artikel

GAAN OPLEIDINGEN VOOR BHVVERANDEREN?

Geen categorie

Opleider Ada Kanters, directeur van Kanters BHV in Dordrecht, weet uit eigen ervaring wat er precies in een bhv-opleiding mis kan gaan, wat de gevolgen zijn en hoe het anders kan. ‘Een standaardopleiding is vaak goed, maar zelden volledig. Daarom vragen wij bij de intake altijd naar de RIE. Ook stellen wij vast of een bedrijf een gecertificeerd managementsysteem heeft (NEN-EN-ISO 9001, NEN-EN-ISO 14001 of OHSAS 18001). Wij bespreken samen met de klant de evaluatie van de bestaande bhv, de stappen die NEN 4000 aangeeft om de bhv goed te laten aansluiten op de bedrijfsspecifieke risicoscenario’s en helpen zo nodig verbeterdoelstellingen door te voeren. Zo maken wij het management bhv-bewust, en dat vergroot het commitment’.

 

Dat is ook wel nodig. Soms moet een opleider de opdrachtgever vertellen dat een bhv’er voor bepaalde taken niet geschikt is. Dat komt hard aan, vooral wanneer bij een vorige opleider iedereen een diploma kreeg. Maar als het management het bijtijds weet, kan het de bhv’er inzetten voor andere taken of desnoods vervangen.

 

Kanters:’Niets is vervelender dan datje denkt datje goed voorbereid bent, en een bhv’er gaat op het cruciale moment bij het zien van bloed onderuit. Vaak wist die persoon dat vooraf ai, maar heeft hij of zij dat nooit durven melden. Een training zou in de eerste plaats bhv’ers bewust moeten maken van wat hun taken zijn. Door daarop te focussen, wordt het sneller duidelijk of ze wel of niet voor die taken geschikt zijn. Ais op sommige punten blijkt van niet, kan er wellicht een oplossing worden gezocht. Vaak overwint de bhv’er traumatische ervaringen door deze bespreekbaar te maken. De motivatie stijgt, en daarmee de werksfeer en het welzijn van de bhv’ers’.

 

‘Het grootste risico is de verkeerde interpretatie van de bhv-taken door de persoon die ze moet uitvoeren;zegt Kanters. ‘Als de bhv-coordinator over onvoldoende kennis beschikt en niet uitgaat van de RIE, kan hij verkeerde besluiten nemen. Daardoor lopen de bhv’ers meer risico’s. Het kan zijn dat de bhv-coordinator met de beste bedoelingen de bhv’ers met ademlucht laat trainen. Dat is een training op brandweerniveau, terwijl de risico’s dit meestal niet noodzakelijk maken. Sterker nog: de risico’s nemen alleen maar toe. Een bhv’er waant zich onoverwinnelijk in een brandweerpak, maar heeft veel minder ervaring dan een brandweerman. Hij kan de situaties en de beperkingen van de uitrusting minder goed inschatten en loopt daardoor onnodig gevaar. Door bewust te beslissen over de inzet van de bhv zijn de risico’s te beheersen. Daar moet een training over gaan’.

 

Sekend met managementsystemen en zelf gecertificeerd, heeft Ada Kanters zich erop toegelegd de gebruiker goed helpen met de bhv als cyclisch proces. De RIE en het Plan van Aanpak bepalen de uitgangspunten en de frequentie van oefenen. Kanters: ‘Dat verschilt van bedrijf tot bedrijf, en in de ene branche liggen de risico’s anders dan in de andere. Dat geldt ook voor de inhoud van de trainingsprogramma’s en de competentiepunten van de bhv’ers. Zaak is dat hun kennis en vaardigheden actueel blijven’.

 

Wat is dan de relatie met de arbocatalogi?

 

Kanters: ‘De arbocatalogus richt zich vooral op de branche. Shv daarentegen is vooral bedrijfs- en locatiegebonden. Er zijn algemene risico’s en risico’s die specifiek samenhangen met de locatie. Daar moet de bhv op voorbereid zijn. NEN 4000 helpt met de vertaalslag naar de bhv op de locatie. Natuurlijk zijn er branches waar de risico’s zodanig generiek zijn en n iet gebonden aan een specifieke locatie dat het wel zinvol is gedetailleerde afspraken over bhv te maken. Dat is het geval in de vervoersector met ondergronds personenvervoer (metro, trein). Maar dat speelt ook wanneer de inrichting van de werkplek specifieke eisen stelt aan de vluchtwegen. Denk bijvoorbeeld aan de binnenscheepvaart waar een gangboord vrij krap is, niet om over te lopen maar wel om een reddingsoperatie uit te voeren’.

 

Met een training op maat leer je om systematisch in te spelen op de specifieke scenario’s. Dat is ook een kernpunt van NEN 4000. In het volgende nummer van ‘Veiligheid’staan praktijkvoorbeelden van zaken die fout gingen, en welke oplossingen er bedacht werden.

 

Reageer op dit artikel