artikel

Een nieuwe ‘eistijd’?

Wetgeving

Maar bestaat de claimcultuur niet al? Bureau Beroepsziekten FNV geniet grote bekendheid door zijn zevenhonderd claims tegen werkgevers. En wie even op internet surft, stuit op allerhande andere claimbureaus die werknemers terzijde willen staan bij hun zaak tegen de werkgever: Bedrijfsongeval Claim, Claimcare, ArboClaim, Claimlt.nl, Claimssettlement, Claimpoint. Het lijkt booming business.

 

Een werkgroep Claimcultuur van het ministerie van Justitie definieerde het fenomeen enkele jaren geleden in het rapport ‘Claimcultuur, naar een nieuwe eistijd?’. ‘Onder een claimcultuur wordt verstaan een cultuur waarin burgers elkaar veelvuldig en voor hoge bedragen in juridische zin aanspreken ter vergoeding van geleden schade, zonder dat dit overigens in alle gevallen hoeft te leiden tot een juridische procedure’, aldus het rapport. Volgens de werkgroep heeft een claimcultuur twee kenmerken: het aantal rechtszaken waarbij schadevergoeding wordt geeist neemt toe en de gemiddelde hoogte van de geeiste schadevergoedingen neemt toe. ‘Uitgaande van die maatstaven is er in zeker zin al sprake van een claimcultuur’, zegt Bob Koning, secretaris arbeidsomstandighedenbeleid van werkgeversorganisatie VNO-NCW. ‘Wij zien inderdaad een toename van het aantal claims en een toename van de hoogte van claimbedragen. Dat horen we ook van onze leden. We zijn nog niet zover als in Amerika. Gelukkig maar, zou ik zeggen.’

 

Koning vermoedt een aantal oorzaken voor de toename van de claims. Het zijn indrukken, niet gestaafd door onderzoek, zegt hij vooraf. ‘Nederlanders claimen in het algemeen sneller dan vroeger. Dat strekt zich ook uit tot de arbeidsrelatie. Daarnaast is de WAO-uitkering niet meer zo lang en zo hoog als in het verleden. Werknemers zijn ook mondiger geworden. De drempel om te claimen is daardoor lager komen te liggen. Dat wordt versterkt door een Bureau Beroepsziekten FNV dat op ‘no cure, no pay basis’ laagdrempelige acties mogelijk maakt. Werknemers wagen daardoor misschien eerder een gokje. Ook andere letselschadebureaus presenteren zich actief in de publiciteit en brengen werknemers soms op een idee voor een claim’, aldus Koning.

 

Volgens directeur Jan de Jong van Bureau Beroepsziekten FNV (BBZ FNV) doet het begrip claimcultuur al snel denken aan Amerikaanse toestanden met grote bedragen als smartengeld. ‘Dat is in Nederland niet aan de orde’, zegt hij. De Jong: ‘Smartengeld is hier een stiefkindje. In Nederland zijn claims vooral bedoeld ter compensatie voor gederfde inkomsten.’

 

Ook woordvoerder Roland Kroes van het Verbond van Verzekeraars ziet vooralsnog ‘geen Amerikaanse toestanden’. Kroes: ‘Er is geen sprake van een stortvloed van claims. We zien wel een duidelijke stijging in het bedrag dat geclaimd wordt. In de beleidsstukken heet dat altijd mooi ‘een opwaartse druk’. Volgens de kenmerken is er dus geen sprake van een claimcultuur.’

 

‘Het verwijtbaar handelen is cruciaal’, stelt Meijer Cluwen van bureau ArboClaim. Het bureau informeert via zijn website en folders slachtoffers van arbeidsongevallen en beroepsziekten en functioneert als intermediair tussen slachtoffers en gespecialiseerde letseladvocaten. Cluwen praat niet graag met de pers, ‘want de verhalen pakken toch altijd negatief uit’, is zijn ervaring. ‘Maar 95 procent van de mensen die ons bellen zit met vragen als: Hoe kom ik weer aan het werk? Hoe blijf ik uit de WAO? Ze bellen niet met vragen hoe zij hun werkgever zoveel mogelijk kunnen laten betalen. Zeker in kleine organisaties hebben mensen nogal eens moeite hun werkgever – die aardige vent – aansprakelijk te stellen. Daar wordt heel vaak aan voorbijgegaan’, aldus Cluwen, die verder verwijst naar Frans Joosten, letselschadeadvocaat in Amsterdam en gespecialiseerd in arbeidsongevallen, arbeidsrecht en sociale zekerheid. Joosten: ‘Tot voor enkele jaren was er een toenemende trend in zaken. De mogelijkheid om te claimen werd steeds bekender. Ik heb juist de indruk dat het aantal claims de laatste anderhalf tot twee jaar afneemt.’ Voorzitter H. Taminiau van de Nederlandse Vereniging van Letselschade Advocaten (LSA) baseert zich op een rapport uit 2003 van het Wetenschappelijk Onderzoeksen Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie over claims die tussen 1997 en 2000 aan de civiele sectoren van de rechtbanken zijn voorgelegd. ‘De aantallen claims bleken niet noemenswaardig gegroeid. Hoewel wel hogere bedragen werden geclaimd, stegen de door de rechter toegewezen vergoedingen nauwelijks’, citeert Taminiau het WODC-rapport.

