Slenteren op de A+A-beurs

De producenten zelf spreken liever van een uitdaging, maar een objectief toeschouwer zou vaststellen dat zij worstelen met een groot probleem. Veel Europese landen sukkelen namelijk met hun economie; vooral in Duitsland, Italie en Nederland is de situatie weinig rooskleurig. Bedrijven tellen hun geld liever drie keer na voordat ze persoonlijke beschermingsmiddelen aanschaffen.Maar zoals gezegd: de fabrikanten zelf zien liever de zonnige zijde. Want andere macro-economische ontwikkelingen werken juist in hun voordeel. Nieuwe lidstaten van de Europese Unie vormen ideale afzetmarkten. Vooral Midden-Europa trekt veel nieuwe industrie aan, en dat betekent: veel vraag naar persoonlijke beschermingsmiddelen. Bovendien zullen de standhouders de nadruk leggen op de harmonisering van wetten en regels binnen de Europese Unie. De wirwar van beschermingsregels werd in de afgelopen jaren geordend tot een geheel, en dus kunnen bedrijven nu gemakkelijker zien welke beschermingsmiddelen ze nodig hebben.Bovendien is de markt volwassen geworden. Vooral grote bedrijven maken werk van arbo, en zien dat niet langer als kostenpost. En hun kleinere collega's worden door de wetenschap over de streep getrokken. Zo bleek uit Duits onderzoek dat iedere geinvesteerde euro zichzelf meer dan dubbel terugbetaalt (€ 2,30).

Dit artikel lezen?

Neem een abonnement en:

  • Krijg onbeperkte toegang tot ruim 1.500 praktische artikelen
  • Blijf up-to-date met ons laatste nieuws over trends, wetgeving en jurisprudentie
  • Blijf geïnspireerd én voorbereid door praktijkcases en -verhalen