artikel

Dyane zoekt een baan, maar vindt ze ook geluk?

Geen categorie

Vier jaar zit Dyane[1]  nu alweer bij het detacheringsbedrijf waar ze direct na haar hbo-studie Software Engineering begon. Ze is betrokken en ze noemt zichzelf idealiste. Haar idealistische ‘ei’ wil ze ook in haar werk kwijt kunnen. Hoezeer het bedrijf waar ze nu werkt haar ook bevalt, Dyane wil toch iets meer: ‘Ik merk dat ik liever met een groep vaste collega’s zou werken. En al dat reizen bevalt me ook steeds minder.’

 

Haar grote liefde is Finn, een jonge Noor, met wie ze in Utrecht samenwoont. Eens in de twee weken doet ze aan ‘Nordic walking’ met verstandelijk gehandicapten. Ze vertelt hoe gelukkig ze wordt van de blije gezichten van de deelnemers. Maar er speelt meer. Dyane is 29: ‘Ik wil graag kinderen krijgen. Niet nu gelijk, maar het zal er de komende jaren toch van moeten komen.’

 

Voldoende reden, vindt Dyane, om op zoek te gaan naar een nieuwe baan. ‘Ik hoor het om me heen ook: na vier jaar wordt het tijd om te verkassen, maar ik merk het ook aan mezelf. Ik begin over heel andere dingen na te denken. Ik wil mijn geluk in eigen hand nemen.’ Daarom gaat ze solliciteren bij twee bedrijven: het kleine en dynamische IT4Care en de idealistische bank ASV-Bank.

 

Lex, oprichter en directeur van IT4Care, is altijd wel op zoek naar nieuwe talenten voor zijn dynamische bedrijf, dat software bouwt voor ziekenhuizen en zorginstellingen. Iemand met Dyane’s capaciteiten zou hij goed kunnen gebruiken. In het gesprek werkt het enthousiasme van Lex aanstekelijk, maar hij stelt ook eisen: ‘Als jij je eigen werk ‘aardig’ vindt, dan doe je jezelf tekort. Wat vind je leuk aan je werk, wat vind je leuk aan ons? Dat is de kern.’ IT4Care is een gepassioneerd bedrijf. Lex eist die passie ook van zijn werknemers. ‘We hebben drie gouden regels: een: de klant moet blij zijn; twee: de klant moet blij zijn, en drie: de klant moet blij blijven. We zijn dus heel flexibel. Als het mooi weer is, gaan we wel eens om drie uur naar buiten. Maar als er een project af moet, gaan we ‘s nachts en in het weekend door.’

 

‘Kinderopvang?’ Het lijkt alsof Lex even een vies gezicht trekt, maar met dezelfde joyeuze overtuigingskracht zegt hij: ‘Ik ga je niet van huis naar kantoor dragen. We zijn de overheid niet. Ik ken genoeg vrouwen van 29 in dit vak die dat heel goed zelf kunnen regelen.’

 

Lex mag dan hard klinken, maar toch ziet Dyane wel wat in de uitdaging van zo’n klein bedrijf. Ze vraagt zich wel af of ze met de Spartaanse arbeidsvoorwaarden gelukkig zou kunnen worden. Voor Lex bestaat daar geen twijfel over: ‘Eigen ideeen zijn welkom, hoor. Als jij een cursus Zen wil doen, dan mag dat. Sterker nog, dan doe ik met je mee.’ Hij wil eigenlijk direct tot zaken komen. ‘We werken als vrienden op een expeditie. Het is buffelen en afzien, en je kaffert elkaar soms uit, maar je kunt wel op elkaar vertrouwen.’ Met tegenzin gaat hij ermee akkoord dat Dyane eerst nog met een ander bedrijf, de ASV-bank, gaat praten.

 

Dyane, onder de indruk van het enthousiasme van IT4Care, stelt de helderheid van het bedrijf op prijs: ‘Het zijn cowboys, maar daar bestaat ook geen misverstand over. Het zijn jonge honden en zo’n cultuur trekt me wel heel erg. Alles kan hier. Ik moet er wel voor kiezen, want ik zal die cultuur ook niet kunnen veranderen. Lex vind dat ik tot de besten behoor. Dat vleit me. Ik kan ook zeggen: ik ga hier vier jaar voor en dan stel ik die kinderwens wel uit. Op mijn 33ste moet het ook nog kunnen, toch?’

