artikel

Verkeerde opmerking tegen klant tankstation

Veilig werken

Na bespreking van de klacht wordt de werknemer op staande voet ontslagen, ook omdat hij in 2008 en 2009 al eerder waarschuwingen heeft gekregen over zijn gedrag. De werknemer vecht zijn ontslag aan, beroept zich op vernietigbaarheid en houdt zich beschikbaar voor werk.

 

De werkgever verzoekt bij de kantonrechter primair ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van een dringende reden en subsidiair wegens het verlies van vertrouwen in een vruchtbare voortzetting van de arbeidsovereenkomst.

 

De kantonrechter is van oordeel dat de aangevoerde redenen niet voldoende zijn voor een ontslag op staande voet. Het gaat hier om een eenmalige uitglijder gedurende een dienstverband van twaalf jaar. En de eerder gegeven berispingen hadden geen betrekking op discriminatoire uitlatingen.

 

Zij hebben evenmin geleid tot het opstellen van een verbeterplan, hoewel dat op de weg van de werkgever had gelegen, als die van mening was dat de prestaties van de man onder de maat waren. Maar omdat het hier gaat om een klein tankstation met een vaste lokale klantenkring, betekent dit volgens de rechter wel dat de arbeidsrelatie door de uitlatingen van de werknemer en de daarop door de werkgever genomen maatregelen zodanig is verstoord dat een vruchtbare samenwerking niet meer mogelijk zal zijn.

 

Daarom dient de arbeidsovereenkomst op korte termijn te eindigen en wordt het voorwaardelijk ontbindingsverzoek toegewezen. De werknemer krijgt daarvoor wel een vergoeding van 8.500 euro bruto, ongeveer acht maanden salaris. De werkgever krijgt evenwel nog twee weken de gelegenheid het ontbindingsverzoek in te trekken.

 

Wilt u meer jurisprudentie? Lees Vakblad Arbo>>

Reageer op dit artikel