artikel

De mens centraal

Wetgeving

Van der Laan zegt dat de nieuwe wet op de arbodienstverlening en het aanbrengen van meer verantwoordelijkheid voor werkgevers en werknemers een sluier weghaalt. ‘De Arbo Unie bestaat bijna honderd jaar. We zijn opgericht door de ondernemers. Passend in de traditie van het verlicht liberaal denken vonden de werkgevers dat ze zelf de verantwoordelijkheid voor goede arbeidsomstandigheden op zich dienden te nemen. De eerste die dat deed, was scheepswerf De Schelde. Daar moesten bedrijfsartsen werknemers keuren die weer aan het werk wilden. Het ziektegeld was immers zo laag dat mensen soms te vroeg weer aan de slag gingen. Dat leverde bijvoorbeeld besmettingsgevaar op voor het overige personeel. Uiteindelijk leidden die initiatieven van bedrijven tot zorg voor goede arbeidsomstandigheden en het tegengaan van arbeidsongevallen door ondernemers. In tegenstelling tot ons omringende landen is in Nederland die zorg altijd de verantwoordelijkheid geweest van de werkgever en hebben we dat niet gedelegeerd aan de staat. Nu gaan we weer terug naar waar het allemaal om begon. We waren te ver doorgeschoten door werkgevers wettelijk te verplichten arbodiensten in te huren om hun arbeidsomstandigheden goed te regelen. Ironisch genoeg zorgde een uitspraak van het Europese Hof ervoor dat de verantwoordelijkheid voor goede arbeidsomstandigheden in Nederland weer in handen van de werkgevers komt.’

 

Ook het neerleggen van financiele prikkels door de overheid voor werkgevers en werknemers bij ziekte in de vorm van de nieuwe wet WIA en de loondoorbetaling bij ziekte omarmt Van der Laan. ‘Als de sociale partners eerder volwassen arbeidsverhoudingen hadden geregeld en financiele prikkels hadden aangebracht om niet ziek te worden, hadden wij als arbodiensten een stuk minder werk gehad. En ons niet bezig hoeven te houden met een oneigenlijke taak. Onze dokters werden hoe langer hoe meer opgezadeld met socialezekerheidstaken. Wij moeten zorgen voor gezonde mensen in gezonde bedrijven. We werden te veel geconfronteerd met werknemers die voortdurend verzuimden. Dat is geen ziekte, maar gedrag. Dat heb ik direct al bij mijn aantreden in 2000 gezegd.’

 

Van der Laan valt over de stelling dat veel bedrijfsartsen werknemers juist de hand boven het hoofd hielden en beweerden dat werknemers hoogstzelden simuleerden. ‘Dat is niet waar. Onze artsen hebben hier altijd zeer zuiver en direct in geopereerd. Bedrijfsartsen hebben jarenlang aan de bel getrokken. Arbodiensten hebben ‘a contre coeur’ die oneigenlijke socialezekerheidstaak in 1994 laten opdringen en op zich genomen.’

 

Want waar Van der Laan in vuur en vlam van raakt is niet de dokter die beoordeelt of een werknemer al dan niet terecht ziek is of de arts die een huisbezoek aflegt, maar het bevorderen van de arbeidsvreugde en productiviteit. Hij is ervan overtuigd dat de Nederlandse economie gaat winnen van ‘de Chinezen’ als ‘we’ investeren in de inzetbaarheid en kwaliteit van het menselijk kapitaal. En zo komen we toch weer terug op de stelling dat samen voetbal kijken de arbeidsproductiviteit bevordert. ‘Niet dat ik iedere klant aanraad om bij elke grote nationale gebeurtenis een groot videoscherm op te hangen, maar ik zou wel willen dat ze erover nadenken. Bedrijven zijn meer dan productieorganisaties. Ze nemen meer en meer de rol over die vroeger kerken, politieke partijen en verenigingen hadden. Je ziet ook dat ondernemingen verder kijken dan hun product door in het kader van maatschappelijk verantwoord ondernemen de samenleving meer te bieden. De sleutel van ons toekomstige economische succes ligt in het menselijk kapitaal. Dat is de kern van de zaak.’

 

Volgens de Arbo Unie directeur zijn mensen meer dan vroeger de belangrijkste waarde van de economie. ‘We hebben een tijd gedacht dat we meerwaarde konden creeren met kapitaal, maar mensen en machines maken de producten. En de mens wordt daarin steeds bepalender. Door zijn creativiteit en inzet bepaalt hij de kwaliteit van het product en de meerwaarde voor de klant. Het is dan ook erg waardevol om die menselijke productiviteit steeds verder te verhogen en te versterken.’

 

En dan is de link met arbodiensten gauw gemaakt. Want werknemers nemen door hun steeds belangrijkere rol geen genoegen met een rol in de marge en laten zich ook niet in een ondergeschikte rol drukken. ‘Werknemers zijn een soort zelfstandigen zonder personeel geworden die zich in steeds wisselende samenwerkingsverbanden dienen te bewijzen. Maar dan eisen ze heel terecht wel goede arbeidsomstandigheden en een gezond bedrijf waarin ze dat doen. En daar komen wij dus om de hoek kijken.’

