Lezersservice
<p>Want waarom zouden werkgevers eigenlijk aan gezondheidsmanagement doen? Toch niet om het risico van ziekteverzuim en arbeidsongeschiktheid in te dammen? Want daarvoor lijken werkgevers helemaal geen extra instrument nodig te hebben. Ze worden immers steeds succesvoller in het afwentelen van de lasten van ziekteverzuim op de werknemers. De beer is los in Nederland. Wie te veel ziek is, heeft een probleem en zwangerschap draagt ook niet bij aan de continuiteit van de arbeidsrelatie. Onlangs weigerde een transportbedrijf het loon door te betalen van een chauffeur die voor de zoveelste keer met een sportblessure thuis zat. De rechter bepaalde dat dit niet kon, maar dat de werkgever 's mans salaris niet tot honderd procent hoefde aan te vullen. Een paar weken later deed het tijdschrift <span class="NADRUK">Intermediair </span>uit de doeken hoe sommige werkgevers omgaan met tijdelijke contracten van zwangere werknemers. 'Bent u zwanger? Dan wordt uw contract niet verlengd en kunt u fluiten naar een vaste aanstelling.'</p>
<p>Een verzorgster raakt op weg naar een client betrokken bij een verkeersongeval. Zij stelt haar werkgever, een stichting, aansprakelijk voor haar schade op grond van artikel 7:658 Burgerlijk Wetboek, de zorgverplichting van de werkgever en/of op grond van artikel 7:611 BW, goed werkgeverschap. Zij stelt dat zij het ongeval heeft gekregen tijdens werktijd, want ze was immers op weg van huis naar haar eerste client. De stichting vindt dat het ongeluk plaatsvond in privetijd, tijdens woon-werkverkeer. De kantonrechter verwijst naar het arrest van de Hoge Raad in de zaak De Bont/Oudenallen (Hoge Raad, 9 augustus 2002). Daarin oordeelde de Hoge Raad dat als een ongeval plaatsvindt tijdens woon-werkverkeer, een werkgever in beginsel op grond van artikel 7:658 BW niet voor de schade van een verkeersongeval hoeft op te draaien. In de cao van de stichting staat dat de reis van huis naar de eerste client wordt aangemerkt als woon-werkverkeer. Onder andere daarom is de stichting niet tot schadevergoeding gehouden. Bovendien staat in de cao dat werknemers die voor hun werk gebruikmaken van een motorvoertuig, voor een adequate verzekering moeten zorgen, die tevens de aansprakelijkheid van de werkgever dekt. De kantonrechter wijst de vordering dan ook af. </p>
<p>Na melding van het ongeval start de Arbeidsinspectie een ongevalonderzoek. In de productiehal staan verschillende metaalbewerkingsmachines opgesteld, alle voorzien van de benodigde veiligheidsinrichtingen. Uit het horen van de voorman blijkt dat de gewonde werknemer al jaren vertrouwd was met de werkzaamheden met de buigarm. De voorman was meestal in de hal aanwezig om toezicht te houden op de uit te voeren werkzaamheden. Hij gaf aanwijzingen als hij meende dat het werk niet goed ging.</p>
<p>In de procedure bij de kantonrechter komt vast te staan dat de werkgever inderdaad geen specifieke veiligheidsmaatregelen heeft getroffen om de valpartij van de mal te voorkomen. Weliswaar heeft de arbodienst een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) opgesteld, maar hierin staat niets over het valgevaar van een bekistingsmal. Vandaar dat de werkgever geen specifieke maatregelen heeft getroffen. De werknemer meent dat de werkgever door het ontbreken van de risicoanalyse en het ontbreken van veiligheidsmaatregelen automatisch aansprakelijk is voor de gevolgen van de valpartij.</p>
<p>De bedrijfsfysiotherapeut houdt zich bezig met alles wat de mens beweegt. Dat doet hij op drie sporen:</p>
<p>Vier jaar zit Dyane<span class="VOETNOOTNR"><a name="VN-ID0EBA"></a>* <a href="#VNUITLEG-ID0EBA">[1]</a> </span> nu alweer bij het detacheringsbedrijf waar ze direct na haar hbo-studie Software Engineering begon. Ze is betrokken en ze noemt zichzelf idealiste. Haar idealistische 'ei' wil ze ook in haar werk kwijt kunnen. Hoezeer het bedrijf waar ze nu werkt haar ook bevalt, Dyane wil toch iets meer: 'Ik merk dat ik liever met een groep vaste collega's zou werken. En al dat reizen bevalt me ook steeds minder.'</p>
<p>Tot nu toe hebben we het vooral gehad over de bevrediging van lichamelijke (objectieve) behoeften. Maar daar zitten (subjectieve) drijfveren achter. Levende organismen reguleren hun functioneren door stoffen af te scheiden die het lichaam van rust in een geactiveerde toestand brengen, en weer andere stoffen om na de activiteit terug te keren naar de rusttoestand. Bovenop dat chemische reguleringssysteem zit bij mensen een regiesysteem dat bewust beslissingen neemt over hoe het lichaam op de prikkels zal reageren. Vechten, vluchten of je schouders ophalen. Piet promoveerde in 1987 in de functieleer, het onderdeel van de psychologie dat zich bezighoudt met deze wisselwerking tussen fysiologische prikkels en emoties.</p>