artikel

Hoe leid je iemand op zonder te weten wat hij moet weten?

Wetgeving

Micha Leummens is adjunctdirecteur van Arboplan. Hij geeft het volmondig toe: de bestaande vaardigheidstraining voor arbocoordinator van Arboplan is inhoudelijk niet veranderd. Er is alleen ‘en preventiemedewerker’ aan toegevoegd. Arboplan houdt bewust een beetje een slag om de arm, zegt de adjunct-directeur. ‘Ik heb het vermoeden dat opleiders en andere aanbieders elkaar een beetje gek maken. Ik zie nu al aanbiedingen van Arbo Unie en Dexis Arbeid voor trainingen voor preventiemedewerkers. Nou, dat is knap, denk ik dan. De wet wijdt er bij wijze van spreken twee regels aan. Hoe kun je dan nu garanderen dat jouw opleiding straks de lading dekt? Dat kan volgens mij dus niet. Wij wachten totdat we zeker weten dat wat wij aanbieden de lading dekt.

 

Daar is het nu te vroeg voor.’ Leummens verdedigt dat Arboplan zelf ook voor 1590 euro een driedaagse training aanbiedt. De training op mbo+/hbo-niveau wordt twee tot vier keer per jaar gegeven. ‘We hebben de term preventiemedewerker erbij gezet omdat de training vaardigheden behandelt waar een arbocoordinator en een preventiemedewerker beiden baat bij hebben. Hoe geef je voorlichting? Hoe treed je op als adviseur? Hoe ga je om met de verandering van de functie arbocoordinator naar preventiemedewerker? Want ik voorzie dat de term arbocoordinator in de toekomst verdwijnt.

 

Volgens adviseur opleidingen/ ergonoom Gert Contant van Etop valt het best mee met de onduidelijkheid rondom de preventiemedewerker. Contant: ‘Er zijn de preventiemedewerker taken toebedeeld. Die zijn wat ons betreft bepalend voor welke kennis hij in de toekomst nodig heeft. Die zal per bedrijf en situatie verschillen. Maar doordat de wetgeving ons een beetje vrijlaat, vinden mensen te snel dat het een vaag begrip is. De preventiemedewerker krijgt een heel duidelijke functie om het arbobeleid vanuit het bedrijf zelf inhoud te geven .’

 

Etop heeft daarom sinds januari een POP, ‘een persoonlijk opleidingsplan’. Op basis van een inventarisatie van taken en verantwoordelijkheden van een preventiemedewerker binnen een bedrijf, wordt een toegespitst plan opgesteld. Voor 1995 euro volgt de deelnemer maximaal een jaar een programma op maat. De basis bestaat uit minimaal vijf cursusdagen, studieadvies en persoonsgebonden activiteiten. Contant: ‘Je kunt niet een opleiding aanbieden. Die zou heel breed moeten zijn. Het is een kwestie van maatwerk. Wij kiezen er daarom voor om het deels modulair te doen. Iemand kan bijvoorbeeld ook scholing op zijn werkplek krijgen. Tijdens het opleidingstraject zijn wij steeds als coachende achterwacht aanwezig.’ Etop heeft docenten uit verschillende arbodisciplines met praktijkervaring beschikbaar.

 

‘Wij zien heel goed dat een branchegerichte aanpak het beste werkt’, zegt directeur Marcel Balm van vhp opleidingen. ‘Tegelijk willen we ook preventiemedewerkers in bedrijven die niet profiteren van initiatieven vanuit een convenant, de mogelijkheid geven om kennis op te doen.’

 

De tweedaagse basiscursus van vhp opleidingen (€ 795) van Dexis Arbeid en uitgeverij Kerckebosch behandelt ‘basale onderwerpen die voortkomen uit de wettekst over de functie van preventiemedewerker’, aldus Balm. De cursus richt zich op preventiemedewerkers in kleine en middelgrote bedrijven met vijftien tot vijfhonderd werknemers. Balm: ‘We gaan in op het organiseren van een arbo-aanpak: het uitvoeren van een RI&E en het opstellen van een plan van aanpak. Er is ook aandacht voor voorlichting en het geven van instructies aan medewerkers.’

