artikel

actueel

Wetgeving

Onderzoeksbureau Heliview onderzoekt deze maanden hoeveel werknemers door alcohol-, drugsen medicijngebruik onder invloed op de werkplek verschijnen. Heliview wil in zijn ‘ADM Beleid Monitor’ vooral inzicht krijgen in het beleid binnen het Nederlandse bedrijfsleven rond middelengebruik door werknemers.

 

Overmatig gebruik van alcohol, drugs en/of medicijnen (ADM) beinvloedt volgens Heliview de gezondheid van de werknemer en leidt tot een hoger ziekteverzuim.

 

Ook is de werknemer minder productief en vormt hij een groter risico voor bedrijfsongevallen, geeft Heliview als reden voor het eigen initiatief voor een onderzoek onder zeshonderd werknemers.

 

Een half jaar geleden presenteerde het Nationaal Instituut voor Gezondheidsbevordering en Ziektepreventie (NIGZ) de resultaten van een enquete onder 4.289 werkenden.

 

Chris Grijns van het NIGZ: ‘Daaruit blijkt dat vier procent van de werkende beroepsbevolking wel eens alcohol drinkt vlak voor of tijdens het werk. 38 procent drinkt wel eens meteen na het werk. Van de hele beroepsbevolking drinkt 21 procent excessief (twintig glazen per week of minstens een keer in de week meer dan zes glazen achter elkaar).

 

Zo’n vijf procent van de werkenden is een probleemdrinker.

 

Die hebben regelmatig problemen door het drinken’, aldus Grijns.

 

Volgens Ab Sulman, research director bij Heliview, voegt zijn onderzoek zeker nog iets toe. ‘Anders dan het NIGZ kijken wij niet zozeer naar alcoholgebruik op het werk, maar naar middelengebruik buiten het werk. In hoeverre leidt dat tot verzuim of werkt dat nog door als iemand op zijn werk verschijnt?

 

Daarover zijn weinig harde cijfers bekend. Omdat er vaak geen beleid is, wordt het verzuim ook niet als zodanig geregistreerd.’

 

Het onderzoeksbureau gaat werknemers vragen of zij dit soort problemen in hun nabije werkomgeving herkennen en in hoeverre zij op de hoogte zijn van een eventueel ADM-beleid.

 

Heliview wil vooral het huidige beleid inventariseren en nagaan of er binnen bedrijven plannen bestaan om een ADM-beleid in te voeren. Volgens Chris Grijns van het NIGZ is dat gedeeltelijk bekend uit Nipo-onderzoek. ‘In 2002 gaf 25 procent van de bedrijven aan een alcoholbeleid te hebben. In 2004 was dat dertig procent. Maar het gaat vooral om de inhoud van een beleid. Als alleen op schrift staat dat een ambtenaar geen alcohol mag drinken tijdens zijn werk, is het nog geen beleid. Een beleid bestaat uit preventie, regelgeving, sanctie en evaluatie.

 

Heliview moet dus niet blijven steken bij een telling’, vindt Grijns.

 

Sulman: ‘Als er beleid is, willen we graag weten hoe het er uitziet en of het werkt. En als er geen plannen voor een beleid zijn, willen we graag weten waarom niet.’

 

Heliview verwacht deze zomer de resultaten van het onderzoek op papier te hebben.

 

Terwijl overal regels geschrapt worden, krijgen zelfstandigen die gevaarlijk werk doen er extra regels bij op het gebied van arbeidsomstandigheden.

 

Dit heeft het kabinet besloten op advies van de Sociaal Economische Raad.

 

Zelfstandigen hadden tot nu toe alleen in uitzonderlijke gevallen te maken met de regels voor arbeidsomstandigheden, zoals bij werkzaamheden met gevaar voor (gas)explosies.

 

Het kabinet vindt extra regelgeving voor zelfstandigen van belang voor een veilige werkplek. De regels moeten levensgevaarlijke situaties of schade aan de gezondheid voorkomen (zoals verstikking, bedwelming, vergiftiging, brand of explosie). Verder komen er extra regels voor blootstelling aan gevaarlijke stoffen en werken op hoogte.

 

De regels gaan ook gelden voor werkgevers zelf. Voor de uitbreiding van de regels voor zelfstandigen is een wijziging van de Arbowet en het Arbobesluit nodig.

