artikel

Chemische reacties

Geen categorie

Op de dag van het ongeval vervangen twee collega’s van de werknemer de filters van twee pompen van de baden waarin materialen met chemicalien worden bewerkt. Deze pompen staan op een verhoging van houten planken. Daaronder loopt een zogenaamde calamiteitengoot, een opvangbak voor gemorste en weggelekte vloeistoffen uit de baden.

 

Bij hun werkzaamheden aan de eerste pomp morst het duo een zuurhoudende vloeistof, die zij met water in de calamiteitengoot spuiten. Vervolgens gaan de werknemers aan de slag met de tweede pomp. Daarbij morsen zij opnieuw wat vloeistof, dit keer cyanidehoudend, die zij opnieuw keurig in de calamiteitengoot spoelen.

 

In de goot is echter nog het gemorste zuur uit het eerste bad aanwezig. De cyanide reageert met het zuur. Hierbij komt cyaanwaterstof – blauwzuur – in gasvorm vrij. Zoals bekend is dat een gevaarlijk goedje. Het is niet alleen irriterend, maar het kan ook inwerken op het zenuwstelsel en is in potentie dodelijk.

 

Bij het incident is het niet slechts een beetje blauwzuurgas dat vrijkomt. Als de werknemers, gewaarschuwd door de cyanidegeur, een draagbare detector ter hand nemen, slaat de meter zelfs door. De MAC-waarde van 10 ppm wordt vele malen overschreden. In een poging om de cyanidehoudende vloeistof te neutraliseren, gieten de geschrokken werknemers daarop snel tien tot vijftien liter natriumhypochloriet – bleekloog – rechtstreeks op de houten vloer. Ook deze vloeistof stroomt de calamiteitengoot in, waar zich nog steeds wat zuur bevindt. De bleekloog reageert met het zuur en er ontstaat chloorgas. Ook dit is een gevaarlijke stof, waarvan inademing dodelijk kan zijn.

 

De chemicalien en het chloorgas stromen langzaam door de licht hellende calamiteitengoot in een open en onafgedekte calamiteitengoot van een naastgelegen afdeling. Waar de twee goten samenkomen, ligt een open looprooster. Het chloorgas ontsnapt hierdoor en verspreidt zich in de ruimte. Het slachtoffer ademt het in, vermoedelijk samen met wat cyaanwaterstof.

 

De werknemers waren niet bevoegd om de cyaanwaterstof te neutraliseren. Volgens de procedure was dat een taak van de brandweer of een gespecialiseerd bedrijf. De medewerkers waren goed op de hoogte van de gevaren: ze kregen jaarlijks veiligheidsvoorlichting en -onderricht. Het is dan ook een raadsel waarom zij niet conform de procedures hebben gewerkt.

 

In het boeterapport vermeldde de Arbeidsinspectie twee overtredingen. Het bedrijf had niet de nodige voorzieningen getroffen om de ongewilde gebeurtenis met gevaarlijke stoffen zoveel mogelijk te vermijden (overtreding van artikel 4.4 lid 2 van het Arbeidsomstandighedenbesluit). Verder had het verzuimd om het ongeval bij de Arbeidsinspectie te melden (overtreding van artikel 9 van de Arbeidsomstandighedenwet). Volgens de letter van de wet had het bedrijf het ernstige ongeval met ziekenhuisopname ‘onverwijld’, dat wil zeggen binnen 24 uur, aan de Arbeidsinspectie door moeten geven.

 

Reageer op dit artikel