artikel

Veilig Bouwen

Geen categorie

En dus vonden er van 18 tot en met 22 oktober overal in de (kandidaat)lidstaten van de EU en in de EVA-landen activiteiten plaats die de bedoeling hadden het veiligheids- en gezondheidsbewustzijn in de bouwwereld te vergroten en het uitwisselen van informatie en goede praktijken te bevorderen. In Nederland werd daarbij het voortouw genomen door het ministerie van SZW en het Arbo Platform Nederland. Dit platform motiveerde de branche- en vakorganisaties (zowel de grote clubs als de vertegenwoordigers uit het MKB/de KMO) om hun achterbannen van bouwfirma’s, projectontwikkelaars, architecten, bouwvakkers, leveranciers, arbofunctionarissen, veiligheidscoordinatoren, inspecteurs en managers te betrekken bij de Europese Week.

 

Daarin slaagde het platform wonderwel, want de Startmanifestatie in De Kuip in Rotterdam werd bijgewoond door zo’n driehonderd vertegenwoordigers van werkgevers- en werknemersorganisaties en kennisinstituten uit de bouwwereld. Zij beschouwden de manifestatie als een uitgelezen kans om te netwerken. En dus bezochten ze de Bouwmarkt, waar arbodiensten, vakbladen en leveranciers aanwezig waren om de bezoekers te informeren, volgden ze workshops en deden ze mee aan de forumdiscussie onder leiding van Wouke van Scherrenburg.

 

Ook grepen veel organisaties de Week aan om hun eigen gezondheids- en veiligheidsbevorderende activiteiten op te zetten.

 

Zo lanceerde het Verbond van Verzekeraars een website beroepsrisico’s www.beroepsrisico.nl, organiseerde de Stichting Arbouw een themamiddag Stofvrij Werken, kwam de Hout- en Bouwbond CNV met een veiligheidsbrochure in het Pools voor Poolse medewerkers op Nederlandse bouwplaatsen en startte het Europese Urenco (een onderneming die uranium verrijkt tot brandstof voor kerncentrales) een eigen veiligheidscampagne.

 

Een hoogtepunt van de Week was de Goede Praktijken Parade, die gehouden werd tijdens de Startmanifestatie. Tijdens deze Parade presenteerden de veertien inzenders van de Goede Praktijken Competitie hun ‘best practice’. Viola van Guldener, beleidsmedewerker bij de Directie Arbeidsveiligheid en -gezondheid van het ministerie van SZW: ’De Goede Praktijken Competitie had de bedoeling om goede praktijkvoorbeelden in de bouw bekender te maken.

 

Alle brancheorganisaties en hun leden waren uitgenodigd om voorbeelden in te sturen van de wijze waarop zij de arbeidsomstandigheden hadden verbeterd. Deze goede praktijken zijn vervolgens aan de hand van een aantal vaste criteria beoordeeld door het Arbo Platform Nederland en vertegenwoordigers van CNV, MKB Nederland, de Arbeidsinspectie en het ministerie van SZW. Zo diende het praktijkvoorbeeld concreet te zijn en moest het zich reeds bewezen hebben. Verder moest de goede praktijk overdraagbaar zijn, zodat ook andere spelers in de bouwwereld er hun voordeel mee kunnen doen. Bovendien diende de goede praktijk kosteneffectief gerealiseerd te kunnen worden.’

 

Na afloop van de Goede Praktijken Parade, kende de jury een gedeelde tweede plaats toe aan bouwbedrijf Aan de Stegge uit Roosendaal en de Stichting Leerplan Ontwikkeling (SLO) uit Enschede. De eerste organisatie kreeg de prijs (2500 euro) voor een organisatorische herstructurering die ertoe geleid heeft dat de communicatie tussen de werkvoorbereiders en de uitvoerders is verbeterd. Ook werden verantwoordelijkheden zo laag mogelijk in de organisatie gelegd. Daardoor wordt er efficienter gewerkt, is de werkdruk afgenomen, worden er minder fouten gemaakt en zijn ook de kosten teruggedrongen.

 

SLO kreeg de tweede prijs (2500 euro) voor het Leerwerkhuis Bouwtechniek VMBO, een concept dat ontwikkeld werd in samenwerking met het Platform VMBO-Bouwtechniek en het Lauwers College in Kollum. Doel van het Leerwerkhuis is onder meer toekomstige werknemers een veilige werkhouding aan te leren. Dit wordt bereikt door in het Leerwerkhuis een situatie te simuleren, die de werkelijkheid op de bouwplaats zo dicht mogelijk benadert. Zo krijgt iedere leerling een functie toegewezen, bijvoorbeeld werkvoorbereider, magazijnmedewerker of arbomedewerker. Deze laatste controleert met behulp van checklijsten of de veiligheid in orde is. Van Guldener: ‘De rollen die de leerlingen vervullen, rouleren per keer. Iedere leerling speelt dus een keer arbomedewerker en leert aan welke voorwaarden voldaan moet zijn om veilig te kunnen werken. Die informatie neemt hij met zich mee als hij later echt aan het werk gaat.’ Dit idee sprak ook de deelnemers aan de Startmanifestatie bijzonder aan: zij kenden SLO de publieksprijs toe, die eveneens 2500 euro bedroeg.