 

De basiscursus is bedoeld voor bedrijven met overzichtelijke arbeidsrisico’s. Dan kan de cursus in sommige gevallen zelfs volstaan, meent Balm. ‘Een klein bedrijf met zo’n veertig werknemers en zeer beperkte arbeidsrisico’s komt een heel eind met de basiscursus.’ Naarmate de functie van preventiemedewerker een zwaardere invulling krijgt of als er grotere arbeidsrisico’s op de loer liggen, zijn vervolgcursussen al snel wenselijk. ‘Voor een kantooromgeving lijkt me een vervolgcursus over kantoorergonomie raadzaam om dieper op dat specifieke onderwerp in te gaan. Als aanvulling op de basiscursus hebben wij vervolgcursussen over specifieke arbeidsrisico’s’, aldus Balm.

 

Ook voor het samenwerkingsverband rond vhp opleidingen is de positie van de preventiemedewerker nog niet helemaal uitgekristalliseerd. ‘Laat dat duidelijk zijn’, zegt Balm. Hij ziet in de toekomst mogelijk twee functieniveaus ontstaan: een basispreventiemedewerker en een preventiemedewerker met coordinerende taken. Balm: ‘De basiscursus is geschikt voor de basispreventiemedewerker die ook betrokken is bij de RI&E en ervoor moet zorgen dat het interne inzicht in arbeidsrisico’s toeneemt. De preventiemedewerker met coordinerende taken zou daarnaast verdiepingscursussen moeten volgen over procesmatige aspecten, zoals het opzetten en implementeren van arbobeleid, en adviesvaardigheden.’

 

De cursus van vhp opleidingen wordt verzorgd door senioradviseurs van Dexis Arbeid en vhp ergonomie.

 

Ook Kluwer Opleidingen biedt het midden- en kleinbedrijf een meerdaagse algemene basisopleiding voor preventiemedewerkers (€ 1495 euro voor drie dagen). ‘De cursus is zo ingestoken dat iemand na afloop van de cursus als preventiemedewerker aan de slag kan’, vertelt Corine Krijgsman, inhoudelijk verantwoordelijk voor de opleiding. Volgens haar is de cursus ook geschikt voor beginnende arbocoordinatoren, hoewel de opzet van de cursus zich primair richt op het MKB.

 

Omdat het nog een vrij vage functie is, begint de Kluweropleiding met een onderzoek naar de beoogde functieomschrijving voor een organisatie. Krijgsman: ‘Uiteindelijk maakt de opleiding duidelijk waaraan het bedrijf minimaal moet voldoen en wat iemand moet kunnen om de functie goed te vervullen. De opleiding geeft de kaders aan voor het bedrijf.’

 

De opleiding van Kluwer bevat een ‘interactief element’. Krijgsman: ‘We gaan eerst na wat de preventiemedewerker moet kunnen. Bijvoorbeeld het herkennen van arbeidsrisico’s binnen een organisatie. Dat oefenen we. Deelnemers gaan in de opleiding ook met de eigen risico-inventarisatie en een plan van aanpak aan de slag. Maar ook vaardigheden worden getraind. Als spin in het web praat een preventiemedewerker met directie, ondernemingsraad, externe partijen, bedrijfsartsen en verzekeraars. Daarom moet hij goede communicatieve vaardigheden hebben, kunnen onderhandelen en overtuigen. De cursisten krijgen ook huiswerkopdrachten.’

 

Volgens Krijgsman is de cursus ‘absoluut’ geen omgebouwde cursus voor arbocoordinatoren. Krijgsman: ‘Die heeft Kluwer niet eens .’ Voor specifieke arbeidsrisico’s verwijst Kluwer naar cursussen van eigen brancheorganisaties.

 

In de training preventiemedewerker van Arbo Unie Opleidingen is er ook aandacht voor verzuimbegeleiding en communicatie, vertelt Mariette Boeren, coordinator Veiligheidstrainingen. Boeren: ‘Opleidingsinstituten kijken naar behoeften van hun klanten en geven er een eigen invulling aan.’

 

