artikel

Dodelijk ongeluk ondanks maatregelen

Wetgeving

Hij komt te overlijden en het bedrijf wordt door het Openbaar Ministerie vervolgd, omdat er geen doeltreffende maatregelen zijn getroffen (artikel 10 Arbowet 1998). Met name gaat het om overtreding van art. 7.17c lid 5 en 6 Arbobesluit (oud). Het OM vindt dat er geen doeltreffende verkeersmaatregelen waren genomen en ook dat er geen adequate maatregelen waren getroffen om te voorkomen dat mensen in de werkzone van de shovel konden komen.

De rechtbank stelt vast dat het bedrijf wel een aantal maatregelen had getroffen. Er stonden bij de ingang van het terrein en bij de weegbrug verbodsborden met de tekst ‘5 km’. Ook stond er bij de ingang een bord met de tekst ‘Bedrijfsvoertuigen hebben op dit terrein te allen tijde voorrang’. Verder was het bekend dat je goed moest opletten als je het terrein op moest en ook dat je steeds oogcontact moest houden met de machinist van de shovel. De shovel was voorzien van een achteruitrijdsignaal. Dat was zelfs zo luid dat dit bij de buurtbewoners tot klachten wegens geluidsoverlast heeft geleid. De inspecteur van de Arbeidsinspectie heeft bevestigd dat het signaal werkte.

Op grond van dit alles komt de rechtbank tot vrijspraak. Dat de maatregelen die het bedrijf had genomen niet voldoende doeltreffend waren, betekent nog niet dat het bedrijf tekort is geschoten. Niet alleen de werknemers, maar ook het slachtoffer waren met deze maatregelen bekend. Uitgaande van de tekst van artikel 10 Arbowet 1998 is het volgens de rechtbank niet de bedoeling van de wetgever geweest om bij elke verwezenlijking van gevaar, alle genomen maatregelen ten spijt, ervan uit te gaan dat er dan dus geen doeltreffende maatregelen zijn genomen. Daarom acht de rechtbank het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen.

Reageer op dit artikel