artikel

Preventie met de weegschaal

Gezond werken

Goed nieuws voor Vijg: de laatste jaren lijkt de grens tussen werk en prive inderdaad te vervagen. Iedere maand vindt er wel ergens een congres plaats over gezondheidsmanagement of vitaliteit – met veel aandacht voor de gezonde levensstijl. Een convenant Overgewicht wordt ondertussen door steeds meer partijen ondertekend, ook door bonden en bedrijven. En de NS schrikt er niet voor terug om alcoholtesten af te nemen onder zijn werknemers, iets dat de NASA destijds nog heeft nagelaten. ‘Het taboe op zulke zaken wordt langzamerhand doorbroken’, zegt Vijg. ‘Ook in de politiek. Kijk naar minister Remkes een jaar geleden. Die had toen openlijk kritiek op het politiepersoneel omdat het niet fit genoeg was.’

 

En inderdaad: ook hoogleraar Gezondheidsethiek Inez de Beaufort kan zich iets voorstellen bij Vijgs aanpak. ‘Als het werk eronder lijdt … ja dan moet een werkgever ingrijpen. Zeker als er klanten de dupe worden. Maar daarmee houdt het wel op: als iemand goed functioneert, dan moet je hem gewoon met rust laten.’

 

Daar snijdt ze een belangrijk discussiepunt aan. Want Vijg vindt dat een slechte gezondheid sowieso bespreekbaar is, ook als het werk daar niet onder lijdt. ‘Waar ik me aan kan ergeren is die vanzelfsprekendheid waarmee bepaalde zaken op het bord van de werkgever worden geschoven. Iemand is te dik, dus hij moet een aangepaste stoel krijgen van 1500 euro. Ja, dat is geen probleem als iemand erfelijk belast is. Maar zie ik hem iedere lunchpauze met twee volle borden, dan ga ik eerst eens met hem praten. Joh, kan ik je misschien ergens mee helpen?’

 

Maar dan kom je in de gevarenzone, vindt De Beaufort. ‘Die erfelijke belasting gaat soms verder dan je denkt. Sommige medewerkers lopen eeuwig met honger rond; de hersenen zenden geen stopsignaal naar de maag. Die mensen moeten echt enorme moeite doen om enkele kilo’s kwijt te raken. Volgens sommige experts is het zwaarder dan afkicken van heroine.’

 

Maar Vijg heeft geen keuze, vindt hij. ‘Want mensen kunnen wel zeggen dat ik dit soort dingen niet mag bespreken, ze worden al besproken. Alleen niet met de medewerker zelf, maar achter zijn rug, in de wandelgangen of de koffiecorner. Is het dan niet veel eerlijker om eens een gesprek onder vier ogen aan te gaan?’ Een werkgever mag dat niet alleen doen, volgens Vijg is hij het zelfs verplicht. ‘Stel, jij hebt een collega die om het half uur een rookpauze neemt, iedere avond in de kroeg zit en ook nog eens ieder jaar vijftien kilo aankomt. Doe je dan net of je dat niet ziet? En wat zegt dat dan over jou? En wat zegt het over mij als directeur wanneer me dat niets kan schelen?’

 

Bovendien vindt hij dat hij het goede voorbeeld moet geven aan zijn medewerkers. ‘We vragen ze voortdurend net een beetje meer te doen dan de klant verwacht. Want werknemers in de thuiszorg kunnen het verschil maken voor al die mensen die van hen afhankelijk zijn. Wat moet ik dan? Dan kan ik zelf toch niet formeel en onverschillig gaan zitten doen?’

 

De Beaufort is nog niet overtuigd. ‘Wat me stoort is die nadruk op overgewicht. Dikke collega’s krijgen al snel het etiket ‘lui’ opgeplakt. En vaak hebben mensen met overgewicht helemaal geen baan omdat ze al sneuvelen bij de sollicitatieprocedure. Door vooroordelen.’ En dat overgewicht is maar een van de risicofactoren, benadrukt ze. ‘Mensen berokkenen zichzelf voortdurend schade – ook zonder dat ze te dik zijn. Ze klimmen op de motor, gaan naar wilde seksfeesten of volgen een cursus zweefvliegen. Dat is hun keuze. Ze leven liever riskant dan dat ze eerst dertig jaar braaf zijn en vervolgens overlijden aan Alzheimer.

 

Als werkgevers per se de gezondheid willen aanpakken, moeten ze zich niet richten op het individu, vindt ze, maar op het hele personeelsbestand. ‘Een fitte dikke verzuimt minder dan een niet-fitte dunne. Waarom voer je geen collectief beleid om mensen in beweging te krijgen? Nee, je hoeft geen fitnesszaaltje in te richten. Dat werkt toch niet goed: iemand met overgewicht gaat niet graag in zo’n raar glimbroekje rare fratsen staan uithalen met collega’s. Nee, zorg gewoon dat ze meer moeten lopen. Zet kopieerapparaat een eindje weg, zorg dat de liften defect zijn, en verwijder desnoods de kroketten uit de kantine. Natuurlijk: dan gaan ze hun snacks een paar straten verder halen, maar dan komen ze in ieder geval in beweging.’

 

Op dat laatste punt is Vijg het met haar eens. ‘Ik moet zeggen dat we dat in onze organisatie te veel hebben laten liggen. Water is objectief gezien gezonder dan koffie, salades gezonder dan kroketten. Ik zou zeggen: haal die troep weg. Niet dat het verboden is, maar je zou als werkgever de kat niet op het spek moeten binden.’

 

info

 

Meer weten?

 

Zie www.convenantovergewicht.nl en Gezond op het werk, pag. 11

 

 

Reageer op dit artikel