 

Meneer Witteveen van de ASV-bank vertelt tijdens het solicitatiegesprek met Dyane dat ASV-Bank erg aan het welzijn van zijn medewerkers hecht: ‘We willen onze medewerkers ook alle kansen bieden om zich te ontwikkelen. Als je iets wilt, dan kan dat.’

 

De baan bij de ASV-bank, landelijk helpdeskmedewerker voor het hoofdkantoor en de twaalf regionale vestigingen, is een stuk minder interessant dan het werk dat ze nu doet, maar het kantoor is bij Dyane om de hoek en het salaris is veel beter dan wat ze nu heeft. En er is meer. ‘De balans werk-prive is voor ons erg belangrijk. Kinderopvang is goed geregeld, er is een eigen bedrijfsshop voor medewerkers die geen tijd hebben om boodschappen te doen.’

 

Meneer Witteveen lijkt ook echt in Dyane als mens geinteresseerd. Hij vraagt haar waar ze over vijf jaar wil staan en raakt niet van zijn a propos als dat in de speeltuin blijkt te zijn, met haar twee kindertjes. ‘Daar kunnen wij mogelijkheden voor bieden, om bijvoorbeeld korter te gaan werken.’ Het zou zelfs eventuele opleidings- en groeitrajecten niet in de weg staan. Als Dyane over twee jaar teamleider wil zijn, als eerste stap in een managementcarriere, dan is dat goed mogelijk.

 

Meneer Witteveen heeft geen problemen met een bedenktijd voor Dyane, maar die heeft haar besluit eigenlijk al genomen.

 

Op een schaal van 0-10 punten geeft Dyane niet meer dan zes en een half voor haar kansen op geluk bij IT4Care: ‘Ik zie er tegenop om er weer voor te moeten gaan. Het komt op een verkeerd moment. De inhoud lijkt me echt prachtig, maar dat ik continu voor mezelf moet opkomen, zelf mijn grenzen moet bewaken, daar heb ik geen zin in.’

 

Veel positiever is ze over de ASV-bank. Ook al is de functie van Helpdeskmedewerker onder haar niveau, de groeikansen en de zekerheid vindt Dyane veel belangrijker. Ze geeft een acht en een half voor haar gelukskansen bij het bedrijf van Meneer Witteveen: ‘Ik krijg rust, het is vlakbij en ik kan heel snel teamleider worden. Bovendien: ik zie dit als een time-out. Misschien wil ik wel uit de IT en door in het management. En bovendien doen ze niet moeilijk over mijn kinderwens.’ Bij IT4Care was Lex er eigenlijk ook al uit. Met iemand als Dyane, hoe goed ze ook gekwalificeerd is voor de baan, is het slecht werken bij het bedrijf: ‘Als er geen klik is, dan gaat het niet. Als ze nog met anderen wil praten, als er nog een paar dagen nagedacht moet worden, dan hoeft ze niet meer te komen. In mijn bedrijf praat ik niet over een schaal van 0 tot 10. Er is slechts de keuze voor 0 of 10. Dit is dus een 0.’

 

Bij de ASV-Bank is Meneer Witteveen ervan overtuigd dat Dyane een goede kracht voor de bank zal zijn. ‘Ze zoekt een mooie balans tussen werk- en prive-leven, en ik verwacht veel van haar ambitie om het management in te gaan. Wij kunnen wel mensen gebruiken die niet hun hele leven aan hetzelfde vakgebied vast willen houden.’ Dat ze overgekwalificeerd is voor de functie vindt hij geen bezwaar: ‘Als ze dat zelf wil, is dat voor ons geen probleem. Bovendien wil ze doorgroeien.’

