artikel

‘Een branche-RI&E is nog geen arbocatalogus

Persoonlijke beschermingsmiddelen

‘De RI&E en de arbocatalogus liggen feitelijk in elkaars verlengde. Het is dan ook een gemiste kans dat de overheid de arbocatalogus niet als een onderdeel of uitbreiding van de RI&E heeft gepositioneerd, maar als een zelfstandig fenomeen. Een uitgewerkte RI&E is echter nog geen arbocatalogus. Vele RI&E’s bevatten geen oplossingen of oplossingsrichtingen. Vaak beperken ze zich tot de evaluatie, tot de prioritering van de knelpunten. En RI&E’s met oplossingen of oplossingsrichtingen zijn zo summier dat ze niet te vergelijken zijn met een oplossingenboek van een arbocatalogus. Dat biedt veel meer informatie dan alleen maar de naam en omschrijving van de oplossing die in het beste geval in een RI&E-instrument zijn opgenomen. Met een arbocatalogus in de hand kan een gebruiker een meer verantwoorde selectie van oplossingen maken.’

 

‘Sectoren met een zogenaamde branche-RI&E hebben zeker een voorsprong bij het opstellen van een arbocatalogus ten opzichte van branches zonder. De adviezen en keuzemogelijkheden uit een branche-RI&E laten zich immers in principe opvatten als een vorm van arbocatalogus. Dat deze al zijn goedgekeurd door de sociale partners, bespaart een paar moeizame ronden onderhandelen en overleggen.

 

Het is echter te gemakkelijk om dan maar aan te nemen dat de arbocatalogi eenvoudig te realiseren zijn. Allereerst moeten nog heel wat branches en sectoren het tot op heden zonder branche-RI&E stellen, en dus ook zonder de contouren van een arbocatalogus. Verder is de kwaliteit van de adviezen in de gedigitaliseerde branche-RI&E’s en standaard door de arbodienst opgestelde RI&E’s niet altijd om over naar huis te schrijven. Daar waar oplossingen en adviezen wel concreet en praktisch bruikbaar zijn, zoals in de RI&E-instrumenten voor de Installatie en Isolatie-branche, beperken ze zich vaak tot een beperkt aantal risico’s, bijvoorbeeld die waarover in het kader van een arboconvenant afspraken zijn gemaakt. De arbocatalogus beoogt breder te gaan. Een ander punt: ook in de toekomst zullen er bedrijven zijn die geen gebruik willen maken van een branche-RI&E, maar wel van een arbocatalogus. Hierin moet worden voorzien. Lang niet elke branche-RI&E biedt bovendien verschillende mogelijkheden om een probleem op te lossen, terwijl het bieden van keuzes een van de grondgedachten is achter de arbocatalogus. Andere redenen om de branche-RI&E niet gelijk te stellen aan de arbocatalogus: de gebruikersvriendelijkheid en toegankelijkheid van veel branche-RI&E’s is nog niet altijd optimaal. Ook hebben partijen die hun goedkeuring hebben gegeven aan RI&E-instrumenten in branches dat niet gedaan tegen de achtergrond van de arbocatalogus. Ten slotte hebben CAO-afspraken en branche-RI&E’s een begrensde looptijd. Dat schept ruimte voor toekomstige optimalisatie en ‘finetuning’ richting een echte arbocatalogus. Die extra slag is ook beslist nodig, want uit het bovenstaande moge duidelijk zijn dat de stelling ‘de arbocatalogus ligt al op de plank’ wel erg kort door de bocht is.’

 

‘Hoewel er een nauwe verwantschap bestaat tussen RI&E-instrument en arbocatalogus, kun je het ene niet gelijkstellen aan het andere. Er zijn zat RI&E’s met alleen risico-inventarisaties. Hierin staan hoogstens gratuite suggesties over denkbare acties. Er wordt verder niets concreets gezegd over een echte en implementeerbare aanpak. Een uitgevoerde RI&E loopt als het goed is door richting een plan van aanpak (PvA). Daarin verwoordt de onderneming vaak pas de concreet op de eigen situatie toegespitste oplossingen en de voorgenomen implementatie. In een beetje zuivere situatie is het management ook echt van plan het PvA uit te voeren en komt het ook tot stand in overeenstemming met de personeelsvertegenwoordiging. Daarmee – en alleen dan – kan een concreet PvA worden betiteld als arbocatalogus (van een bedrijf).

 

Dit geldt ook voor de digitale branche-RI&E’s. Die overstijgen weliswaar het niveau van de individuele organisatie, maar zijn desondanks geen arbocatalogi. Van de meer dan zeventig digitale branche-RI&E’s is pakweg de helft gemodelleerd op een en dezelfde leest, namelijk een globale MKB-Nederland methodiek. De vakbonden hebben hierbij nauwelijks een serieuze inbreng gehad. Veel van die RI&E’s bevatten bovendien helemaal geen uitgewerkte oplossingenregisters. En als er al oplossingenregisters in zitten, dan zijn dat nog lang geen middelvoorschriften waarover sociale partners overeenstemming hebben bereikt, zoals de nieuwe wet verlangt van een arbocatalogus.’

 

‘Het is maar zeer de vraag of je een arbocatalogus kunt gelijkstellen met een branche-RI&E. In veel gevallen zal de branche-RI&E niet voldoen aan de eisen voor een arbocatalogus.

 

Veel branche RI&E’s geven niet altijd een compleet overzicht van risico’s en beschikbare maatregelen. In de branche-RI&E van de Zorg bijvoorbeeld ontbreekt een overzicht van beschikbare tilhulpmiddelen, en zoek je tevergeefs naar het soort tilrisico waartegen een tilcursus bescherming biedt.