 

De ontdekte uitgifte van valse VCA-certificaten lijkt het topje van een ijsberg te zijn. Volgens vakbondsbestuurder Egbert Schellenburg (FNV Bondgenoten) duiken ‘al jaren’ valse certificaten op. Hij schat dat zo’n twee procent van het totale aantal VCA-certificaten in omloop vals is.

 

Eind april stuitte de Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (SIOD) op een grote fraude met veiligheidscertificaten. De SIOD hield in opdracht van het Openbaar Ministerie drie verdachten aan die valse veiligheidscertificaten zouden hebben afgegeven voor de petrochemische industrie. Het drietal was betrokken bij een instituut en examenbureau voor opleidingen op het gebied van veiligheid in de chemische industrie. In drie jaar gaf het drietal zeker 150 valse certificaten uit.

 

De SIOD ontdekte de valse certificaten min of meer toevallig tijdens een fraudeonderzoek bij een Limburgs bedrijf dat in Duitsland werknemers ronselde voor de petrochemische industrie in Nederland. Vanuit Limburg leidde het spoor naar de drie verdachten in de regio Rotterdam.

 

Volgens vakbondsbestuurder Schellenburg is het ‘niet de eerste keer dat valse VCA-certificaten opduiken’. Schellenburg: ‘Bij controles komen al jaren valse certificaten aan het licht. Vooral als een fabriek voor werkzaamheden wordt stilgelegd en er bijvoorbeeld ineens veel pijpfitters nodig zijn, wordt er niet altijd even nauw gekeken. Dan is er geen tijd om mensen eerst nog naar een opleiding te sturen en zijn er blijkbaar onderaannemers die in staat zijn met een simpele print zo’n certificaat na te maken.’

 

Iedereen die binnen de petrochemische industrie werkt, moet in bezit zijn van een VCA-certificaat, Veiligheids Checklist Aannemers. In een basisopleiding wordt geleerd bewust en veilig te werken met stoffen die potentieel explosief zijn. Schellenburg: ‘Als mensen die basisopleiding niet gevolgd hebben en met een vals certificaat rondlopen, kan dat leiden tot gevaarlijke situaties door onvoorzichtig gedrag.’

 

NEN, centrum voor normalisatie, heeft het ontwerp gepubliceerd voor de nieuwe Europese norm voor machinistenliften aan hijskranen.

 

Bij hoge hijskranen vervoeren speciale liften de kraanmachinist naar en van de cabine.

 

Dit bespaart de kraanmachinist dagelijks een lange klim.

 

De Europese ontwerpnorm NENEN 81-43 beschrijft uitgebreid de constructie- en veiligheidseisen waaraan binnenkort voldaan moet worden. De definitieve norm vervangt straks de NEN 3586 ‘Veiligheidseisen voor personenliften op hijs- en hefwerktuigen’. In Nederland zijn machinistenliften bij torenkranen verplicht als de klimhoogte tot de cabine twee maanden achtereen meer dan dertig meter is.

 

De NEN-EN 81-43 is te bestellen via NEN-klantenservice (015) 2690 391.

 

De Arbeidsinspectie heeft de afgelopen twee maanden bij zo’n vijftig bedrijven de ammoniakkoelinstallatie gecontroleerd. De AI ging langs bij de vleesverwerkende industrie, voedingsmiddelenindustrie, ijsbanen en bierbrouwerijen.

 

Tijdens de controles werd vooral aandacht besteed aan onderhoud, keuringen, gebruik en toezicht van de ammoniakkoelinstallatie en technische en organisatorische veiligheidsmaatregelen in de bedrijven.

 

Het inademen van ammoniak kan leiden tot ademhalingsproblemen en zelfs verstikking. Contact met de vloeistof leidt tot brandwonden.

 

Ammoniakgekoelde installaties moeten daarom aan veiligheidseisen voldoen om risico’s voor werknemers en omwonenden te beperken.

 

In Nederland werken zo’n achthonderd bedrijven met ammoniak koelinstallaties.

 

In meer dan een kwart van de bedrijven kunnen rokers nog steeds een sigaret opsteken en zijn nietrokers op de werkplek nog onvoldoende beschermd tegen tabaksrook.