 

Alle deelnemers aan het rollenspel kunnen na afloop de keuze van Dyane begrijpen. Lex van Sonderen van Proteon vraagt zich wel af of het voor Dyane niet ‘megasaai’ wordt: ‘Hoe gaat ze dit volhouden?’ Toch begrijpt hij ook waarom Dyane haar beslissing ziet als de beste waarborg voor haar geluk, nu en in de toekomst. Loek Bosman van Hay Consultants zag de bui in het gesprek bij IT4Care al hangen: ‘Ik denk niet dat het goede doel van IT4Care iets zal uitmaken voor Dyane’s werkplezier. Een IT-project is een IT-project en als het af moet, moet het af. Dan merk je helemaal niets meer van dat mooie doel. Je ziet geen artsen of verpleegsters, alleen IT’ers.’ Nu zie je die als helpdeskmedewerker bij ASV-bank ook niet, zo weet Heerke Witteveen van Fortis Bank te melden, maar daar tellen de groeikansen weer zwaarder.

 

Gerard van Linden van de CNV Dienstenbond was wel te spreken over de complimenten die Lex voor Dyane over had, maar verder vond hij het een Wild West-sollicitatie: ‘En de toekomst van dit soort bedrijven is natuurlijk uiterst onzeker. Ze hebben geen idee over personeelsbeleid en plannen nooit verder dan een jaar vooruit.’ Lex van Sonderen, die erkent dat er tussen hemzelf en zijn rol in het rollenspel weinig verschil is, ziet dat ook wel in: ‘Voor mij tellen het enthousiasme en de lol van dit bedrijf in deze fase. Als het te groot groeit, worden we waarschijnlijk opgekocht en ga ik weer op zoek naar iets nieuws. Dan komt er hier een rustiger directeur op de tent passen.’

 

Het feit dat een bedrijf als IT4Care met al zijn werknemers eigen arbeidsvoorwaarden afspreekt, zien sommigen wel als een bezwaar. Men vreest wrijving als collega’s erachter komen dat de een meer heeft dan de ander. Volgens Lex van Sonderen bestaat dat risico inderdaad, maar hij stelt ook: ‘Die arbeidsvoorwaarden die bij elke werknemer verschillen, dat is de onderste laag. De bovenste laag van de arbeidsvoorwaarden is het bedrijf en het enthousiasme voor het bedrijf. De rest is secundair. Als het met die bovenste laag niet goed gaat, gaat het daaronder ook niet meer.’

 

Verschillen in arbeidsvoorwaarden zijn tot op zekere hoogte ook juist wenselijk, zo stelt Heerke Witteveen: ‘Ook bij Fortis zorgen wij voor een aanbod op maat. Werknemers zijn vrij om daaruit hun eigen keuze te maken.’

 

‘Maar motivatie bereik je het beste met gelukkige werknemers die plezier hebben in hun werk’, oppert Gerard van Linden. Loek Bosman valt hem bij: ‘Het is dus verschrikkelijk belangrijk om duidelijk te zijn. What you see is what you get.’ Lex van Sonderen kent een geval uit zijn eigen praktijk: ‘Ik heb eens een sollicitatiegesprek gehad met een vrouw die een baan bij ons wilde. Ik vroeg haar op zeker moment: wat vind je nou het allerleukste, what makes you tick? Toen zei ze: naar mijn zoontje kijken. Toen was het voor mij duidelijk. We hebben het nog wat over het weer gehad, over kinderen, en we hebben daarna van elkaar afscheid genomen.’

 

‘Het is opvallend dat Dyane lijkt te kiezen voor geluk’, mijmert Loek Bosman. ‘Maar dat is een keuze die heel weloverwogen, heel rationeel genomen lijkt. Ik vraag me af of geluk mogelijk is zonder de passie die er bij een man als Lex lijkt te leven.’ Volgens Lex kiest Dyane niet voor geluk op het werk, maar voor geluk met het werk: ‘Die twee staan niet in tegenstelling tot elkaar, maar het is een totaalpakket. Heb je van het een te weinig, neem je meer in het andere.’