 

Het Verbond van Verzekeraars bespeurt wel signalen dat de claimcultuur op de deur staat te kloppen, zegt woordvoerder Roland Kroes. ‘De kabinetsvoorstellen op het gebied van de Arbowet en WAO kunnen volgens het Verbond leiden tot een toename van het aantal claims. Vroeger konden burgers veel meer terugvallen op sociale vangnetten. Daar wordt nu strakker naar gekeken. Mensen hebben daardoor minder inkomen. Ze proberen dat eerder te verhalen via claims bij werkgevers.’

 

Ook volgens de LSA betekent het verlagen van het sociale vangnet onvermijdelijk een groter aantal claims in het aansprakelijkheidsrecht. ‘Naarmate de sociale zekerheid afkalft, wordt het aansprakelijkheidsrecht voor de vergoeding van primaire levensbehoeften navenant belangrijker’, aldus de LSA in een eerdere brief aan minister Donner.

 

Directeur Jan de Jong van Bureau Beroepsziekten FNV gelooft zeker dat de nieuwe Arbowet zoals die op de schappen ligt, bijdraagt aan een stijging van het aantal claims. ‘De Arbowet wordt ontmanteld en ook de WAO wordt verder uitgekleed. Daardoor neemt de bescherming van werknemers af. Als dat tot brokken leidt, stijgt het aantal claims. Ik ben ervan overtuigd dat vanaf 2006 het aantal claims gaat toenemen’, aldus De Jong. Het hoort klaarblijkelijk bij deze tijd, stelt hij. De Jong: ‘Het is logisch dat mensen partijen aanspreken als de overheid zich terugtrekt uit de sociale zekerheid. Mensen verliezen niet alleen hun gezondheid, maar vallen tegenwoordig ook in een diep inkomensgat. De overheid wil dat de vervuiler betaalt. Als het inkomensverlies veroorzaakt wordt door verwijtbaar gedrag van een werkgever of andere partij, moeten wij die wel aanspreken.’

 

Secretaris arbeidsomstandighedenbeleid Bob Koning van VNO-NCW begrijpt best dat FNV’er Ton Heerts en Bureau Beroepsziekten voor werknemers opkomen en de trom roeren. Maar Koning schrikt dat er zoveel claimbureaus zijn. ‘Het is nog erger dan ik dacht’, reageert hij op het nog onvolledige rijtje namen. Koning: ‘Als er zoveel vraag is, heb ik daar vrede mee. Het staat iedere Nederlander vrij om bij schade via de juridische weg zijn gelijk te halen. Maar ik heb het idee dat de bureaus mensen soms ook op ideeen brengen. Niet alleen vanuit dienstverlening naar slachtoffers, maar ook om als ondernemingen eigen markten te bewerken en hun omzet te vergroten.’

 

Als het aantal claims werkelijk zo’n grote omvang aanneemt zoals Heerts suggereert – en er daardoor misschien wel bedrijven failliet gaan – zal de wal het schip wel keren, verwacht Koning. ‘De claimcultuur legt ook een grote druk op rechtbanken. Als de rechterlijke macht onder de claims dreigt te bezwijken, zal de politiek vermoedelijk wel ingrijpen’, zegt hij.