 

De Arbo Unie kent inmiddels 190 klantenteams met 5 of 6 professionals. De spil van het bedrijf is nog steeds de bedrijfsarts, zo vertelt Van der Laan. Administratieve taken worden door bedrijven steeds minder afgenomen. ‘Het laten dalen van het verzuim tot net onder of op vijf procent is niet zo moeilijk. Je zorgt dat de Wet verbetering poortwachter goed wordt uitgevoerd en de zieke werknemer zich meldt bij de chef en niet bij de receptie. Maar dan? Onder de vijf procent wordt het moeilijker. Je krijgt dan te maken met empowerment van mensen en komt meer op het HRM-beleid. Daar heb je specialisten voor nodig in wisselende teams.’

 

Ironisch genoeg worden die teams bij de Arbo Unie niet alleen bemenst door vaste medewerkers, maar ook door bedrijfsartsen die een jaar geleden het bedrijf nog verlieten om zelfstandig te worden. ‘Sommigen liepen tegen de interne verbrokkeling en de bureaucratie aan. Dat is logisch. Ook in het onderwijs worden en werden processen als reorganisaties gemanaged door mensen uit de overhead. Maar daar hebben we nu geen last meer van. Dat die professionals nu weer terugkomen, zie ik niet als bezwaar. Ze zijn van harte welkom. En dat we bij sommigen nog steeds een bureaucratisch imago hebben, neem ik maar voor lief. Een slecht imago komt te paard en gaat weer te voet. Onze klanten weten inmiddels beter.’

 

Collega-arbodiensten maken inmiddels weer tevreden winst en directeur John van Hoof van Maetis meldde bij de presentatie van de jaarcijfers te verwachten dat de omzet van zijn bedrijf verder zou stijgen. De aantrekkende economie zou voor een stijging van het verzuim en dus ook van zijn omzet zorgen. Van der Laan is het niet met hem eens. ‘Nee, ik denk dat het verzuim niet veel verder daalt, maar het zal ook niet stijgen. Bedrijven laten het niet zover meer komen. Wij moeten als arbodiensten onze toegevoegde waarde elders halen. Op het gebied van arbeidsomstandigheden en preventie.’

 

Mooi voorzetje voor de op handen zijnde fusie van de brancheorganisatie arbodiensten (BOA) en de reintegratiebedrijven (Borea). ‘Die zal op 1 juli geeffectueerd worden. En dat is een goede zaak. Op de eerste plaats staan we samen sterker ten opzichte van andere partijen als departementen, maar we hebben natuurlijk veel gemeen. En vergeet ook niet dat de BOA als organisatie een beetje besmet is door de associatie met arbo, verplichtingen en ingewikkelde regelgeving.’

 

Nou wil het toeval dat de naam arbo ook in zijn bedrijf nogal prominent aanwezig is. Bestaat de naam Arbo Unie over tien jaar nog? ‘We zijn nu niet concreet bezig met een naamsverandering, maar ik garandeer niet dat we over tien jaar nog hetzelfde heten. We denken wel eens na over een naamswijziging.’

 

Bonden en overheid ruzien over de nieuwe Arbowet die veel minder regels telt en meer overlaat aan de sociale partners. Dat lijkt in het voordeel van arbodiensten die volop de sectoren via de arbocatalogi kunnen voordoen hoe aan globale doelen uit het Arbobesluit te voldoen. Van der Laan is daar gematigd optimistisch over. ‘Kijk, het moet natuurlijk geen achteruitgang in beschermingsniveau van de werknemer worden. En dat wordt het wel als Van Hoof vasthoudt aan de afschaffing van de verplichting een arbospreekuur te houden. Allerlei onderzoeken wijzen uit dat laagdrempelige toegang tot arbodienstverlening heilzaam is voor de productiviteit en laag ziekteverzuim. Maar in de grote lijnen van de wet kan ik me wel vinden.’

 

En zo blijft Arbo Unie, of wellicht over een tijd pakweg Vitalis, de gulden middenweg bewandelen. Nog steeds profilerend als onafhankelijk van verzekeraars. ‘Ja, dat blijft belangrijk. We werken wel samen met ze, maar we worden geen onderdeel. En dat hoeft ook niet, want we zullen er geen cent meer omzet om behalen. De meeste werkgevers willen geen pakket en gedwongen winkelnering. Maar eigenlijk zou ik er niet eens over moeten nadenken. De overheid zou het gewoon moeten verbieden. Ik ben absoluut geen fan van het vaak rauwe kapitalisme in Amerika, maar daar zijn ze bij de liberalisering van markten wel veel kordater. Een schijn van belangenverstrengeling? Dan verbieden we het gewoon.’

 

Reageer op dit artikel