artikel

Ingehuurde zzp’er maakt noodsmak

Wetgeving

De werkgever vindt dat hij niet verantwoordelijk is voor de arbeidsomstandigheden van de zzp’er en dat hij bovendien voldoende instructies heeft gegeven. Ook voert de werkgever aan dat de zzp’er de veiligheidsvoorschriften kende en dus nooit het werk had mogen uitvoeren zonder de juiste veiligheidsmaatregelen te nemen. De Arbeidsinspectie legt de inlenende werkgever een boete op van 2700 euro, omdat die het valgevaar niet heeft tegengegaan. Het bezwaar wordt ongegrond verklaard en de werkgever stapt naar de rechter.

Volgens de rechtbank is de kernvraag of de werkgever ten opzichte van de arbeidskracht die als zzp’er staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, kan worden aangemerkt als werkgever in de zin van de Arbowet. De rechtbank is van oordeel dat het slachtoffer werkzaam was onder gezag van de werkgever. Die had de zzp’er, die weinig ervaring in de bouw had, gevraagd voor hem te komen werken. Hij gaf hem ook de opdrachten.

De werkgever was daarom verantwoordelijk voor de arbeidsomstandigheden. Overtreding van artikel 3.16 Arbobesluit kan hem dan ook worden aangerekend. De werkgever heeft niets gedaan om het ongeval te voorkomen. Van voldoende instructies is niets gebleken en bovendien moest het weinig ervaren slachtoffer zonder begeleiding de werkzaamheden uitvoeren. Het beroep wordt verworpen.

 

Reageer op dit artikel