artikel

Eternit aangeklaagd

Veilig werken

In december 2007 wordt bij hem mesothelioom geconstateerd, waaraan hij eind januari 2011 overlijdt. Omdat zijn oude werkgevers niet meer bestaan, stelt hij in januari 2009 Eternit aansprakelijk voor zijn schade. Na zijn overlijden zetten de erfgenamen de procedure voort.

 

In hoger beroep neemt het hof als uitgangspunt dat het handelen van Eternit moet worden beoordeeld aan de hand van de opvattingen die destijds golden. Het hof is van oordeel dat Eternit, op grond van onder meer zelf ingebrachte rapporten, feitelijk al voor 1960 op de hoogte was van het gevaar van asbestose en longkanker door blootstelling aan asbeststof. Daarom gold voor bedoelde periode (van 1956 tot 1968) een verhoogde zorgvuldigheid.

 

Sinds 1960 blijkt ook uit de medische literatuur dat de relatie tussen asbestblootstelling en mesothelioom bekend was. Dit had ook de aandacht van Nederlandse kranten. Als asbestproducent, die deel uitmaakte van een internationaal opererend concern, mag van Eternit verwacht worden dat het bedrijf zich op de hoogte stelde van de medische literatuur op dit terrein, zoals dat al sinds de jaren dertig gebruikelijk was.

 

Uit een brief van 14 april 1950 blijkt dat het Eternitconcern zich al vele jaren bewust was van de gevaren van asbest en dat het er niet aan twijfelde dat er in het algemeen belang voorzorgsmaatregelen genomen moesten worden. Daarbij acht het hof niet doorslaggevend dat er destijds nog geen medische consensus was over de vraag of naast blootstelling aan blauw asbest, ook blootstelling aan wit asbest mesothelioom kon veroorzaken.

 

In elk geval kan uit de wetenschappelijke literatuur uit de jaren vijftig (en zestig) niet worden afgeleid dat van wit asbest geen gevaren voor de gezondheid waren te vrezen. Daarmee had Eternit, als asbestproducent, een verhoogde zorgvuldigheidsplicht. Uit zijn eigen stellingen blijkt dat het bedrijf destijds bekend was met de (serieuze) gevaren van wit asbest ten aanzien van asbestose en longkanker.

 

Ook uit de toelichting bij het wetsontwerp voor de Silicosewet (uit 1949) kan worden afgeleid dat toen al bekend was dat ook het zagen van asbestcementplaten gevaarlijk was. In de bedoelde periode (van 1956 tot 1968) ging men er doorgaans vanuit dat de gevaren vooral optraden bij intensieve blootstelling aan asbeststof. Eternit nam daartegen wel maatregelen voor de eigen arbeiders, maar maakte dat niet bekend aan derden.

 

Het hof is van oordeel dat Eternit aansprakelijk is voor de schade, omdat niet de veiligheidsmaatregelen zijn genomen die konden worden gevergd met het oog op de destijds bekende gevaren van asbest. Dit kan Eternit worden verweten, maar gezien het tijdsgewricht waarin het gebeurd is, kan niet van een zwaar verwijt worden gesproken. Het hoger beroep wordt verworpen.

 

Wilt u meer jurisprudentie? Lees Vakblad Arbo>>

 

 

 

In de Praktijkgids Arbeidsomstandigheden 2012 vindt u veel informatie die van belang is voor

Afbeelding

 iedere staffunctionaris met het arbeidsomstandighedenbeleid in zijn pakket. De  praktijkgids richt zich op de dagelijkse gang van zaken in bedrijven en andere organisaties. De praktische toepassing van de wetgeving staat centraal en u krijgt diverse tips en voorbeelden.

 

 Klik hier voor meer informatie

 

 

Reageer op dit artikel