. Ook zijn er maatregelen genomen, zodat storingen minder vaak optraden. Daardoor is de blootstelling van de werknemer niet steeds hetzelfde geweest. Dat hij is blootgesteld aan organische oplosmiddelen kan wel worden aangenomen. Maar de mate waarin dit het geval is geweest, wordt niet duidelijk.
In aanmerking wordt genomen dat vrijwel alle getuigen gedurende een lange reeks van jaren bij het bedrijf hebben gewerkt en dat storingen beter in het geheugen blijven hangen dan vlot lopende processen. Daar komt bij dat het personeel, waaronder ook de werknemer, bij de werkzaamheden waarbij blootstelling plaatsvond, vrijwel altijd persoonlijke beschermingsmiddelen droeg, zoals een Van de Grintenkap of een volgelaatsmasker met filterbus.
Over de concentratie oplosmiddel in de inademingslucht zijn weinig gegevens bekend, die moet dus geschat worden. Daarbij acht het hof van belang dat de reukgrens ver beneden de MAC-waarde lag en dat de werknemers direct actie ondernamen als er sprake was van stank. Ook waren de binnenruimtes voorzien van ventilatie en waren plaatsen waar het systeem (indien nodig) werd geopend, voorzien van puntafzuigingen.
Er zijn dus nogal wat factoren die maken dat het (toch al onduidelijke) beeld van de mate van blootstelling aanzienlijk moet worden gerelativeerd. Door partijen ingeschakelde deskundigen strijden over de hoogte van de vermoede blootstelling. Het hof kiest voor de schattingen van de door het bedrijf ingeschakelde deskundige.
Het gaat er bij de beoordeling van het bewijs niet alleen om dat de werknemer aantoont dat hij tijdens zijn werk is blootgesteld aan voor de gezondheid schadelijke stoffen, maar ook dat hij aannemelijk maakt dat zijn gezondheidsklachten daardoor kunnen zijn veroorzaakt. Volgens het hof is de werknemer er niet in geslaagd aan te tonen dat zijn gezondheidsklachten arbeidsgerelateerd zijn. De vordering wordt afgewezen. Aan de vraag of de werkgever al dan niet heeft voldaan aan zijn zorgverplichting wordt daarom niet toegekomen.
De werknemer gaat in cassatie bij de Hoge Raad. Maar die is van oordeel dat de aangevoerde klachten onvoldoende rechtsgrond hebben. Het cassatieberoep wordt daarom verworpen.

Reageer op dit artikel