Van het dak gevallen
<p>De man stelt zijn werkgever aansprakelijk. De kantonrechter kent de vordering toe, het gerechtshof wijst die af (zie Arbo Actueel 2005, nr. 19). De werknemer gaat in cassatie. </p>
<p align="left">In de EU werken bijna 3,6 miljoen mensen in de schoonmaakindustrie. Toch wordt die sector vaak stiefmoederlijk behandeld. Elk bedrijf heeft schoonmakers nodig, maar schoonmaken wordt zelden gezien als een kernactiviteit. Het krijgt gewoonlijk een lage prioriteit en wordt vaak uitbesteed. Een gebrekkige reiniging kan een onderneming nochtans duur komen te staan, bijvoorbeeld in de voedings- en geneesmiddelenindustrie, waar bedrijven door een slechte hygiene uiteindelijk hun licentie kunnen verliezen. </p>
<p>Het onderste deel van de ladder is voorzien van een stabilisatievoet met antisliprubbers. De loodgieter haalt de ladder uit elkaar en gebruikt het onderste deel om van de begane grond op het balkon te komen. Via het andere deel klimt hij vanaf het balkon op het dak. Op dat balkon liggen betonnen tegels. Als hij van het dak naar beneden klimt, glijdt de ladder weg. Hij valt op het balkon en loopt een hoofdwond op.</p>
<p>De werknemer vordert in kort geding veroordeling van de stichting om een rookvrije werkplek voor hem te creeren op straffe van een dwangsom. De kantonrechter stelt vast dat op grond van het artikel 1a van de Tabakswet die op 1 januari 2004 is ingegaan, werkgevers verplicht zijn zodanige maatregelen te treffen dat werknemers zonder overlast van roken door anderen kunnen werken.</p>
<p>De werknemer laat echter weten, niet aan het werk te gaan. Hij acht de arbeidsomstandigheden op het platform onaanvaardbaar, omdat er geen rookvrije ruimte is. Midden juli 2005 zegt hij zijn dienstverband per 1 september op. De werkgever beschouwt dit als werkweigering en betaalt hem geen loon meer. De werknemer vindt dat hij recht heeft op betaling tot 1 september. Volgens hem heeft hij geen werk geweigerd, maar had hij er last van dat in de verblijven op dat platform werd gerookt. Hij had gevraagd op een ander platform te mogen overnachten, maar dat werd niet toegestaan. </p>
<p>Die vindt dat er sprake is van een ongelukkige samenloop van omstandigheden. De chauffeur had niet op die plek hoeven te parkeren. Er zijn aparte parkeervakken. Bovendien had het ongeval zich ook in de privesfeer kunnen voordoen. Het ging om een ervaren werknemer die goed bekend was met de lokale situatie. </p>
<p>Maar in april meldt zij zich ziek en in juli wordt zij aan haar sleutelbeen geopereerd. Zij stelt haar werkgever aansprakelijk voor de gevolgen van het ongeval. De werkgever wijst elke aansprakelijkheid af. Hij voert aan dat er dagelijks honderden klanten en personeelsleden van de winkelwagenstalling gebruikmaken. Ook zijn dergelijke stallingen tot de dag van vandaag bij veel andere bedrijven zoals supermarkten en grootwinkelbedrijven in gebruik zonder dat een klant is gestruikeld. Daaruit blijkt dat die plaatjes geen gevaarlijke situaties opleveren. Dat blijkt ook uit het feit dat de vrouw negen jaar lang geen problemen heeft gehad. Er was daarom geen sprake van een kenbaar gevaar.</p>
<p>Het hof ziet een functioneel verband tussen het uitje en de werkzaamheden en acht de directeur aansprakelijk. Deze gaat in cassatie met de vraag of de werkgevers aansprakelijk zijn voor daden van hun ondergeschikten als deze buiten werktijd onrechtmatig handelen (art. 6:170 BW). De Hoge Raad overweegt dat het gerechtshof zijn oordeel heeft gebaseerd op de omstandigheden dat het om een door de werkgever georganiseerd, gefaciliteerd en betaald feest (bedrijfsuitje) ging. </p>
<p>Begin 2003 stelt de man het partycentrum aansprakelijk voor de schade als gevolg van het bedrijfsongeval. Hij vordert een materiele schadevergoeding van 45.000 euro en een vergoeding van 20.000 euro aan immateriele schade. Vanaf mei 2003 werkt hij een jaar als fitnesscoordinator bij een sportcentrum. Sinds die tijd ontvangt hij een WW-uitkering. De kantonrechter wijst respectievelijk 1600 en 2000 euro toe. </p>
<p>Deze valt op de grond en loopt lichte verwondingen op. De man maakt direct zijn excuses, die zijn collega aanvaardt en bekrachtigt met een handdruk en de woorden 'zand erover'. </p>
<p>De busmaatschappij ontdekt kort daarop dat er inderdaad dieselolie weg is en meldt bij het schoonmaakbedrijf dat het de werknemer van diefstal verdenkt. Verder schakelt zij een particulier recherchebureau in en hangt camera's op. Maar deze zijn na een poosje verdwenen. Na een gesprek met de werknemer doet het recherchebureau tegen de man aangifte van diefstal van observatieapparatuur. Het Openbaar Ministerie seponeert de zaak wegens gebrek aan bewijs. </p>
<p>Een 47-jarige werkneemster van de administratie met veertien dienstjaren komt daarvoor speciaal naar het werk, hoewel zij niet op vrijdag werkt. Zij krijgt twee rolschaatsen en valt na enkele meters schaatsen al op de marmeren vloer en breekt daarbij haar linkerpols. Dat leidt later tot een posttraumatische dystrofie met als gevolg arbeidsongeschiktheid. Zij stelt haar werkgever voor de schade aansprakelijk. De kantonrechter wijst de vordering af en de vrouw gaat in beroep. </p>
<p>Geert van Nispen: "Het ziektebeeld van de Q-koorts is veel heftiger dan dat van de Mexicaanse griep. Bovendien bezwijken er meer kerngezonde mensen aan."</p>