 

Anders dan De Jong van BBZ FNV ziet Koning in de nieuwe Arbowet geen aanleiding voor meer claims. ‘Ik denk niet dat de nieuwe wet het aantal claims bevordert. Bedrijven krijgen meer verantwoordelijkheid, maar ook de ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging krijgt grotere betrokkenheid. Op die manier zijn ook werknemers volop betrokken bij de regelgeving die wordt doorgevoerd. Het is vreemd als je op een moment instemt met regels en maatregelen en op een ander moment gaat claimen.’ Maar daarmee komt een werkgever niet weg, meent De Jong. ‘Het gaat niet om overleg met een ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging. Met overleg ontduik je geen verantwoordelijkheid. De wetgever bepaalt gewoon dat er een sterke verantwoordelijkheid ligt bij de werkgever. Die heeft een zorgplicht. Alleen al omdat er in de arbeidsrelatie geen sprake is van een gelijke verhouding tussen twee partijen, zal vanuit wetgeving de bescherming van werknemers tot op zekere hoogte gewaarborgd blijven. Het is niet zo dat een ondernemingsraad de wettelijke zorgplicht van de werkgever kan verminderen.’ Advocaat Joosten geeft nog een heel ander inzicht. Hij oppert de mogelijkheid dat de nieuwe Arbowet een dempende werking heeft op het aantal claims. Joosten: ‘Individuele werkgevers kunnen straks op een eigen manier invulling geven aan maatregelen. Daardoor moet je bij een claim het verwijt specifieker construeren. Claims worden daardoor ingewikkelder. Er is meer onduidelijkheid en dus moet je vooraf meer onderzoek verrichten naar de kansen van een claim. Dat maakt een claim duurder. Dat kan een dempende werking hebben op het aantal claims.’

 

Joosten vindt dat laatste vanuit zijn achtergrond geen goede ontwikkeling. Het raakt aan de portemonnee van slachtoffers en zijn eigen praktijk. Bovendien betekent het stilstand voor het rechtssysteem, stelt hij. Joosten: ‘Juist de letselschadezaken zijn altijd belangrijk geweest voor jurisprudentie en vormden altijd een voorhoede voor het burgerlijk recht in het algemeen .’ De letselschade-advocaten verenigd in de LSA zijn om andere redenen ‘beducht’ voor het strippen van wetgeving en een toename van claims. LSA-voorzitter Taminiau: ‘Ik heb zojuist een zaak afgewikkeld waarin de client WAO behoudt en geen herbeoordelingen meer krijgt. Prompt wordt ze een maand later voor herkeuring opgeroepen. Dan kun je dus weer opnieuw beginnen. Het is een zorgelijke ontwikkeling die een grote druk legt op de rechtbanken. Er wordt inmiddels ook nagedacht over de mogelijkheid van specialistische kamers waarin letselschades sneller afgehandeld kunnen worden .’ Het Verbond van Verzekeraars noemt het ‘zorgelijk’ als de dreigende claimcultuur werkelijkheid wordt. Kroes: ‘Als het schadebedrag toeneemt, kan dat bijvoorbeeld leiden tot stijgende premies voor verzekeringen. Maar belangrijker is de dreiging dat verzekeraars het risico van beroepsziekten geheel of gedeeltelijk uit de dekking halen. Dan staan werknemer en werkgever in de kou. Die laatste blijft namelijk aansprakelijk en de eerste weet niet of de werkgever zijn schadevergoeding wel zal kunnen betalen.’ Het Verbond wil de claims via het ingewikkelde aansprakelijkheidsrecht graag inwisselen voor de Extra Garantieregeling Beroepsziekten (EGB). Kroes: ‘We worden nu geconfronteerd met claims voor schade waarvan we in het verleden nooit de risico’s hebben kunnen meewegen, omdat die niet bekend waren. Wij werken liever met een directe verzekering voor beroepsrisico’s, waarbij slachtoffers van een beroepsziekte een van tevoren vastgesteld bedrag krijgen toegekend. Je hoeft dan niet steeds langdurige procedures te doorlopen. Dat ontlast ook de rechterlijke macht.’ Volgens Kroes was er rond het SER-compromis over de WAO bijna een akkoord over een dergelijke regeling, maar dat heeft het toen net niet gehaald.

 

Koning, VNO-NCW: ‘Wij merken dat verzekeraars zich beraden op de mogelijke consequenties als claims op basis van beroepsziekten een te grote vlucht gaan nemen. Verzekeraars sluiten nu soms al bepaalde beroepsziekten uit in de polisvoorwaarden.

 

Straks kun je misschien wel een verzekering nemen, maar dan tegen veel hogere premies of met een veel hoger eigen risico. Linksom of rechtsom raakt het altijd de portemonnee van de werkgever. Dat doet werkgevers altijd pijn. Daarom moeten werkgevers de waarschuwing die hiervan uitgaat ter harte nemen en voorkomen dat zich gezondheidsschade voordoet.’

 

Reageer op dit artikel