artikel

CBP-rapport: Privacyregels geen barrière voor reïntegratie zieke werknemer

Geen categorie

Het college signaleert een spanningsveld tussen de informatiebehoefte van de diverse partijen die een rol spelen bij controle, reintegratie of loondoorbetaling van een zieke werknemer en de privacyregelgeving. Betrokken partijen hebben persoonsgegevens van de zieke werknemer nodig om hun werkzaamheden uit te voeren. Sommige ontvangen graag zo veel mogelijk informatie vanuit het idee dat op basis daarvan zij de werkzaamheden het best kunnen uitvoeren. De privacywetgeving gaat echter uit van het noodzakelijkheidsvereiste. Ook andere wetgeving hanteert dit beginsel.

 

Het noodzakelijkheidsvereiste houdt in dat niet meer gegevens gevraagd of verstrekt mogen worden dan noodzakelijk is voor het doel waarvoor de gegevens zijn verzameld. Hierdoor ontvangen partijen de informatie die zij nodig hebben voor hun taak, terwijl de inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van de zieke werknemer zo klein mogelijk blijft. Het verzamelen of doorgeven van informatie die eventueel van pas kan komen, voldoet niet aan dit vereiste.

 

In de praktijk blijkt dat de invulling van dit noodzakelijkheidsvereiste niet altijd gemakkelijk is. Door gebrek aan heldere regels zal een werkgever, arbodienst of reintegratiebedrijf per situatie een afweging moeten maken welke gegevens noodzakelijk zijn om te verzamelen of uit te wisselen. Het CBP-rapport bevat uitspraken over welke gegevens wel en niet verzameld en uitgewisseld mogen worden in een aantal veelvoorkomende situaties (zie hiervoor ook het kader ‘Relevante vuistregels’). Door de vele open normen in de wetgeving kan het CBP niet voor alle situaties algemene uitspraken doen, omdat hiervoor een individuele afweging van de noodzakelijke gegevens moet worden gemaakt. Het CBP pleit al jaren bij de overheid voor een nadere invulling van deze open norm, zodat organisaties niet steeds zelf het wiel hoeven uitvinden en er tegelijkertijd een meer uniforme uitvoeringspraktijk kan ontstaan.

 

Het medisch beroepsgeheim vormt een belangrijke barriere tegen het uitwisselen van privacy-gevoelige informatie. De bedrijfsarts speelt een belangrijke rol bij de uitwisseling van gegevens over de zieke werknemer. Hij is vaak de enige, naast de behandelend arts, die beschikt over medische informatie.

 

De bedrijfsarts heeft de taak om als filter te fungeren en medische gegevens om te zetten in voor de betrokken partijen noodzakelijke en relevante informatie. Hierbij wordt de informatie gedemedicaliseerd. Zo heeft de werkgever voor het beoordelen van de loondoorbetalingsverplichting, de begeleiding bij ziekteverzuim en het uitvoeren van zijn reintegratieverplichtingen in beginsel geen medische informatie van de bedrijfsarts over de aard en oorzaak van de ziekte nodig. Wel dient hij te weten in welke mate een werknemer arbeidsongeschikt is, wat zijn functionele beperkingen zijn en welke aanpassingen eventueel nodig zijn in verband met de reintegratie.

 

In sommige gevallen is het echter onvermijdelijk dat de bedrijfsarts – indirect – gegevens over de aard of oorzaak van de ziekte aan de werkgever verstrekt. Bijvoorbeeld als het ziektebeeld evident is op basis van de informatie over de functionele beperkingen en de reintegratie-inspanningen. Ook aan het reintegratiebedrijf verstrekt de bedrijfsarts in principe geen medische gegevens. Alleen wanneer dit noodzakelijk is voor de afgesproken reintegratieactiviteiten, is deze verstrekking in specifieke situaties toegestaan. Bijvoorbeeld in het geval dat de bedrijfsarts een zieke werknemer doorverwijst naar een psycholoog werkzaam bij een reintegratiebedrijf, kan de verstrekking van noodzakelijke gegevens ook medische informatie bevatten. In dat geval vindt de gegevensverstrekking plaats op basis van een wettelijke verplichting (artikel 8, zesde lid, Wet Rea) en is er geen toestemming van de werknemer nodig.

 

Omdat de reikwijdte van het medisch beroepsgeheim van de bedrijfsarts bij de gegevensverstrekking aan het reintegratiebedrijf minder is uitgekristalliseerd, nemen bedrijfsartsen hierbij vaak het zekere voor het onzekere en vragen zij eerst de toestemming van de werknemer. Dit geeft de zieke werknemer de mogelijkheid om af te zien van gegevensverstrekking, terwijl hij tegelijkertijd de verplichting heeft om mee te werken aan zijn reintegratie. Naar het oordeel van het CBP dienen bedrijfsartsen daarom slechts in beperkte mate toestemming te vragen; bijvoorbeeld voor het doorgeven van informatie die onder het medisch beroepsgeheim valt.