 

Dit stelt de vakbond FNV Bondgenoten na een onderzoek onder vierhonderd ondernemingsraden naar het rookbeleid binnen de bedrijven. Sinds de invoering van de nieuwe Tabakswet, begin dit jaar, hebben werknemers recht op een rookvrije werkplek.

 

Volgens de bond garandeert zeventig procent van de bedrijven werknemers sindsdien een rookvrije werkplek. Daarmee heeft de Tabakswet absoluut ‘een gunstig effect’, vindt FNV Bondgenoten.

 

Maar in lang niet alle bedrijven wordt de niet-roker ontzien, concludeert de vakbond tegelijk teleurstellend uit het onderzoek.

 

Zeven procent van de bedrijven nam helemaal nog geen maatregelen om niet-rokers te beschermen.

 

‘Het rookbeleid moet nog op gang komen’, aldus de or-leden. In andere bedrijven wordt een soort

 

‘gedoogbeleid’ gevoerd en wordt er volgens de or-leden ‘nog steeds overal rustig gerookt’.

 

In bedrijven die de Tabakswet wel naleven, hebben rokers het niet altijd even makkelijk. In veertig procent van de bedrijven hebben rokende werknemers problemen met het rookbeleid. Volgens de bond staan rokers vaak letterlijk

 

‘buiten in de kou’. In andere bedrijven moeten zij dikwijls gebruikmaken van slecht ingerichte rookruimten zonder goede ventilatie of afzuiging. De rook verspreidt zich daardoor toch nog vaak door het bedrijf hetgeen leidt tot emotionele conflicten.

 

Werknemers moeten nu soms 2,5 minuut lopen naar een rookruimte. Dat vindt de bond veel te lang.

 

Zeker omdat bij een op de drie bedrijven werknemers langer moeten doorwerken om hun rookpauzes in te halen. FNV Bondgenoten wil bij de Voedsel en Waren Autoriteit aandringen op betere controles op gedoogbeleid van bedrijven en overweegt een proefproces te starten tegen het langer doorwerken om rookpauzes in te halen.

 

Ook wil Bondgenoten een protocol afsluiten om schoonmakers van rookruimten te beschermen.

 

Het midden- en kleinbedrijf (mkb) kan sinds eind april voor een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) terecht op www.rie.nl. De digitale en kosteloze RI&E maakt het voor het mkb eenvoudiger om aan verplichtingen uit de Arbowet te voldoen. Aan de hand van de vragenlijst in de digitale RI&E loopt een ondernemer eenvoudig door de arbeidsomstandigheden in zijn bedrijf. Op die manier kan hij mogelijke knelpunten signaleren en een plan van aanpak maken. De vragen zijn per onderwerp gegroepeerd. Ook worden tips gegeven om situaties te verbeteren.

 

Het hulpmiddel is bruikbaar voor mkb-ondernemingen in alle branches en vooral bedoeld voor bedrijven die (nog) niet over een branchespecifieke RI&E beschikken.

 

Brancheorganisaties kunnen de digitale RI&E gebruiken als basis om een meer toegesneden RI&E voor hun sector te ontwikkelen.

 

De digitale RI&E is onderdeel van een breed programma van MKB Nederland, het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en vijftien brancheorganisaties.

 

Het programma ondersteunt het arbo-, verzuim- en reintegratiebeleid in het midden- en kleinbedrijf met concrete en praktisch toepasbare arbomiddelen. Staatssecretaris Rutte (SZW) stelt hiervoor 1,5 miljoen euro beschikbaar.

 

De Arbeidsinspectie controleert tot en met september de hulpverlening door politie, brandweer en ambulancezorg bij verkeersongevallen.

 

De hulpverleners lopen in hun werk zelf ook gevaar, zo blijkt uit het verleden. De afgelopen zes jaar gebeurden er zo’n twintig arbeidsongevallen tijdens de hulpverlening bij verkeersongevallen.

 

Medewerkers van de hulpdiensten lopen onder andere het risico aangereden te worden. Ook moeten zij bedacht zijn op het mogelijk vrijkomen van gevaarlijke stoffen zoals chloor en ammoniak, bijvoorbeeld bij verkeersongevallen met tankauto’s. Verder moeten hulpverleners maatregelen nemen om te voorkomen dat zij via bloedcontacten ziekten krijgen.