Na de training van Arbo Unie voldoet iemand aan de functieomschrijving en is hij preventiemedewerker, stelt Boeren. Volgens haar krijgen de toekomstige preventiemedewerkers door veranderingen in de wet niet alleen de taken van de arbocoordinator toegeschoven, maar gaan zij tegelijk meer doen aan (verzuim)-beleid en welzijnsaspecten. Boeren: ‘We proberen de deelnemers daarom kennis te geven over arbozorg, veiligheid, gezondheid en welzijn, zodat ze handvatten krijgen om daarmee iets te doen. Er is daarbij meer aandacht voor welzijn. In de cursus komen de Arbowet, aansprakelijkheid en arbeidsrisico’s aan bod, maar heel nadrukkelijk ook de Wet verbetering poortwachter, gesprekstechnieken en adviesvaardigheden.’ De training op mbo+-niveau, drie niet-aaneengesloten dagen, richt zich op mensen die blanco instappen. De opleiding wordt op open inschrijvingen en in company aangeboden. Boeren: ‘Arbocoordinatoren kunnen een deel van de training volgen. Zij kunnen kiezen voor persoonlijke coaching. Maar in ieder geval adviseren wij hen deel te nemen in ons preventienetwerk waarin preventiemedewerkers met elkaar in contact worden gebracht en zo bij elkaar in de keuken kunnen kijken. In dat netwerk worden ook thema’s uitgediept en kunnen preventiemedewerkers onderwerpen aandragen voor themabijeenkomsten.’

 

De opleiding van Arbo Unie wordt verspreid over het jaar in verschillende regio’s gegeven door vier arbodisciplines.

 

De verschillende cursussen, trainingen en opleidingen geven elk op hun manier invulling aan ‘toetsing’.

 

ArboPlan wil het geen toetsing noemen. Adjunct-directeur Leummens: ‘Wat zegt toetsing op basis van een training die niet wettelijk verplicht is? Wij geven een certificaat van aanwezigheid.’ Ook van Etop krijgt de deelnemer een certificaat van deelname. Gert Contant: ‘Aan het eind van de periode is er een vorm van toetsing. Op het certificaat staat onder andere welke scholing de deelnemer heeft gevolgd en de studielast. Het geeft aan wat iemand heeft gedaan. Dat biedt natuurlijk nooit helemaal een garantie. Er zijn ook mensen met een rijbewijs die heel beroerd rijden in het verkeer.’

 

Ook de training van Kluwer voorziet niet in een toetsend examen. Corine Krijgsman: ‘Deelnemers krijgen een certificaat.’

 

De toetsing bij Arbo Unie bestaat uit het afronden van een praktijkopdracht. Ook dat is goed voor een certificaat. Mariette Boeren: ‘Het toont aan dat je preventiemedewerker bent.

 

Volgens Marcel Balm van vhp opleidingen komt er in de toekomst mogelijk een vorm van persoonscertificatie. De certificeringsinstelling DNV stelt nu een waarborgcommissie samen met verschillende sociale partners die het maatschappelijk draagvlak vormen voor een dergelijke certificering. Balm : ‘Er wordt nagedacht over de wenselijkheid van criteria voor de preventiemedewerker op verschillende niveaus en voor verschillende branches. Bij voldoende maatschappelijk draagvlak komen die ook. Een onafhankelijk bureau zal dan de kandidaten toetsen. Die gedachte zit in de pijplijn’, aldus Balm.

 

Balm laat zich er niet over uit of er momenteel kaf tussen het koren zit bij de opleidingsinstituten. ‘Daar heb ik geen zicht op. Onafhankelijke certificering zou dat in elk geval kunnen voorkomen’, zegt hij. Balm verwacht ook niet een hausse aan opleidingen. ‘De vraag naar trainingen valt wel mee denk ik. Die zal straks vooral via de branches gaan lopen. Daarom kiest ons samenwerkingsverband ook voor een tweesporenbeleid; een algemene basisopleiding en straks een branchegericht aanbod.’

 

Vanuit Arbo Unie klinken andere geluiden. Mariette Boeren: ‘Wij hebben onlangs een mailing de deur uitgedaan en kregen in de dagen erna tientallen aanvragen. Er is blijkbaar veel belangstelling. Het loopt echt heel goed.’

 

Micha Leummens van Arboplan: ‘De wet gaat 1 juli in met een overgangstermijn van een half jaar. De bedrijven zijn vooral blij dat ze van de verplichte aansluiting bij arbodiensten zijn verlost. Ik verwacht daarom niet dat per 1 januari 2006 honderden mensen op training gaan. Dat zal niet zo’n vaart lopen. Daarom kunnen we het ons ook permitteren om even te wachten met een training speciaal gericht op de preventiemedewerker. Op zich verbaast het me niet dat opleiders er op inspringen. Het is natuurlijk makkelijk geld verdienen. Ook congresbureaus leven bij veranderingen in de wet. Je moet wetgeving uitleggen. En daar wordt geld aan verdiend. Daar is niets mis mee. Maar een hausse aan cursisten? Nee, wat dat betreft is de markt zich misschien een beetje gek aan het maken.’

 

Reageer op dit artikel