artikel

Thuiswerk nog blanco vel

Wetgeving

Hoe vecht je als individuele werknemer tegen werkgevers die thuiswerken wel een goedkope oplossing vinden en het niet zo nauw nemen met arbeidsomstandigheden? Van Zijst: ‘Dat is zeker een punt. Tot nu toe hebben we alleen nog maar positieve ervaringen zoals bij Interpolis en Microsoft. Nu thuiswerken meer gestimuleerd wordt, moeten we misschien ook eens wat meer nadenken over bijvoorbeeld risico-inventarisaties. Het is inderdaad lastiger om tweehonderd verschillende werkplekken te controleren dan tweehonderd onder een dak. Maar we krijgen geen signalen over misstanden. Als die zich voordoen, reageren we en kunnen we altijd nog kijken of we de regelgeving moeten aanpassen.’

 

Ook de Arbeidsinspectie zit voorlopig even stil. Woordvoerster Magda de Vette weet dat thuiswerk gepromoot wordt in de cao-onderhandelingen, maar wacht af. ‘Thuiswerk vormt geen groot risico. Nog geen twee procent van de Nederlandse beroepsbevolking werkt twee of meer dagen vanuit huis. We krijgen ook zelden klachten. Bovendien hebben we het idee dat het minder belastend is dan regulier kantoorwerk.’

 

Toch blijft de Arbeidsinspectie de ontwikkelingen nauwgezet volgen. ‘Het is een vrij nieuwe manier van werken en je weet van tevoren niet wat kan gebeuren. Misschien veranderen de omstandigheden wel zodanig dat bepaalde vormen van thuiswerk grote risico’s gaan opleveren. Dan kunnen we vrij snel voldoende inspectiecapaciteit vrijmaken. Ons beleid blijft gericht op het bestrijden van grote risico’s door verzuim en arbeidsongeschiktheid en het monitoren van klachten en ongevallen. Goede werkomstandigheden blijven de verantwoordelijkheid van de werkgever. Ook thuis.’

 

Paul Settels, ergonoom en health services consultant van de Interne Arbodienst ING, is een voorloper op het terrein van thuiswerken. ING werkt al tien j aar met het begrip thuiswerk en dat zal alleen maar in omvang toenemen, meent Settels. ‘We zitten midden in een reorganisatie door het samenvoegen van ING Bank en Postbank. Thuiswerk wordt steeds meer manifest.‘

 

Via leveranciers worden met behulp van een intranet-thuisplan goede werktafels, werkstoelen en werkverlichting ter beschikking van de werknemers gesteld. ING geeft aanwijzingen voor een goede installatie, die dan ook door de fabrikanten op een dag bij de werknemer wordt uitgevoerd. ‘We zorgen er ook voor dat een werknemer de beschikking krijgt over een dockingstation voor laptops, goede beeldschermen, een aparte muis en een goed toetsenbord. De monteur van de leverancier stelt alles af. Wij coordineren dat. Vervolgens houden we ook een goede controle op de thuiswerkplek. Wij betalen de kosten. Mocht de werknemer echter een ‘goud op snee’ inrichting willen, dan betaalt hij die zelf. Het is alles of niets.’

 

ING’ers moeten via intranet een checklist invullen voor thuiswerk. Door daar een handtekening onder te zetten, beloven ze dat de lijst goed en naar waarheid is ingevuld. Bovendien kunnen ze bezocht worden door de arbodienst in het kader van de verplichte risico-inventarisatie en evaluatie (RIE). ‘Vervolgens controleren we steekproefsgewijs. Mocht blijken dat de betreffende afdeling er een potje van heeft gemaakt, dan spreken we de leidinggevende er direct op aan. Goede arbeidsomstandigheden zijn de verantwoordelijkheid van de werkgever; dus de manager. Ook bij thuiswerk. Verzuim is een managementprobleem. Wij faciliteren.’

 

De vraag is logisch. Heeft Settels in die tien jaar thuiswerk al eens aan de bel moeten trekken? ‘Niet een keer. Sterker: we hebben hele goede resultaten geboekt. Medewerkers zijn productiever omdat ze meer welbevinden kennen. We werken op basis van output. We spreken onze mensen aan op de ‘klus’ die ze moeten klaren. Niet op het tijdstip dat ze kiezen om te werken. En dus hebben ze veel meer regelmogelijkheden om bijvoorbeeld de kinderen op te halen of tijd met hen door te brengen. De werktijd wordt dan verlegd naar de avond. Gevolg is dat ze meer tevreden zijn. Dat vertaalt zich ook in verzuimcijfers.’

 

De continue bezetting van de kantoren van ING verandert. Het aantal werkplekken kan dus ook verminderd worden. Toch ziet Settels geen kantoorloos bedrijf ontstaan. ‘Nee, er is natuurlijk altijd behoefte aan gezamenlijk overleg. En voor onze jonge medewerkers die net de collegebanken zijn ontgroeid, kan een kantoor ook heilzaam zijn. Het is niet ideaal om bijvoorbeeld in een studentenhuis tussen de lege bierflessen te werken. Vergeet bovendien niet dat werk ook een sociaal gebeuren is.’ De consultant en ergonoom vindt het een zwaktebod als we voor goede arbeidsomstandigheden op de thuiswerkplek afhankelijk worden van een controleapparaat als de Arbeidsinspectie. ‘Als grote organisatie ben je zelf verantwoordelijk voor een prettige werkomgeving. Je moet ervoor zorgen dat werknemers goed kunnen en willen presteren. Als je je alleen aan de Arbowet houdt, bied je werknemers alleen het minimale. Ze gaan nog net niet dood, maar je verdient als bedrijf geen sikkepit. Ik pleit niet voor een strikte controle door de inspectie. Natuurlijk komen er straks ook ‘cowboys’ op de markt die lekker goedkoop medewerkers thuis in een slechte werkomgeving laten werken. Die komen zichzelf wel tegen omdat ze een vette claim aan de broek krijgen. Als werkgever word je steeds meer verantwoordelijk. Goede zaak. Of wij al eens een claim om de oren kregen? Natuurlijk niet. Dat moet je toch ook niet willen?’

 

Wet en regelgeving telewerken

 

Artikel 3 van de Arbowet bepaalt dat de werkgever zorgt voor de veilig heid en de gezondheid van de werknemers inzake alle met de arbeid verbonden aspecten en daarbij een beleid voert dat gericht is op zo goed mogelijke arbeidsomstandigheden.

 

Bij telewerken vanuit huis is hoofdstuk 5, afdeling 1 (fysieke belasting) en afdeling 2 (beeldschermwerk) van het Arbeidsomstandighedenbesluit van toepassing.

 

Daarnaast geldt de ‘zorgplicht van de werkgever’ op grond van het Burgerlijk Wetboek. De werkgever heeft de zorg voor een veilige werk omgeving (art. 7:658 BW) en de plicht om een goed werkgever te zijn (art. 7:611 BW). Ook is hij aansprakelijk voor een bedrijfsongeval of beroepsziekte (art. 7A: 1638XBW).

 

Grote bedrijven als KPN en Achmea vergoeden deels en onder voor waarden de kosten voor het inrichten van een werkplek volgens arbonormen.

 

 

Bron: conceptaanbeveling Mobiliteit en telewer ken stichting van de Arbeid

 

Reageer op dit artikel