 

RELEVANTE VUISTREGELS UIT HET CBP-RAPPORT

 

»De arbodienst en werkgever informeren de zieke werknemer over het doel (controle en verzuimbegeleiding) waarvoor zij de persoonsgegevens verwerken.

 

»De arbodienst beperkt zich bij de informatieverstrekking aan de werkgever tot de informatie die noodzakelijk is voor de werkgever in verband met het beoordelen van de loondoorbetalingsverplichting, de verzuimbegeleiding en reintegratie.

 

»De bedrijfsarts mag alleen met uitdrukkelijke toestemming van de zieke werknemer aanvullende informatie, zoals medische informatie, aan de werkgever verstrekken.

 

»De bedrijfsarts kan de werkgever slechts met uitdrukkelijke toestemming van de zieke werknemer informeren over regresrecht en de vangnetbepalingen van de Ziektewet.

 

»De bedrijfsarts mag de werkgever informeren over de mate en wijze waarop het ziekteverzuim werkgerelateerd is in het geval dat de informatie over de functionele beperkingen en noodzakelijke aanpassingen onvoldoende informatie bevat voor de reintegratie, bijvoorbeeld in de situatie van een arbeidsconflict.

 

»De arbodienst vermeldt op de rekening aan de werkgever geen persoonsgegevens van de zieke werknemer.

 

»De arbodienst en de werkgever verstrekken aan het reintegratiebedrijf de noodzakelijke gegevens over de zieke werknemer voor het afgesproken reintegratietraject. De arbodienst en de werkgever informeren elk de zieke werknemer vooraf welke gegevens dit zijn.

 

»Wat betreft de medische gegevens verstrekt de arbodienst de voor de reintegratie noodzakelijke aan het reintegratiebedrijf. Hij informeert de zieke werknemer hierover vooraf.

 

»De werkgever informeert de zieke werknemer dat hij in het SMT besproken wordt, dan wel kan worden.

 

 

Een zorgvuldige omgang met persoonsgegevens vereist dat de zieke werknemer op de hoogte is van de gegevens die over hem gebruikt worden, zodat hij erop kan toezien dat dit op een rechtmatige wijze plaatsvindt. Op basis van gegevensuitwisselingen tussen diverse partijen worden er voor de zieke werknemer immers belangrijke beslissingen genomen over bijvoorbeeld de loondoorbetaling

 

de voorgestelde reintegratieactiviteiten of de beoordeling van een WAO-aanvraag. Het is daarom van groot belang dat deze gegevensuitwisseling op een transparante wijze plaatsvindt.

 

In de Wet bescherming persoonsgegevens is dan ook een duidelijke informatieverplichting opgenomen voor alle betrokken partijen, waaronder de werkgever, de arbodienst en het reintegratiebedrijf. Deze partijen moeten de zieke werknemer niet alleen informeren over de soort gegevens die over hem worden verwerkt, maar ook met welk doel en wie hiervoor verantwoordelijk is. Goede informatie aan de werknemer is met name belangrijk bij de gegevensverwerkingen van de werkgever en de arbodienst. Hoewel de werkgever verantwoordelijk is voor controle en reintegratie, heeft de arbodienst hierin een belangrijke adviserende taak. In de praktijk is deze rolverdeling tussen werkgever en arbodienst met betrekking tot controle en reintegratie vaak onbekend. Als toezichthouder roept het CBP alle partijen op serieus inhoud te geven aan deze informatieverplichting.

 

In bepaalde situaties moeten partijen de zieke werknemer ook informeren op het moment dat er een daadwerkelijke gegevensverstrekking gaat plaatsvinden. Bijvoorbeeld wanneer de arbodienst gegevens over de reintegratieactiviteiten van de zieke werknemer aan het reintegratiebedrijf levert en vice versa. Dat geldt ook voor situaties waarin de gegevensverstrekking negatieve gevolgen voor de zieke werknemer heeft. Bijvoorbeeld in het geval dat de bedrijfsarts de werkgever informeert over een arbeidsconflict, of het reintegratiebedrijf aan de werkgever doorgeeft dat de werknemer niet meewerkt aan het reintegratietraject.

 

MEER INFO

 

Het rapport De zieke werknemer en privacy is telefonisch bij het College bescherming persoonsgegevens te bestellen of te downloaden van de website ( www.cbpweb.nl). Meer informatie over privacy is te vinden op www.cbpweb.nl. Het college is onafhankelijk toezichthouder op de naleving van de privacywetgeving in Nederland. Voor juridisch advies heeft het dagelijks, behalve op woensdag, een telefonisch spreekuur

 

van 9.00-12.00 uur, telefoon 070-381 13 00.

 

 

Reageer op dit artikel