artikel

Menselijk bioritme vraagt om passend rooster

Geen categorie

Het menselijke bioritme heet in de wetenschappelijke literatuur het circadiaans ritme. Circa is latijn voor ongeveer, dies betekent dag. Vrijwel alle fysiologische processen houden zich aan dit 24-uursritme: hartslag, lichaamstemperatuur, bloeddruk, ademhaling, spijsvertering, weefselherstel en de afgifte van diverse hormonen. Vooral de hormonen cortisol en melatonine zijn in dit verband belangrijk. Cortisol bereidt ons lichaam voor op actie en wordt geproduceerd onder invloed van toename van daglicht. Melatonine brengt het lichaam tot rust en maakt de mens slaperig. Dit hormoon wordt juist geproduceerd onder invloed van afname van daglicht. De mens is voor de juiste balans in de productie van cortisol en melatonine dus afhankelijk van het ritme van dag en nacht.

 

Dit dag- en nachtritme stuurt logischerwijs ons slaap- en waakritme aan.

 

De hoeveelheid en kwaliteit van de slaap zijn van groot belang als het om veiligheid gaat. Voldoende kwalitatieve slaap zorgt voor herstel van onze intellectuele functies. Die maken dat we ons kunnen aanpassen aan de omgeving en zorgen voor oplossend vermogen. Daarnaast maakt voldoende kwalitatieve slaap ons alert en zorgt voor een goede motorische coordinatie. De kwaliteit van de slaap hangt nauw samen met de rem-slaap. Deze rem-slaap is optimaal tijdens de nacht, als het donker is. Biologische activering verstoort de rem-slaap bij slapen overdag. Bij mensen die werken in nacht- en wisseldiensten komt het krijgen van voldoende kwalitatieve slaap dus in het geding. Het is niet voor niets dat grote rampen zich vaak ’s nachts voltrekken. Denk aan het zinken van de Titanic op 14 april 1912 om 03.00 uur, de ramp in Bopal op 3 december 1984 om 04.00 uur en de ramp in Tjernobyl op 26 april 1986 om 01.23 uur.

 

Om grote rampen of ongelukken van een andere aard te voorkomen is het zaak om verstoring van het slaap-waakritme van medewerkers in nacht- en wisseldiensten zo veel mogelijk te beperken. De grootste winst valt te behalen door optimalisering van de manier van roosteren en de opbouw van shifts.

 

Er is veel onderzoek verricht naar de snelheid, richting en het aantal fasen van de shifts, evenals naar de duur van de hersteltijd tussen de shifts en de regelmaat en flexibiliteit ervan. Die bevindingen zijn als richtlijn te gebruiken voor optimalisering van roosters en shifts bij bedrijven. Zo is permanent nachtwerk een absolute afrader. Het is gebleken dat de circadiaanse ritmes van de mens niet omdraaien bij permanent nachtwerk. De biologische en fysiologische processen raken te veel verstoord en de veiligheidsrisico’s nemen enorm toe.

 

Verder moeten shifts roteren: om de drie a vier diensten. Die snelle wisseling maakt variatie in rusturen mogelijk. Dat maakt het volgen van een zo normaal mogelijk bioritme mogelijk. De rotatie moet voorwaarts zijn: ochtend, avond, nacht. Een nieuwe shift begint dus bij voorkeur niet met een nachtdienst; een ochtenddienst niet voor 07.00 in de ochtend.

 

Shifts worden bij voorkeur gedraaid in fasen van 3×8 en niet in fasen van 2×12. Werken medewerkers langer dan acht uur achter_ een, dan neemt de vermoeidheid snel toe en de alertheid af. Daarmee stijgt het risico op het ontstaan van ongevallen en incidenten snel. Een bijkomend nadeel van 2×12-shifts is dat mede_ werkers steeds maar twaalf uur de tijd hebben voor rust en sociale activiteiten. Dat zorgt ervoor dat zij zich minder prettig voelen en geneigd zijn om minder te slapen, met vermoeidheid tot gevolg. Ook is voldoende hersteltijd tussen de diensten in van belang. Dus: na de laatste nachtdienst 36 uur vrij en steeds 12 uur rust per etmaal. De lengte van de diensten moet afhangen van de fysieke en mentale belasting van de werkzaamheden. De nachtdienst zou bovendien korter moeten zijn dan de ochtend- en middagdienst. Diensten en shifts mogen niet verlengd worden door te volgen trainingen, openstaande vacatures of afwezige of zieke collega’s. De organisatie zal in deze gevallen voor passende oplossingen moeten zorgen ter voorkoming van oververmoeide medewerkers.

 

Roosters moeten regelmaat bevatten en bij voorkeur flexibel zijn. Bovendien moeten medewerkers inspraak hebben. Zo kunnen zij rekening houden met hun sociale activiteiten en gezin. Ook verkeersdrukte en eisen voortvloeiend uit het werk maken flexibiliteit van het rooster van belang. Gebleken is dat medewerkers gelukkiger zijn met hun werk, minder slaapproblemen hebben, minder vermoeid zijn en zich prettiger voelen in hun sociale leven wanneer zij zelf mogen meehelpen aan het opstellen van het urenrooster.

 

Bij wijzigingen in het dienstrooster moeten medewerkers zo snel mogelijk op de hoogte worden gesteld. Daarbij is het belangrijk dat zij in dezelfde ploeg blijven werken en dat ook andere veranderingen tot een minimum beperkt blijven. Dit voorkomt onnodige stress. Stress werkt al negatief van zichzelf en veroorzaakt bovendien vermoeidheid.

 

Om bovenstaande richtlijnen te verwerken in bestaande roosters, is het raadzaam om een klein project te starten met de teams die de shifts draaien. Nauwe betrokkenheid van managers en medewerkers is daarbij essentieel. Inventariseer met elkaar hoe het huidige rooster in elkaar steekt. Leg het bestaande rooster naast de richtlijnen om duidelijk te krijgen waar winst te behalen valt. Neem vervolgens ruim de tijd om stapsgewijs wijzigingen aan te brengen. De praktijk wijst uit dat minstens een half jaar raadzaam is. ~

 

GEZONDHEIDSRISICO’S

 

Werken in nacht- en wisseldiensten brengt ook gezondheidsrisico’s met zich mee. Zo bestaat er een verhoogde kans op hart- en vaatziekten en verschillende psychologische aandoeningen. Die risico’s zijn terug te voeren op het verstoren van het bioritme en de verschillende ritmes in het lichaam. Optimalisering van het dienstrooster maakt dus niet alleen de veiligheidsrisico’s beter beheersbaar. Het levert ook grote voordelen op voor de gezondheid van medewerkers.

 

 

INFO

 

Voor meer informatie en een literatuurlijst: vraag de eindscriptie op over risico’s bij het werken in nacht- en wisseldiensten via sandra.vanderlee@bt.com.

 

 

Reageer op dit artikel