artikel

Peuterspeelzaalleider overgeplaatst

Veilig werken

De werkgever beroept zich daarbij op de aanbevelingen van de commissie Gunning, zoals die staan in het Rapport onafhankelijke Commissie Onderzoek Zedenzaak Amsterdam van april 2010. Daarin wordt het ‘vier-ogenprincipe’ gezien als een essentiele drempel tegen seksueel misbruik van kinderen.

 

De man wordt overgeplaatst naar een grotere afdeling, waar ook een vrouwelijke medewerkster is. Hij accepteert de overplaatsing niet en vordert bij de voorzieningenrechter dat de werkgever ertoe wordt veroordeeld geen onderscheid te maken tussen een mannelijke of vrouwelijke peuterspeelzaalleider. Ook vordert hij in deze kortgedingzaak wedertewerkstelling op de overeengekomen locatie binnen twee dagen na de uitspraak.

 

De voorzieningenrechter gaat na of de werkgever onrechtmatig handelt door te eisen dat er bij mannelijke medewerkers altijd een tweede paar professionele ogen aanwezig zijn, terwijl deze eis bij vrouwelijke medewerkers niet wordt gesteld. Volgens de rechter wordt hiermee een bij wet verboden onderscheid naar geslacht gemaakt.

 

Het standpunt van werkgever dat het gewijzigde beleid niets heeft te maken met de werknemer in kwestie, maar met de negatieve ontwikkelingen wegens kindermisbruik, is volgens de rechter strijdig met art. 7:646 BW (gelijke behandeling) en kan ook niet worden gerechtvaardigd door een beroep op het rapport-Gunning. De werkgever heeft de daarin gedane aanbevelingen te beperkt uitgelegd. De aanwezigheid van twee beroepskrachten wordt daarin niet vereist.

Het verzoek tot wedertewerkstelling wordt toegewezen met ingang van het aankomend schooljaar.

 

Wilt u meer jurisprudentie? Lees Vakblad Arbo>>

Reageer op dit artikel