artikel

Weg met de middagdip: leve de frisse lucht!

Geen categorie

Gezondheidsklachten kunnen ook ontstaan door de aanwezigheid van chemische stoffen, (fijn)stof- en vezeldeeltjes in de omgeving van het kantoor. Uitstoot van een draaiende dieselmotor vlak voor het gebouw bijvoorbeeld kan onder invloed van de wind gemakkelijk binnendringen.

 

Behalve de geur van uitlaatdampen, komen er ook gassen mee die hoofdpijn en misselijkheid kunnen veroorzaken. De auto verplaatsen of de motor uitzetten zijn betere maatregelen dan luchtroosters afsluiten en stoppen met ventileren. Ook tabaksrook uit een slecht afgezogen rookruimte kan hinder aan luchtwegen en ogen veroorzaken.

 

Gassen en dampen uit een fabrieksdeel naast het kantoor kunnen zich niet alleen intern verspreiden, maar ook via het dak. Soms is de afvoer te dicht bij de inlaat van verse lucht geplaatst. Dan ontstaat zogeheten ‘kortsluiting van luchtstromen’. In een stedelijke omgeving komen via deze route vaak hinderlijke luchtjes van nabij gelegen restaurants binnen.

 

Ook lage concentraties van vluchtige organische stoffen, zoals oplosmiddelen, in de omgeving van het kantoor kunnen klachten veroorzaken.

 

Niet de mate, maar de duur van de blootstelling is hierbij van belang.

 

Ook individuele gevoeligheid speelt mee. Volgens de literatuur kan het bijvoorbeeld gaan om het uitdampen van bouw- en afwerkmaterialen. Pas na drie maanden tot een half jaar na oplevering zou de uitgangssituatie weer goed moeten zijn. Goede ventilatie in die periode is essentieel.

 

Bij metingen om de situatie te beoordelen, dient men niet de grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling te hanteren, maar de veel lagere gezondheidskundige advieswaarden voor het binnenmilieu van RIVM.

 

En dan zijn er nog de biologische agentia: bacterien, gisten en schimmels.

 

Vooral bij schimmels is de link met het binnenmilieu (vochtige ruimten met onvoldoende ventilatie)

 

De 4 uur-dip

 

Bij aanvang van de dag komt de concentratie kooldioxide meestal overeen met die van buiten. In de loop van de ochtend stijgt die iets, om tijdens de lunch door onze afwezigheid weer af te nemen. De hoogste concentratie zien we in de loop van de middag. Moe, hoofdpijn en je moet nog ruim een uur. Niet toevallig dat een bekende soepjesleverancier daarop inspringt! duidelijk. De typische schimmelgeur wekt een algeheel gevoel van onbehagen op. Bepaalde allergische klachten van werknemers zijn terug te voeren op de aanwezigheid van schimmels in een werkruimte.

 

 

Alle reden dus om te zorgen voor een goede ventilatie. Die houdt in: het binnen brengen van verse (buiten) lucht en het gelijktijdig afvoeren van gebruikte lucht. Afhankelijk van het ontwerp, vindt dit plaats via ramen, roosters of kieren. Soms is er sprake van een mechanische ventilatie voor de afvoer van gebruikte lucht, in andere gevallen zelfs van een geavanceerd luchtbehandelingsysteem.

 

Welk principe beter is, hangt samen met het gebruik van de ruimte en dus met het plan van eisen. Ook de plek van het gebouw speelt mee. In een stedelijke omgeving vraagt de toevoer van niet verontreinigde lucht meer aandacht dan in de polder.

 

Problemen kunnen ontstaan bij veranderd gebruik van de ruimte, of wanneer gebruikers niet goed op de hoogte zijn van hoe voorzieningen werken. Een goede bedieningsinstructie is daarom alleen al belangrijk. En let wel: ook al beschouwen we een rooster in een venster niet als onderdeel van een installatie, het behoort wel degelijk tot de ventilatievoorzieningen.

 

Bij harde wind op de gevel zet je het schuifje wat meer dicht, terwijl het rooster aan de luwe zijde volledige open kan staan.

 

De mechanische ventilatie hoort weinig geluidshinder op te leveren, maar dat blijkt helaas niet altijd haalbaar. Is er in de werkruimte een regelknop aanwezig, zorg dan dat het systeem nooit volledig uit staat. Ideaal is de situatie waarin voor iedereen duidelijk is welke stand bij een bepaald aantal gebruikers hoort. Dan kan het systeem altijd op maat worden geregeld. De installateur kan informatie geven over welk debiet bij verschillende standen is ingeregeld.

 

Aan de hand van luchtsnelheid en het formaat van de ventilatieopening valt dat overigens ook te berekenen (zie kader ‘Snel geleerd: goed geventileerd’).

 

info

 

Zie ook het boek ‘Binnenklimaat kantoorgebouwen. Onderzoek naar klachten’ in de Leeshoek, pag. 19.

 

Gezonde (warmte)winst In de winterperiode kiezen kantorenbeheerders soms voor recirculatie van lucht. Het deels opnieuw inbrengen van gebruikte (warme) lucht levert een aanzienlijke besparing in de stookkosten op. Maar de concentratie van gasvormige componenten, zoals kooldioxide, loopt daardoor sneller op. Beter is het om te kiezen voor een systeem met een zogeheten warmtewiel.

 

Er vindt dan wel energieoverdracht plaats, terwijl de gebruikte lucht naar buiten verdwijnt.

 

Snel geleerd: goed geventileerd Voor normale kantoorsituaties wordt nog te vaak uitgegaan van een debiet (noodzakelijke hoeveelheid lucht) van 30 m3 per uur per persoon om de grens van 1000 ppm CO2 niet te overschrijden.

 

Maar de praktijk laat zien dat 40–60 m3/uur/persoon pas een goede ventilatie oplevert . Uitgangspunt daarbij is de concentratie CO2 in ppm, ofwel ‘parts per million’ (ml/m3).

 

< 800

 

Goede ventilatie

 

800 – 1000

 

Matige ventilatie

 

> 1000

 

Slechte ventilatie: hygienische grenswaarde overschreden

 

 

Reageer op dit artikel