 

De Arbeidsinspectie constateerde eerder al dat politie en brandweer de risico’s voor werknemers onvoldoende in kaart hebben gebracht.

 

Ook gaf ambulancepersoneel onlangs aan moeite te hebben met het verwerken van traumatische ervaringen.

 

De ambulancezorg tekende inmiddels een arboconvenant dat voorziet in een betere opvang na traumatische ervaringen en de aanpak van lichamelijke belasting en ziekteverzuim.

 

Werkgevers die meer dan gemiddeld aandacht besteden aan uitdagend werk, sfeer en cultuur op het werk, hebben vaker tevreden en betrokken personeel. Uit onderzoek van TNO Arbeid blijkt dat goed werkgeverschap loont.

 

Andersom werkt het ook. Voor het TNO-onderzoek vulden vijfhonderd werkgevers en duizend werknemers een vragenlijst in over goed werkgever- en werknemerschap.

 

Werkgevers vinden over het algemeen dat zij veel aandacht hebben voor het wel en wee van hun werknemers. Het personeel zelf oordeelt daar iets minder over.

 

Zowel werkgevers als werknemers zijn het erover eens dat goed werkgeverschap goed gedrag van de werknemers oproept.

 

Vooral kleinere werkgevers ‘luisteren’ goed en geven ‘ruimte aan individuele behoeften’ van werknemers.

 

Ook besteden kleine werkgevers meer aandacht aan de sfeer op het werk en tonen zij meer waardering voor medewerkers.

 

Werkgevers bij grotere organisaties hebben meer aandacht voor ‘zwakke groepen’ (allochtonen of arbeidsgehandicapten), ‘gezondheid van medewerkers’ en ‘opleidingsmogelijkheden’.

 

De werknemers zijn positiever over zichzelf dan over hun baas.

 

Ze vinden dat zij ‘afspraken goed nakomen’, ‘goed samenwerken’ en ‘zich flexibel opstellen’. Ze willen ook best iets extra’s doen, zoals ‘alert zijn op veiligheid tijdens het werk’, geven de werknemers aan in het onderzoek.

 

Werkgevers noemen vooral een economisch of bedrijfsmatig motief als reden voor goed werkgeverschap.

 

Werknemers streven naar werknemerschap omdat zij ‘vooral hun best willen doen’.

 

Het onderzoek van TNO Arbeid is onderdeel van een breder programma over goed werkgever- en werknemerschap binnen landen van de Europese Unie.

 

Wereldwijd sterft er elke vijftien seconden iemand door zijn werk. Dit stelde de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) op de Werelddag voor Veiligheid en Gezondheid op de werkplek. De zesduizend doden per dag is meer dan het aantal oorlogsslachtoffers elk jaar, aldus de ILO.

 

Per jaar sterven ongeveer 750.000 vrouwen, 1,5 miljoen mannen en 22.000 kinderen door een ongeluk op hun werk of door een arbeidsgerelateerde ziekte.

 

De Arbeidsinspectie controleert komende maanden vakantiewerkers in de landbouw en gezondheidszorg.

 

De AI heeft elk jaar een ‘vakantieproject’. Vorig jaar gaf de inspectie 568 waarschuwingen en werden 67 boetes en tien processen-verbaal uitgeschreven.

 

Jongeren mogen alleen werk doen en op tijden passend bij hun leeftijd.

 

In het vorig nummer publiceerden wij een artikel van ArboNed’s Rob Pijpers over de pogingen die Corus heeft ondernomen om de verkeersveiligheid op haar fabrieksterreinen te verbeteren (Strafpunten voor snelheidsduivels, blz. 60 e.v.). De teneur van het stuk was dat het verkeersbeleid van Corus geen enkel resultaat heeft opgeleverd. Mevrouw Den Ouden van ArboNed liet ons weten dat het artikel de feitelijke situatie niet correct weergeeft. Het verkeersbeleid van Corus heeft wel degelijk vrucht afgeworpen: het aantal ongevallen op overwegen is de laatste jaren afgenomen. Ook wees zij ons er op dat de auteur van het artikel niet Ron maar Rob Pijpers heet.

