artikel

Letselschade vrijwilliger

Geen categorie

De rechtbank overweegt dat de in Artikel 7:658 BW omschreven zorgplicht niet van toepassing is op de werkverhouding met een vrijwilliger. Een vrijwilliger is volgens de rechtbank niet aan te merken als een werknemer zoals het artikel dat voorschrijft. Ook lid vier van voornoemd artikel waarin de aansprakelijkheid van de inlener ‘als ware hij werkgever’ is opgenomen, is niet van toepassing. Een vrijwilliger is immers niet te beschouwen als uitzendkracht, stagiair of ingeleend personeelslid, die allemaal wel onder dat artikel vallen.

 

Bovendien is de rechtbank van oordeel dat het dierenasiel niet onrechtmatig heeft gehandeld: het tweede door de vrijwilligster aangevoerde verwijt aan het adres van het dierenasiel. De vrijwilligster schiet volgens de rechtbank ernstig tekort in haar bewijsplicht. Op geen enkele manier weet ze de rechtbank ervan te overtuigen dat het dierenasiel onzorgvuldig en dus onrechtmatig heeft gehandeld.

 

De rechtbank oordeelt dan ook dat de claim moet worden afgewezen zodat de vrijwilligster de schade niet vergoed krijgt.

 

Al met al een trieste zaak. Een enthousiaste vrijwilligster, vanaf haar geboorte waarschijnlijk behept met de voorliefde voor huisdieren, wordt wel op een heel nare manier afgestraft voor haar diervriendelijke gedrag. Gelet op de ernstige gevolgen van het letsel – ontsierend littekenweefsel – tracht zij de geleden schade op het dierenasiel te verhalen. Haar advocaat wedt daarbij op twee paarden. Als eerste stelt hij dat het incident als een bedrijfsongeval moet worden gezien. Deze stelling wordt, en dat had de advocaat kunnen en behoren te weten, door de rechtbank naar het rijk der fabelen verwezen. Sinds jaar en dag is het vaste rechtspraak dat de vrijwilliger niet onder de bescherming van Artikel 7:658 BW valt. De advocaat moet daarom ter onderbouwing van de claim stellen en bewijzen dat het dierenasiel onrechtmatig heeft gehandeld en daar slaagt hij volgens de rechtbank niet in. De dierenliefhebster blijft met lege handen achter.

 

Rechtbank Almelo 29 oktober 2003 (niet gepubliceerd)

 

Reageer op dit artikel