artikel

Hijs- en hefwerktuigen

Geen categorie

Het onderhoud van het hijs- of hefwerktuig moet overeenkomstig de gebruiksaanwijzing(en) plaatsvinden. Het is aan de werkgever om de werktuigen tijdens de hele gebruiksduur door toereikend onderhoud in goede staat te houden. Dat betekent dat ze geen gevaar op mogen leveren voor de veiligheid en gezondheid van werknemers. Tijdens reinigen, onderhoud en reparatie aan het werktuig gelden uiteraard de voorgeschreven veiligheidsmaatregelen. Werknemers die belast zijn met onderhoud en reparatie, moeten daartoe een specifieke deskundigheid en ervaring bezitten. Alleen zij mogen verwisselbare uitrustingsstukken aan- en afkoppelen. Speciale aandacht gaat daarbij uit naar de gebruiksaanwijzing van de samengestelde machine. De bediener moet de machine en de capaciteit ervan goed kennen. De samengestelde machine moet veilig kunnen werken conform de instructies van de fabrikant.

 

Handbediende takels beschikken over een door menskracht aangedreven bewegingsorgaan en een hijsorgaan. Door een mechanische overbrenging zijn beide aan elkaar gekoppeld (handtakel, sneltakel, kettingtakel). Aangedreven takels hebben een motorisch aangedreven bewegingsorgaan (elektrisch, hydraulisch, pneumatisch) en een hijsonderdeel. Bij lieren realiseert een trommel of ander mechanisme trekkracht op een staalkabel. Mens- of motorische kracht drijft de trommel of het mechanisme aan. De opstelling van de lier bepaalt de functie: hijsen of trekken.

 

Staalkabeltrekkers en pomptakels (bijvoorbeeld tirfors) beschikken over een aangedreven bewegingsorgaan dat hijs- of trekkracht op een kabel realiseert. Mens- of motorische kracht zorgt voor de aandrijving. Domme krachten zijn werktuigen die drukkracht ontwikkelen door middel van een tandwiel- en tandheugeloverbrenging. Bij een hydraulische vijzel brengt een door mens- of motorische kracht aangedreven pomp de druk tot stand. Leidingen en slangen overbruggen de afstand tussen pomp en vijzel. Let op: het hele systeem (vijzel, slang, ventiel en pomp) vormt de machine. De leverancier moet de samengestelde vijzelunit (met alle mogelijke combinaties) in de gebruiksaanwijzing omschrijven.

 

Kijk voor gebruik of de takel, lier, dommekracht of vijzel nog in goede staat is. Tijdens gebruik mogen beveiligingen niet worden uitgeschakeld en mag de bediener niet in de directe (val)omgeving van de last staan. Takels en lieren moeten deugdelijk bevestigd zijn. Vijzels moeten op een vlakke en stabiele ondergrond staan om de krachten centrisch door de vijzel te kunnen leiden. Slangen en koppelingen moeten zo zijn aangebracht dat beschadigingen tijdens het gebruik niet mogelijk zijn. Houd bij de keuze van het hijs-/hefwerktuig rekening met het risico (dus het ongewild naar beneden komen van de last). Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van het werktuig voor oplossingen als beveiligde bedieningshandels, slangbreukventielen. De machinerichtlijn schrijft dynamische beproeving van takels, lieren en vijzels voor. De richtlijn maakt onderscheid tussen handbediende en aangedreven varianten.

 

Voor op bouwplaatsen werkzame toren- en mobiele kranen met een bedrijfslastmoment gelijk aan of hoger dan tien tonmeter, gelden bijzondere eisen met betrekking tot de deskundigheid van de machinist (zie het arbobesluit). Voor alle overige voorwaarden ten aanzien van het gebruik: raadpleeg de gebruiksaanwijzing.

 

Blokken zijn bestemd voor het omleiden van staalkabels, touw of ketting. Ze bestaan uit een of meer schijven en een huis (beslag). Afhankelijk van de functie heeft het blok een haak of oog. De werklast van blokken is de toegestane maximumkracht op de haak of het oog. Er zijn takelblokken bestemd om te hijsen en speciale sleep- of tractieblokken. Het eigen gewicht staat op het blok vermeld. Dit is belangrijke informatie voor de gebruiker met het oog op de capaciteitsbepaling van de samengestelde machine. Controleer blokken periodiek op de toestand van de schijfgroef en -lagering, van de haak of het oog en van het beslag (vervorming/slijtage). Controleer ook het wartellager van schijf of oog, de bevestiging van de haak en de toepassing van de kabel op de schijf (let daarbij op de door de fabrikant voorgeschreven verhouding tussen schijf- en kabeldiameter).

 

Blokken/balgewichten bij kranen kunnen verwisselbare uitrustingsstukken zijn. Is er sprake van een blok dat tijdens de levensduur van de kraan niet verwisseld hoeft te worden, dan geldt dit blok als een vast onderdeel (machineonderdeel). Dit geldt bijvoorbeeld voor blokken van bovenloopkranen/torenkranen. Alle andere verwisselbare blokken die tot wijziging van de kraan leiden (wijziging hijstabel) gelden als verwisselbare uitrustingsstukken. De fabrikant van de kraan moet in zijn documentatie de verwisselbare uitrustingsstukken vermelden. Registratie van uitgevoerde controles op alle bij een kraan aanwezige blokken is verplicht. Volg de aanwijzingen van de fabrikant over gebruik, montage en onderhoud van de blokken. De lasthaak uit onderblokken behoort tot de categorie kettingwerk. Voer keuringen, scheurenonderzoek, metingen tussen referentiepunten of beproevingen van de lasthaak in het blok uit op aanwijzing van de fabrikant of een deskundige.

 

Een loopkat is verrijdbaar over de onderflens van een stalen balk. De ingestelde breedte moet afgestemd zijn op de breedte van de flens. Ook moet het wielprofiel van de loopkat afgestemd zijn op het railflensprofiel. Ter voorkoming van valgevaar zijn voorzieningen te treffen, bijvoorbeeld wielbreuksteunen. Een aangedreven loopkat is een machine. Een loopkat die een onlosmakelijk onderdeel vormt van een hijswerktuig/hijskraan, is een machineonderdeel.

 

Grijpers dienen hoofdzakelijk voor het verplaatsen van los gestorte goederen en andere bulkgoederen. Ze zijn er in diverse constructies en maten. De aandrijving van de open- of sluitbeweging is elektrisch/mechanisch, hydraulisch of met kabels. De beweging mag niet ongewild plaatsvinden. Op grijpers staan het eigen gewicht en de inhoud vermeld. De belasting van de grijper mag alleen plaatsvinden overeenkomstig de voorschriften van de fabrikant. Overschrijd nooit de op de grijper vermelde toelaatbare belasting. Controleer grijpers regelmatig op vervormingen van de constructie en de aanslagpunten. Controleer de aanslagpunten bovendien op slijtage en scheuren. Een grijper is een machine.

 

Vorken van heftrucks moeten op de truck zijn afgestemd. Door het wisselen van de vork kan de capaciteit van de heftruck veranderen. Raadpleeg hiervoor de gebruiksaanwijzing. Correcte montage van de vorken is belangrijk. Er moet een borging zijn tegen onverhoeds uitvallen. De vorken moeten in goede staat verkeren. Daarvoor gelden dezelfde eisen als voor kettingwerk. Sterkte- en afkeurmaatstaven zijn opgenomen in ISO 2329 en 2330.

 

Reageer op dit artikel