 

Reintegratiebedrijven die goed presteren, moeten bij de aanbesteding van trajecten als ‘preferred supplier’ langer lopende contracten krijgen. Dit schrijft TNO Arbeid zowel in een evaluatie van de aanbestedingsronde 2003 als in een internationaal onderzoek naar de aanbesteding van reintegratietrajecten.

 

In opdracht van uitvoeringsinstantie UWV bekeek TNO Arbeid hoe de ‘aanbestedingsronde nieuwe stijl’ in 2003 uitpakte. Vorig jaar werden voor het eerst trajecten aanbesteed volgens resultaatfinanciering:

 

het UWV sloot contracten met reintegratiebedrijven gebaseerd op het ‘no cure, no pay’ en

 

‘less cure, less pay’ principe.

 

Volgens TNO is met de nieuwe aanbestedingsprocedure een kwaliteitsslag gemaakt. Maar de evaluatie noemt ook knelpunten. Er is een te dik Programma van Eisen en het ontbreekt volgens TNO aan een standaardformat voor geleverde prestaties. Door het ontbreken van een scholingsbudget zijn de mogelijkheden voor scholing te beperkt. Ook meent TNO dat er nog te weinig aandacht is voor de samenstelling van doelgroepen.

 

Volgens TNO kunnen de knelpunten voor een belangrijk deel worden weggenomen door in de toekomst te werken met een lijst van vaste aanbieders. Die zouden op grond van goede prestaties langduriger contracten moeten krijgen.

 

Diezelfde aanbeveling doet de Raad voor Werk en Inkomen (RWI) op basis van een internationale vergelijkingsstudie naar aanbestedingsprocedures uitgevoerd door TNO Arbeid en onderzoekbureau SEO. ‘Het verbeteren van kwaliteit en innovatie gaat reintegratiebedrijven beter af als de reintegratiemarkt niet na elke aanbestedingsronde door elkaar wordt geschud’, aldus de RWI. Volgens de raad ontstaat er meer rust als opdrachtgevers (het UWV en gemeenten) ‘meer ruimte krijgen bij de inkoop van reintegratietrajecten om langeretermijn-contracten mogelijk te maken, om aan te besteden op uitnodiging en om de contracten met de best presterende bedrijven te verlengen.’

 

Om te voorkomen dat reintegratiebedrijven met een langlopend contract op zak hun best niet meer doen, gelden wel als randvoorwaarden dat de markt openblijft voor nieuwkomers, er prijsprikkels bestaan en er een goede en permanente toetsing is van kwaliteit.

 

In het internationale onderzoek vergeleken TNO Arbeid en SEO de aanbestedingsprocedures van Australie, Denemarken, Verenigde Staten, Groot-Brittannie en Zweden met het Nederlandse model.

 

Uit de vergelijking blijkt volgens de RWI dat Nederland voorop loopt als het gaat om ervaring met aanbesteding van reintegratiedienstverlening.

 

Om de risico’s voor reintegratiebedrijven te verminderen, is in Australie de contractduur geleidelijk verlengd van twee jaar in 1998 naar vier jaar in 2003.

 

Binnen de Vakcentrale FNV is met hoongelach en onbegrip gereageerd op de nota van MKB Nederland voor een nieuwe arbowet. Begin mei presenteerde MKB-voorzitter L. Hermans de nota ‘Deregulering Arbowet en

 

-regelgeving’. MKB Nederland vindt de Europese arboregels voldoende als Arbowet. Alleen in uitzonderingsgevallen moet ons land er misschien extra wetgeving aan toevoegen, vindt MKB Nederland. Met de nota lopen de kleinere werkgevers vooruit op de evaluatie van de nieuwe Arbowet. In november stuurt staatssecretaris Rutte van SZW een adviesaanvraag over arboregels aan de Sociaal Economische Raad.

 

Maar volgens Wim van Veelen, beleidsmedewerker arbeidsomstandigheden bij Vakcentrale FNV, ‘wemelt de nota van de fouten’. Van Veelen: ‘We hebben gestuiterd van het lachen, maar begrijpen het ook echt niet. Zo schrijft MKB Nederland ‘maximaal aanvaardbare concentraties’ in plaats van ‘maximaal aanvaarde concentraties’. Dat betekent toch echt iets anders. Zo staan er meer geweldige onjuistheden in. Het lijkt wel of ze het bewust doen. Alsof het beleid is.’

