artikel

PUBLICATIES

Geen categorie

Door het toegenomen aantal arbo- en milieuvoorschriften worden medewerkers van bouw- en installatiebedrijven bijna dagelijks geconfronteerd met veiligheidsvoorschriften. Het ‘Zakboek veiligheid en milieu in de praktijk’, uitgegeven door Kerkebosch, behandelt per onderwerp (bijna dertig) kort en krachtig de zaken waarop in de dagelijkse werkpraktijk moet worden gelet. Volgens de huidige wet- en regelgeving hebben alle werknemers (ook leidinggevenden) de plicht om ongevallen, bijna-ongevallen en onveilige situaties/handelingen te melden bij hun leidinggevende, zo meldt het hoofdstuk over de verantwoordelijkheden van werknemers. Die hebben tegelijkertijd het recht het werk neer te leggen, wanneer naar hun redelijk oordeel sprake is van een acuut gevaarlijke situatie voor henzelf of een ander persoon. Komen werknemers en werkgever er samen niet uit, dan kunnen ze volgens het zakboekje beter eerst een arbodienst of externe adviseur inschakelen, alvorens de Arbeidsinspectie erbij te halen. Het zakboekje bevat ook aanwijzingen over gebruik, inrichting en periodieke controle van veel gebruikte, maar in de werkpraktijk te vaak nog onderschatte verblijfsruimten, zoals schaft-, kantoor-, werkplaats- en voorraadunits.

 

Zakboek Veiligheid & Milieu in de praktijk, van Geert Jans. Uitgeverij Kerckebosch te Zeist, isbn 90-6720-334-0. Meer informatie via info@kerckebosch.nl

 

Op 2 juli j.l. heeft TNO Arbeid voor de vierde maal het rapport ‘Trends in arbeid’ gepubliceerd. Deze rapporten brengen de belangrijkste trends in kaart op het gebied van ‘kwaliteit van de arbeid in brede zin’. Het gaat daarbij om arbeidsomstandigheden, arbeidsverhoudingen, arbeidsmarkt en sociale zekerheid. ‘Trends in arbeid’ kwam tot stand in samenwerking met het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en het CBS.

 

De meest positieve trend is een toename van de beslissingsruimte op het werk. Andere aspecten, zoals vuil werk, stank in de werkomgeving en het werken onder grote tijdsdruk worden over de afgelopen jaren ongeveer gelijkblijvend of iets minder gemeld. Verder blijkt dat de contractuele arbeidstijd in Nederland afneemt, maar dat het overwerk toeneemt. De afname in contractuele arbeidsduur kan worden verklaard door de toenemende deelname van vrouwen aan de arbeidsmarkt. Velen van hen werken parttime, waardoor de werkweek gemiddeld korter wordt. Nederland is overigens koploper in de wereld wat betreft het aantal parttime banen. ‘Trends in arbeid 2004’, onder redactie van dr. I.L.D. Houtman, dr. P.G.W. Smulders en dr. D.J. Klein Hesselink, ISBN 90-5986-081-0, is een uitgave van TNO Arbeid en kost € 27,50, exclusief BTW. Het rapport is schriftelijk te bestellen bij TNO Arbeid, fax 023 554 93 94 of receptie@arbeid.tno.nl

 

Reageer op dit artikel