 

De eerste prijs (10.000 euro) ging naar de Nederlandse Frees Maatschappij BV (Frees Mij) uit Mijdrecht. Adjunct-directeur Marcel de Klerk legt uit waaraan zijn bedrijf de prijs te danken heeft: ‘Tijdens het frezen van asfalt komt er veel stof vrij. In dat stof bevinden zich kleine kwartsdeeltjes, die zeer schadelijk zijn voor de gezondheid van de machinist van de freesmachine en voor degenen die naast de machine lopen: kwartsdeeltjes

 

kunnen leiden tot stoflongen. Met financiele steun van brancheorganisatie Vianed en in nauwe samenwerking met TNO Delft, Stichting Arbouw en de Duitse machinefabrikant Wirtgen ontwikkelden wij een oplossing voor dit probleem. We kwamen op het idee om de walskast – dat is de ruimte waarin zich de freeswals met 150 ronddraaiende beitels bevindt – luchtdicht te maken. Door onderdruk in die walskast te creeren middels een ventilator, kan het stof de kast niet meer uit. We voeren de (kwarts)stofdeeltjes vervolgens via een slang af naar een transportband. Een gedeelte van het stof verdwijnt in de vrachtwagen, een deel in de lucht.’ Door deze vinding wordt het ronddwarrelende kwartsstof gereduceerd tot onder de Maximaal Aanvaarde Concentratie (MAC-waarde) van 0,075 mg/m3 over een tijdgewogen gemiddelde van acht uur. Hiermee heeft Frees Mij op een zeer praktische manier de arbeidsomstandigheden voor een aantal werknemers aanzienlijk verbeterd, zo stelt de jury. ‘Toch zijn we nog niet helemaal tevreden’, zegt De Klerk. ‘Het stof is nu weliswaar uit de ademzone van de machinist, maar verdwijnt nog steeds de lucht in. We willen het daarom gaan filteren, zodat we het kwarts van het overige stof kunnen scheiden. Daartoe hebben we al prototypes ontwikkeld. Het prijzengeld zullen we aanwenden om deze prototypes verder te perfectioneren.’ Ook tijdens de Europese Competitie voor Goede Praktijken op 22 november in Bilbao behoorde Frees Mij weer tot de winnaars. Aan deze Europese prijs was echter geen geldbedrag verbonden.

 

VOORLICHTING OF HANDHAVING?

 

Tijdens de Europese Week wordt vooral door middel van voorlichting geprobeerd om de bouwsector te stimuleren de arbeidsomstandigheden in de bouw te verbeteren. Of dat lukt, lijkt echter de vraag. Bij iedere inspectieronde van de Arbeidsinspectie blijkt immers weer dat door sommigen de hand wordt gelicht met de regels. Dat doet de vraag rijzen of het geld voor voorlichtingscampagnes niet beter besteed kan worden aan bijvoorbeeld extra arbeidsinspecteurs. Sabine Jimkes, persvoorlichter van het ministerie van SZW: ‘De Arbeidsinspectie is al enorm uitgebreid en de bouw staat bij de inspectie hoog op het prioriteitenlijstje. Het is een van de sectoren die jaarlijks gecontroleerd worden. Werken in de bouw blijft immers risicovol. Vooral kleine bedrijven hebben soms moeite om aan alle regels te voldoen, omdat ze die gewoonweg niet helemaal overzien. Maar juist deze kleine bedrijven help je ook met een gedegen voorlichting.’ Van Guldener: ‘Maar liefst 47 procent van alle Europese werknemers in de bouw is werkzaam in een bedrijf met minder dan tien werknemers. Deze bedrijven beschikken afzonderlijk niet over de tijd, vaardigheden en middelen om meer werk te maken van een gezonde en veilige werkplek. Daarom moeten ze de handen ineenslaan en gebruik maken van de informatie die er al is. Bijvoorbeeld op de website van de Europese Week http://ew2004.osha.eu.int). De Nederlandse belanghebbenden kunnen ook kijken op www.rie.nl, waar ze RI&E-instrumenten vinden voor verschillende branches. Bovendien ontvangen ze binnenkort via hun brancheorganisaties een magazine of kunnen ze dit downloaden via www.arbo.nl. In het magazine wordt verslag gedaan van de veertien Goede Praktijken die werden gedemonstreerd tijdens de Startmanifestatie. Daar kunnen ze eveneens hun voordeel mee doen.’

 

KWAADWILLENDEN

 

Natuurlijk zijn er ook werkgevers die simpelweg niet aan de regels willen voldoen. ‘Die kwaadwillenden bereik je niet via voorlichting, maar alleen via handhaving’, aldus Jimkes. Op Europees niveau worden daarom sinds enige jaren inspectiecampagnes opgezet en uitgevoerd door een speciaal orgaan: het Comite van hoge functionarissen van de arbeidsinspectie (CHFA). In 2003 heeft dit comite voor de eerste maal een Europese campagne voor de bouwnijverheid gelanceerd. Deze was gericht op de preventie van het vallen van grote hoogtes. Alle Europese landen organiseerden toen identieke voorlichtingscampagnes en waren bereid dezelfde inspectiemethoden te hanteren.

 

Uit de eerste resultaten van de inspecties van het CHFA bleek dat het niveau waarop de voorschriften voor veiligheid en gezondheid worden nageleefd, zorgwekkend laag is. Op bijna tien procent van alle geinspecteerde bouwplaatsen moest het werk worden stilgelegd als gevolg van ernstige inbreuken op de veiligheidsen gezondheidsvoorschriften. Dat deed het comite besluiten in 2004 nog een follow-up inspectiecampagne uit te voeren. En volgend jaar komen de tien nieuwe lidstaten aan de beurt.

 

 

Reageer op dit artikel