 

MKB Nederland schrijft in de nota dat de overheid alleen grote risico’s bij werk, zoals het werken met gevaarlijke stoffen, bij wet moet regelen.

 

‘Kleinere risico’s kunnen op brancheniveau afgedekt worden’, aldus de werkgeversorganisatie voor het midden- en kleinbedrijf.

 

Volgens MKB-voorzitter Hermans kosten alle arboregels het Nederlandse bedrijfsleven jaarlijks ruim een miljard. ’Tien procent zou opgaan aan administratieve lasten. ‘Zoals zo vaak is ons land ook op dit gebied roomser dan de paus’, aldus Hermans. ‘De formele arbowetgeving beslaat 300 pagina’s, daarbovenop komen nog bijna 3800 bladzijden normen en 1600 bladzijden Arbo-informatiebladen. Werkgevers en werknemers zien door de bomen het bos niet meer’, zegt Hermans, die pleit voor een standaard op Europees niveau. Komt daar nog iets bovenop, dan moet daar een goede rechtvaardiging voor zijn, aldus MKB Nederland.

 

De ‘kleine werkgevers’ reageren ‘teleurstellend’ op het kabinetsbesluit over de arbodienstverlening. Het kabinet volgt hierin het advies van de SER, waardoor volgens het kabinet ‘branches en bedrijven in de toekomst zelf beslissen hoe ze preventie en begeleiding van ziekteverzuim regelen’. MKB Nederland heeft echter grote ‘twijfel of de beoogde marktwerking door het kabinetsvoorstel wordt gestimuleerd’.

 

Voor het midden- en kleinbedrijf lost het kabinet momenteel weinig tot niets op, meent MKB Nederland. Het kabinet tuigt de medezeggenschap op, maar doet niets aan de verbetering van die marktwerking’, stellen de werkgevers. MKB Nederland zegt erop te vertrouwen dat het huidige voorstel ‘een tussenfase’ is en dat er nog deze kabinetsperiode een nieuw voorstel komt.

 

Reintegratiebedrijven scoren in de Reintegratiemonitor van de Raad voor Werk en Inkomen net voldoende.

 

Reintegratiebedrijf Agens scoort voorlopig het hoogst met 7,3. Hekkensluiter is Maatwerk Helmond met een 4,7. Gemiddeld scoren de bedrijven een 6,6 als cijfer.

 

De prestaties van individuele bedrijven zijn sinds kort in de monitor opgenomen om de reintegratiemarkt voor opdrachtgevers inzichtelijker te maken.

 

De RWI enqueteerde voor het tevredenheidsonderzoek uitvoeringsorgaan UWV 41 van de 46 grootste gemeenten. Uit zorgvuldigheid zijn alleen de zeventien bedrijven die met meer dan vijf grote gemeenten of UWV-regio’s in 2002 contracten hadden, in de monitor opgenomen. De bedrijven zijn samen goed voor eenderde van de totale omzet op de markt voor reintegratiediensten.

 

De RWI vindt het opvallend dat de opdrachtgevers de bedrijven lager waarderen als het gaat om efficientie en effectiviteit van de dienstverlening. Voor het onderdeel

 

‘behaalde resultaten’ scoren de bedrijven een magere voldoende (6,1). Procesaspecten (zoals de bereikbaarheid en zorgvuldige omgang met gegevens) krijgen een hogere waardering. Reintegratiebedrijven met het kwaliteitskeurmerk van brancheorganisatie Borea krijgen vooralsnog gemiddeld geen hoger rapportcijfer dan bedrijven zonder dit keurmerk.

 

De RWI wil in de toekomst het aantal bedrijven in het tevredenheidsonderzoek uitbreiden.

 

Honderd bedrijfsartsen registreren sinds kort verzuimgegevens voor het nationaal kennissysteem Laboretum. Het systeem moet artsen in de toekomst helpen betere verzuimprognoses te maken bij verschillende klachten.

 

Volgens de Brancheorganisatie Arbodiensten doen alle grote arbodiensten mee aan het project. Ook verschillende zelfstandige bedrijfsartsen en artsen van kleinere diensten hebben zich voor Laboretum aangemeld, aldus de BOA.