 

Volgens Gerard van Linden is de casus een bewijs van zijn stelling dat een duidelijk pakket arbeidsvoorwaarden, dat met de vakbonden is afgesproken, zoals bij de ASV-bank, en natuurlijk ook een vast contract met zekerheid op lange termijn een essentiele bijdrage zijn aan het geluk. Loek Bosman is het daar niet mee eens: ‘Het is met vastigheid net als met drugs: hoe meer je ervan krijgt, hoe meer je ervan nodig hebt. Zekerheid maakt mensen afhankelijk en bang om hun zekerheid kwijt te raken. En zeker bij de grotere banken zitten mensen vaak met gouden ketenen aan het bedrijf vast. Denk maar eens aan de korting op de hypotheek die ze vaak hebben.’

 

Volgens Lex van Sonderen zit geluk veel meer in de trots over wat je samen bereikt. ‘Geluk regel je niet met procedures.’ Het brengt Gerard van Linden tot de conclusie dat mensen ook zelf verantwoordelijkheid moeten nemen voor hun geluk. Als mensen hun werk niet leuk vinden en daar is niets aan te veranderen op die werkplek zelf, dan kunnen ze naar een andere baan zoeken.’

 

En daarmee, zo stelt Loek Bosman, is het belangrijkste kenmerk van geluk gegeven: ‘Mensen moeten hun ambities kunnen waarmaken.’

 

Werken aan geluk: bedrijven

 

Do’s:

 

• Zorg voor eigen verantwoordelijkheid en regelmogelijkheden in alle geledingen van het bedrijf;

 

• Maak de missie en de resultaten van het bedrijf in alle lagen voelbaar;

 

• Schep veiligheid, openheid en eerlijkheid;

 

• Wees voldoende flexibel: een bedrijf heeft evenveel types werkende als er werknemers zijn: hun wensen verschillen, hun leeftijden verschillen en daarbinnen verschillen ze ook nog eens in opvattingen;

 

• Zorg voor duidelijkheid. Ook over die zaken die niet zeker zijn;

 

• Zorg dat je op de hoogte blijft van de capaciteiten en verlangens van je personeel, door bijvoorbeeld POP’s en functioneringsgesprekken.

 

Don’ts

 

• De zorgplicht van de werkgever overdrijven;

 

• Alleen goed nieuws brengen;

 

• Teveel regelen;

 

• Mensen uitputten;

 

• Weglopen voor problemen;

 

• Teveel keuzemogelijkheden bieden.

 

 

Maar heeft streven naar geluk op het werk dan uberhaupt zin? Gerard van Linden vindt dat een te hoog streven. ‘Ik heb ook niets met de term ‘geluk’. Daarbij denk ik aan iets euforisch.’ Hij houdt het liever op ‘Plezier in werk’, het motto van zijn eigen vakbond. Lex van Sonderen is het daar niet mee eens: ‘Je bent een kwart van je leven met werk bezig. En in je leven ben je toch op zoek naar geluk. Het zou dan knap stom zijn wanneer je in dat kwart van je leven niet ook naar geluk zoekt.’

 

Heerke Witteveen vindt geluk echter ook een wat groot begrip: ‘Geluk op het werk is geen onzin, maar je moet niet verwachten dat je op ieder moment van de dag gelukkig zult zijn. Er zijn momenten van geluk.’ Of soorten van geluk, zoals Loek Bosman stelt: ‘Je hebt het geluk van de momenten: het concrete geluk wanneer een opdracht goed is afgerond, of een klus lekker loopt. En je hebt het langlopende geluk, dat altijd een ondertoon vormt. Het gevoel dat je bij een goed team zit, dat je in een bedrijf met leuke dingen bezig bent.’

 

Onderzoek heeft aangetoond dat mensen vooral gelukkig zijn naarmate ze beter af zijn dan hun directe naasten. Een werknemer die promotie maakt en in een duurder huis gaat wonen, komt er zo al snel achter dat dat huis ook in een duurdere buurt staat, waar hij opeens weer een van de velen is. Dat kun je doortrekken naar alle lagen van de samenleving: ook Aerdenhout telt daardoor veel ongelukkige bewoners. Loek Bosman vindt dat een riskante situatie: ‘Wanneer je zo afhankelijk bent van de waardering van je omgeving, ben je gelukkig als het lukt, maar ook tien keer zo ongelukkig als het niet lukt om die waardering te krijgen.’ Bij Fortis Bank probeert Heerke Witteveen ervoor te zorgen dat dat soort ambities binnen de perken blijven: ‘Altijd boven je macht moeten grijpen, is vragen om ellende.

