artikel

Veiliger duiken bij de brandweer

Wetgeving

Vanaf 2000 is er veel geinvesteerd in het duiken bij de brandweer. De korpsen werken sinds dat jaar met een ‘Leidraad bestrijding waterongevallen door de brandweer’. Deze leidraad geeft een vakinhoudelijke uitwerking van de arbowet- en regelgeving. Doel ervan is de uniformiteit tussen de duikteams te vergroten en de veiligheid voor de duiker bij de brandweer te verhogen. Na het verschijnen van deze leidraad hebben de 96 duikende brandweerkorpsen in Nederland hun duikorganisatie aangepast en veranderd.

 

De inspanningen hebben veel resultaat gehad: 95 procent van de korpsen duikt met spraakcommunicatie. Ook zijn brandweerduikopleidingen gestandaardiseerd en sterk verbeterd. Daarnaast is de verlenging van het diploma geprofessionaliseerd. Hierdoor worden meer mensen op een veilige manier uit het water gered. In 2006 waren dit er 153 (bron: CBS, brandweerstatistiek 2006).

 

De genoemde inspanningen en verbeteringen zijn nog niet afdoende. De afgelopen anderhalf jaar controleerde de Arbeidsinspectie de brandweer op een aantal specifieke onderdelen, waaronder het duiken. De conclusies van de controles in het eindrapport bevatten verbeterpunten voor de risico-inventarisatie. Zo zijn er nog tekortkomingen bij het inventariseren van de risico’s en het nemen van veiligheidsmaatregelen bij de duikwerkzaamheden. Zaak dus om deze tekortkomingen aan te pakken.

 

Voor de brandweer heeft de Nederlandse Vereniging voor Brandweerzorg en Rampenbestrijding (NVBR) een systematiek ontwikkeld voor het uitvoeren van een RI&E. Eind 2006 publiceerde de NVBR de Leidraad Inventarisatie veiligheidsaspecten bij repressief optreden, ook wel ‘warme’ RI&E genoemd. Deze leidraad is een hulpmiddel om een risico-inventarisatie en -evaluatie op te stellen van repressief optreden. De methodiek kan door brandweerkorpsen zelf worden uitgevoerd. Ook gebruikt de brandweer de ISAB II-methode. Deze staat voor Inventarisatie Systeem Arbeidsomstandigheden Brandweer. Ze helpt bij het te voeren preventieve beleid en het aanpakken van risico’s tijdens een brand of waterongeval. Zijn de duikpakken bijvoorbeeld bestand tegen de vervuiling in het water? Staat er een reserveduiker langs de waterkant? Ook het ministerie van Defensie heeft een generieke RI&E voor duikwerkzaamheden opgesteld. Deze kan een voorbeeld zijn voor een toekomstige RI&E voor duikwerk bij de brandweer, maar is niet openbaar.

 

Om het uitvoeren van deze RI&E’s te begeleiden leiden steeds meer brandweerkorpsen medewerkers op als veiligheidskundige of huren ze externe kennis in. Het bedrijf Safety Center Holland adviseert onder andere de duiksector. Adviseur en duikspecialist Paul Boumans merkt al dat binnen de duiksector steeds meer wordt gewerkt met taak-risicoanalyses en werkinstructies. ‘Toch moet er nog veel werk verzet worden om de duikers en duikploegleiders het denken in risico’s en het inventariseren van de risico’s op de werkplek bij te brengen’, aldus Boumans.

 

De brandweerbranche heeft de afgelopen jaren veel tijd en moeite gestopt in het ontwikkelen van het brandweerduiken. Dit heeft in het gehele land een aantal zeer professionele duikteams tot gevolg gehad. Ook maakt de brandweer gebruik van nieuwe materialen en andere ontwikkelingen. Op dit moment duikt de brandweer met een SCUBA-uitrusting: Self Contained Underwater Breathing Apparatus. Met deze uitrusting neemt de duiker zijn eigen lucht mee op zijn rug. De duiker is voor zijn ademgas onafhankelijk van de oppervlakte. Een andere nieuwe ontwikkeling is duiken met luchttoevoer vanaf de waterkant: ‘surface supply’-duiken. De luchttoevoer is hiermee gegarandeerd.

 

Ook vervalt het risico van stagnatie van de luchttoevoer grotendeels. Het systeem is ook geschikt als noodsysteem. De duikcertificaten en opleidingen moeten nog worden aangepast aan dit ysteem. Als dit is gebeurd zal een deel van de duikende brandweerkorpsen overgaan op dit nieuwe systeem.

 

Een sleutel tot verdere professionalisering is het delen van kennis en expertise tussen de duikers van de brandweer onderling en ook daarbuiten. Een arbocatalogus ‘Werken onder Overdruk’ is in de maak. De catalogus wordt gemaakt door vertegenwoordigers van de offshore (de duikwerkzaamheden in de olie- & gaswinning), de inshore, de brandweer, defensie, de politie, dierverzorgers (aquaria), archeologen onder water en wetenschappers. Daarnaast ligt er voor de NVBR via haar Platform Bestrijding Waterongevallen door de Brandweer de schone taak om de veiligheidsregio’s ervan te doordringen dat risico-inventarisatie bij duikwerkzaamheden een must is. Hierbij ligt het voor de hand dat er voor duiken bij de brandweer een specifieke of aanvullende RI&E wordt opgesteld.

 

Meer informatie:

 

over de Leidraad www.nvbr.nl

 

over de ISAB-I I-methode www.veiligheidskunde.nl

 

 

Reageer op dit artikel