 

Door verzamelde verzuimgegevens straks te vergelijken met de Nationale Verzuimstatistiek van het Centraal Bureau voor de Statistiek en BOA, kan worden vastgesteld of er in bepaalde sectoren langer verzuimd wordt dan medisch noodzakelijk. Bijvoorbeeld omdat werkgevers adviezen van de bedrijfsartsen niet overnemen.

 

Het is de bedoeling dat Laboretum in de toekomst arbodiensten, reintegratiebedrijven en verzekeraars ook op de hoogte houdt van de laatste inzichten in behandelingsmethoden en reintegratiemogelijkheden bij klachten.

 

Het nationale kennissysteem heeft als doel de reintegratieactiviteiten van reintegratiebedrijven en arbodiensten te verbeteren. Laboretum is een samenwerkingsproject van Stecr en TNO Arbeid en wordt mede gefinancierd door het ministerie van Sociale Zaken en Stichting Instituut GAK.

 

Negentig procent van de verpleegkundigen is soms bang of angstig tijdens het werk. Verpleegkundigen vrezen vooral agressie door familieleden van patienten. Dit concludeert CNV Publieke Zaak uit de lezersenquete die het blad Verpleegkunde Nieuws op de Landelijke Dag van de Verpleging, 12 mei, publiceerde.

 

In de enquete, die met de bonden in de zorgsector werd opgezet, geeft een deel van de respondenten aan vaak angstige situaties mee te maken. Van de mannelijke verplegers zegt 22 procent wekelijks of zelfs dagelijks bedreigende situaties mee te maken. Van de vrouwen zegt elf procent dat.

 

Maandelijks voelen 44 procent van de mannen en 39 procent van de vrouwen zich wel eens bedreigd.

 

CNV Publieke Zaak noemt de resultaten van de enquete ‘schokkend’.

 

CNV-bestuurder Willem Jelle Berg: ‘Het is ongehoord dat negentig procent van de mensen in hun werk angst kent. Nog erger is eigenlijk dat dit ook zo frequent voorkomt.’

 

De helft van de inzenders heeft zelf een of meerdere keren te maken gehad met fysieke of nonverbale agressie en werd daar angstig van. Nog eens de helft merkt dat collega’s er bang voor zijn.

 

Tien procent heeft zelf geen ervaring met agressie, maar vreest dat dit in de toekomst wel kan gebeuren.

 

Otto BV uit Tilburg is winnaar van de Kroon op het Werk 2004.

 

De jury prees de indrukwekkende wijze waarop het bedrijf al jaren consistent een actief preventieen reintegratiebeleid voert. Het Waterland Ziekenhuis uit Purmerend krijgt de brancheprijs voor zijn beleid gericht op mensen met een arbeidshandicap. Zie ook elders in dit nummer.

 

De Nederlandse Spoorwegen betalen een schadevergoeding aan een getraumatiseerde machinist die negen zelfmoordenaars voor zijn trein kreeg. Volgens FNV Bondgenoten maakt nu ook ander NS-personeel met traumatische ervaringen meer kans op een schadevergoeding.

 

De bewindslieden van SZW nemen het idee voor ‘een waakhond’ over die erop moet toezien dat de aanbevelingen om ouderen langer aan het werk te houden in de praktijk worden gebracht. Tot 2007 heeft SZW 21 miljoen euro beschikbaar voor leeftijdbewust personeelsbeleid. Maar er is vooral een cultuuromslag nodig om ouderen in dienst te houden, menen de SZW-bewindslieden.

 

Het Kwaliteitsbureau NVAB heeft met ingang van april de activiteiten overgenomen van het Bureau Richtlijnen NVAB. Het Kwaliteitsbureau NVAB, de beroepsvereniging van bedrijfsartsen, ondersteunt bedrijfsartsen bij de beroepsuitoefening en bij het leveren van kwalitatieve zorg.

 

Annette Ottolini RM begint per 1 juni 2004 als directeur Communicatie & Business Development bij arbodienst Maetis arbo NV. In eerdere functies heeft Ottolini ruime ervaring opgedaan in het opzetten van zogenaamde

 

‘new business’ activiteiten.

 

Reageer op dit artikel