 

Daarom doen wij als bedrijf er ook zoveel aan om te zorgen dat capaciteiten en ambities met elkaar matchen.’

 

Is geld belangrijk? Het lijkt er soms wel op dat werknemers een rotbaan accepteren omdat ze er veel geld voor krijgen. ‘Ik geloof niet dat het werknemers uitsluitend om het geld gaat’, stelt Gerard van Linden. ‘Als dat zo zou zijn, dan zouden bij reorganisaties veel meer mensen in het sociaal plan voor de geldoptie kiezen. Nu zie je juist dat ze het veel belangrijker vinden om te blijven werken, maar dan in een andere functie. Ook al is die lager dan wat ze nu hebben. Geen werk hebben is nog altijd erger dan geen geld hebben, lijkt het. En het is daarbij belangrijk voor mensen dat ze ergens bij horen. Een bedrijf of team met een duidelijke missie of uitdaging.’

 

Samen knokken blijkt ook geweldig te werken voor het geluksgevoel. Mensen wiens baan op de tocht staat, maar die nog een kans krijgen om aan te tonen wat ze waard zijn, worden daar heel gelukkig van. Gelukkiger dan je zou verwachten, zo blijkt uit diverse ervaringen. Loek Bosman stelt dat enige onzekerheid dus zeker belangrijk is bij het ervaren van geluk. Spanning helpt dus. En barre omstandigheden. Lex van Sonderen heeft aan den lijve ondervonden hoe dodelijk comfort kan werken: ‘Ik zat bij een beginnend IT-bedrijf in een oud fabrieksgebouw. Het was echt een sweats hop, maar iedereen genoot. Er werd keihard gewerkt. Toen kwam er geld, kregen ze een nieuw gebouw met een fatsoenlijke airco. Binnen een paar maanden was al het oude elan uit het bedrijf verdwenen. Mijn moraal is dus: mensen lijken hun enthousiasme te verliezen als ze meer luxe krijgen.’

 

Wanneer de deelnemers aan het gesprek tot een conclusie proberen te komen blijken er toch nog veel paradoxen te bestaan. Zekerheid is bijvoorbeeld belangrijk, maar onzekerheid ook. Overduidelijk komt uit het gesprek naar voren dat geluk dan misschien wel niet puur ‘een keuze’ is, maar dat je er zelf wel veel aan kunt doen. Werknemers die zelf initiatieven ontplooien, zijn gelukkiger in hun werk- en prive-leven. Werkgevers die hun werknemers de kansen, maar ook de vrijheid bieden om hun eigen keuzes te maken, zijn ook gelukkiger, want hun werknemers zijn gemotiveerder. Binnen al deze nadruk op zelfontplooiing en keuzevrijheid mag volgens iedereen een geluid echter niet ontbreken: kansen grijpen is belangrijk, maar dan moeten er ook kansen geboden worden. Geluk is ook elkaar helpen, om er maar eens een tegelspreuk bij te halen. Een wereldspits kan alleen een wereldgoal inkoppen als er iemand anders hem een wereldvoorzet geeft. Een werkgever kan kansen bieden, het management biedt kansen, collega’s bieden kansen. Aan de werknemer is het vervolgens om de kansen te grijpen. En er iets moois mee te doen. En daar heb je soms een beetje geluk bij nodig.

 

Werken aan geluk: werknemers

 

Do’s:

 

• Ken uzelve, wees je bewust van je mogelijkheden;

 

• Kies voor geluk, en weet dat je slechts de regisseur bent van je eigen geluk;

 

• Onderneem actie, wacht niet af en durf risico’s te nemen;

 

• Stel realistische ambities voor jezelf;

 

• Zorg dat je werkt voor een bedrijf dat bij je past en waar je trots op kunt zijn.

 

Don’ts

 

• Vast willen houden aan zekerheden;

 

• Jezelf afhankelijk maken van het oordeel van anderen;

 

• Je slachtoffer voelen.

 

• Maar een kunstje kunnen.

 

 

Reageer op dit artikel