 

De plannen van aanpak in de branche-RI&E’s zijn ook vaak te beperkt. Eigenlijk kun je op brancheniveau helemaal niet van plannen van aanpak spreken. Er bestaan alleen ‘formats’ waarmee individuele organisaties een plan van aanpak kunnen ontwikkelen.

 

De brancheplannen richten zich vooral op zaken die nog moeten worden aangepakt en zijn bedrijfsspecifiek. Een arbocatalogus moet daarentegen alle mogelijke arbeidsrisico’s in relatie tot de doelstellingen in de Arbowet bevatten, samen met de mogelijke oplossingen en werkmethoden om de doelstelling te behalen.

 

Om er arbocatalogi van te maken, moeten branche-RI&E’s dus nog meer worden geconcretiseerd. Ze moeten worden aangevuld met specifieke maatregelen tegen een specifiek risico.

 

Voor de branches ligt er de taak om per (branche) RI&E naar concrete maatregelen en oplossingen te kijken en deze te benoemen. Liefst in overleg met brancheleden. Want zij kennen natuurlijk praktische oplossingen en tips die nog niet in de branche-RI&E zijn opgenomen.’

 

‘In de meeste branche-RI&E’s staat heel algemeen beschreven welke maatregelen genomen moeten worden. Om ze als arbocatalogus aan te merken, moeten de maatregelen veel concreter en gedetailleerder worden. Vaak staat er bijvoorbeeld in een RI&E dat de ventilatie beter moet vanwege het werken met oplosmiddelen. Maar hoeveel beter, staat er niet in. Ook bevatten sommige RI&E-instrumenten niet altijd de meest geavanceerde oplossingen. Er zijn branchegerichte RI&E’s die alleen gehoorbescherming aanbevelen waar andere maatregelen goed mogelijk zijn, zoals bronaanpak of aparte werkruimtes voor medewerkers. Maar PBM’s zijn nu eenmaal vaak de goedkoopste oplossing voor de werkgever.’

 

‘Overigens vraag ik me af of werkgevers en werknemers over voldoende deskundigheid beschikken om arbocatalogi op te stellen. Zullen zij wel de juiste zaken aanpakken en de normen wel hoog genoeg stellen? De sociale partners kunnen zaken overslaan die zij niet zo belangrijk vinden, terwijl de deskundige meent dat normen te laag liggen of dat prioriteiten verkeerd zijn gesteld. Bij een bedrijf zag ik op de werkvloer machines staan waar knelgevaar voor vingers bestond. De werknemers vonden echter dat er eerst maar eens iets moest worden gedaan aan de hoge temperaturen in de hal. Dan leg je de prioriteiten verkeerd. Lekker koel werken, maar intussen wel je vingers kunnen verliezen.’

 

NAWOORD JEANNETTE PAUL

 

Werkt als zelfstandige aan programma’s, projecten en onderzoek op het terrein van arbeid en gezondheid.

 

‘De arbocatalogus heeft vijf kenmerken gemeen met de derde stap van de RI&E, zo betoogde ik in het decembernummer van Arbo. De deskundigen die hier op mijn artikel reageren, onderschrijven het bestaan van deze parallellen. Alleen stellen zij dat de belofte van de arbocatalogus verschilt van de realiteit van de derde stap van de (branche) RI&E. De maatregelen uit de RI&E zouden zowel kwalitatief als kwantitatief achterblijven bij het niveau dta zij voor ogen hebben van de maatregelen in de arbocatalogus. Persoonlijk ben ik echter niet zo somber gestemd over de kwaliteit van de maatregelen uit de RI&E, maar verbetering is natuurlijk altijd welkom.

 

In hun commentaren gaan de deskundigen voorbij aan de belangrijkste reden om de arbocatalogus aan te laten sluiten op de RI&E: werkgevers en werknemers zitten niet te wachten op uitbreiding van het arsenaal aan arboinstrumenten. Hoe moeten zij omgaan met een arbocatalogus naast een RI&E? Vandaar mijn pleidooi voor de integratie van de een in de ander. Ik zou zelfs nog een stap verder willen gaan en op brancheniveau RI&E, arbocatalogus en voorlichtingsmateriaal in een instrument willen integreren.

 

Natuurlijk bestaan naast deze laatste benadering alternatieve wegen. De arbocatalogus is immers maatwerk voor en door werkgevers en werknemers. Bij maatwerk past diversiteit, creativiteit en een gezonde dosis lef om de gebaande paden te verlaten. Overigens blijft de ruimte voor maatwerk alleen intact als de overheid bij de marginale toetsing van de catalogi geen extra normen creeert buiten de vier nu gepubliceerde criteria (zie kader). De betekenis van ‘ruimte voor maatwerk’ zal in de praktijk worden bepaald door de manier waarop de Arbeidsinspectie de catalogus gaat gebruiken bij de handhaving. Interessant hierbij is hoe de inspectie zal omgaan met de onvermijdbare overlap in werkingssfeer van nationale, sectorale en bedrijfscatalogi. Aan de RI&E(-instrumenten) is ruim tien jaar gewerkt door arboprofessionals, adviesbureaus en kennisinstituten. De commentaren stellen dat de kwaliteit beter moet. De grote uitdaging is om over drie jaar – aan het einde van de overgangstermijn voor het branchegewijs intrekken van de beleidsregels – met elkaar te kunnen constateren dat werkgevers en werknemers niet lang hebben hoeven wachten op een goede arbocatalogus, in welke vorm dan ook.’

 

 

MEER INFO:

 

Het originele artikel van Jeannette Paul ‘De arbocatalogus bestaat al. De derde stap van de RI&E brengt uitkomst’ stond in Arbo 12-2006 op bladzijde 12 en 13. Voor een samenvatting zie www.arbo-online.nl. Reageren? arbo@kluwer.nl

 

 

Reageer op dit artikel