artikel

Voetstapjes naar het trapgat

Geen categorie

Het onderzoek werd uitgevoerd in twee bedrijven met 150 tot 250 werknemers verspreid over vier verdiepingen. De bedrijven hadden beide een centrale hal met daarin een trap en twee liften. In bedrijf 1 werden achtereenvolgens posters met daarop een cartoon (tabel 1), opvallende voetstappen naar de trap en sportafbeeldingen in het trappenhuis getest. In bedrijf 2 werden achtereenvolgens het uitschakelen van een van de twee liften, opvallende voetstappen naar de trap en posters met daarop een cartoon getest. Iedere methode werd gedurende een week ingezet. Na afloop van iedere methode werd twee weken niets ingezet om het trapgebruik weer naar het oorspronkelijke niveau te laten terugkeren. Met infrarooddetectoren werd op drie werkdagen gemeten hoeveel werknemers de trap en lift gebruikten om van de begane grond naar boven te gaan en hoeveel werknemers de trap en lift gebruikten om van boven naar de begane grond te komen (Hoogendoorn & Schrijver, 2004).

 

In aanvulling op de infraroodmetingen werden interviews gehouden met werknemers, waarin aandacht werd besteed aan de motieven voor trapgebruik en aan de waardering voor de verschillende methodes om trapgebruik te stimuleren.

 

In tabel 1 zien we het trapgebruik bij aanvang van de verschillende methodes en de verandering tijdens het inzetten van de verschillende methodes. In beide deelnemende bedrijven namen werknemers vaker de trap omlaag dan omhoog. In bedrijf 1 lag het trapgebruik omhoog op 41 procent en het trapgebruik omlaag op 63 procent. In bedrijf 2 was dit respectievelijk 58 en 72 procent. Deze percentages zijn relatief hoog in vergelijking met de meeste eerdere onderzoeken die een trapgebruik van 20-69 procent lieten zien. In die onderzoeken werd met verschillende methodes een stijging in het trapgebruik van rond de 5 procent gerealiseerd (Titze en collega’s, 2001; Kerr en collega’s, 2004; Eves en collega’s, 2005).

 

In bedrijf 1 waar de posters met cartoon als eerste methode werden ingezet, leidden de posters tot een stijging van het trapgebruik die vooral merkbaar was in het trapgebruik omhoog. In bedrijf 2 werden de posters ingezet na de voetstappen die de route naar de trap markeren. In dit bedrijf daalde zowel het trapgebruik omhoog als het trapgebruik omlaag tijdens het gebruik van de posters. In bedrijf 1 werden de voetstappen ingezet na de posters. Het trapgebruik omhoog steeg, terwijl het trapgebruik omlaag licht daalde. In bedrijf 2 werden de voetstappen ingezet na het stilzetten van een van de liften. De voetstappen leidden tot een aanzienlijke stijging van het trapgebruik omhoog en omlaag. De sportafbeeldingen in het trappenhuis en het stilzetten van een lift leidden echter tot minder trapgebruik.

 

De belangrijkste redenen voor werknemers om de trap te nemen in plaats van de lift waren gezondheid en snelheid. Dit gold vooral voor werknemers die op de eerste of tweede verdieping werkten.

 

Werknemers namen de lift omdat ze naar eigen zeggen al veel bewegen, veel of zware spullen mee moeten nemen of gewoon lui zijn. Werken op de derde of vierde verdieping vormde ook een reden om de lift te nemen.

 

De werknemers waren het meest te spreken over de voetstapjes naar de trap. De voetstapjes werden door een ruime meerderheid van de werknemers opgemerkt en het doel ervan was hen duidelijk. Ook van de poster met de cartoon was het doel duidelijk, in tegenstelling tot de sportafbeeldingen in het trappenhuis. De werknemers in beide bedrijven gaven aan dat het combineren van een verandering in de werkomgeving met een gezondheidsboodschap kansrijk is.

 

TABEL 1. VERANDERING IN TRAPGEBRUIK BIJ VERSCHILLENDE METHODEN OM TRAPGEBRUIK TE STIMULEREN

 

Trapgebruik omhoog

 

Trapgebruik omlaag

 

Bij aanvang

 

Verandering

 

Bij aanvang

 

Verandering

 

Bedrijf 1

 

Poster met cartoon

 

41 procent

 

+5 procent

 

63 procent

 

+2 procent

 

Voetstappen naar trap

 

43 procent

 

+5 procent

 

67 procent

 

-1 procent

 

Sportafbeeldingen in trappenhuis

 

46 procent

 

-3 procent

 

66 procent

 

-6 procent

 

Bedrijf 2

 

Stilzetten van een lift

 

58 procent

 

-2 procent

 

72 procent

 

+1 procent

 

Voetstappen naar trap

 

56 procent

 

+9 procent

 

67 procent

 

+9 procent

 

Poster met cartoon

 

64 procent

 

-7 procent

 

74 procent

 

-3 procent

 

 

Trapgebruik wordt uitgedrukt als het aantal keren dat de trap gebruikt wordt om naar boven respectievelijk beneden te gaan ten opzichte van het totale aantal keren dat werknemers naar boven respectievelijk beneden gaan. Een positieve verandering betekent een toename in trapgebruik. Een negatieve verandering betekent een afname in trapgebruik.

 

Opvallende voetstapjes om de route naar de trap te markeren vormden de beste methode om trapgebruik te stimuleren. Werknemers waardeerden deze methode niet alleen meer dan de andere methodes maar er werden ook de grootste effecten mee bereikt. Het gebruik van voetstapjes naar de trap kan, zeker in combinatie met communicatie over gezondheid en de gezondheidsvoordelen van bewegen, een goedkope, gemakkelijke en laagdrempelige manier zijn om werknemers te stimuleren om meer te bewegen op het werk. Eerder onderzoek (Eves en collega’s, 2005) heeft uitgewezen dat een periode van minimaal zes weken nodig is om langdurige effecten van dit soort interventies te verkrijgen.

 

Reageer op dit artikel