blog

Langer doorwerken?

Gezond werken

Voor mij, en alle Nederlanders die geboren zijn voor 1954, geldt een pensioengerechtigde leeftijd van 65 jaar. Maar voor iedereen die daarna is geboren is die leeftijd gesteld op 67 jaar en drie maanden.

Langer doorwerken?

De bedoeling is – je weet het nooit  – dat de AOW-leeftijd meeschuift met de levensverwachting. Volgens de immer optimistische staatssecretaris van SZW Jette Klijnsma (zelf van het bouwjaar 1957, dus ook onderworpen aan deze maatregel) is de hogere pensioenleeftijd nodig om de AOW betaalbaar te houden.

Niet iedereen kan doorwerken na 65

Ik weet niet of dat klopt, maar ga in deze column geen politiek bedrijven. U hoeft van mij dus ook geen stemadvies te verwachten. Maar ik was begin dit jaar wel aangenaam verrast door het bericht van de Nederlands Vereniging voor Arbeids- en Bedrijfsartsen – de NVAB. In het Algemeen Dagblad had die vereniging, bij monde van bestuurder Ernst Jurgens, aangegeven dat het voor velen niet mogelijk is om na hun 65ste jaar door te werken. Veel mensen, en dan werd vooral gedoeld op de lager opgeleiden, zijn volgens de artsen niet in staat om na hun 65ste nog door te werken.

Geldt dit alleen voor lager opgeleiden?

De vraag is of dit alleen voor de lager opgeleiden opgaat. Het gaat denk ik toch meer om de belasting waaronder iemand heeft gewerkt en minder om het niveau. De pensioenleeftijd is nu voor de meesten al 67 jaar, maar de NVAB vindt dat de overheid op de rem moet trappen. De heer Jurgens waarschuwde dat lager opgeleiden gedurende hun loopbaan zo zwaar belast worden, dat het een keer ophoudt. Als reden gaf hij aan dat bijvoorbeeld het kraakbeen op een gegeven moment gewoon versleten is.

Maatregelen gericht op hoger opgeleiden

De maatregelen gericht op langer doorwerken zijn vooral gericht op hoger opgeleiden. Die worden getraind om het brein rust te gunnen en naar hun lichaam te luisteren. Bij mensen met een lagere opleiding slaan dat soort trainingen minder aan, aldus Jurgens. Een wat merkwaardige vergelijking, want het brein bevat dacht ik geen kraakbeen. Maar ik begrijp denk ik wel wat hij ermee bedoelt. Vrij vertaald kun je zeggen dat je fysiek zware arbeid niet tot je pensioen kunt blijven doen.

Werkgever moet investeren in om-/bijscholing

Of zoals Klijnsma zegt: werkgevers moeten ook investeren in opleidings- en omscholingstrajecten, zodat ouderen daarmee een functie kunnen krijgen die ze aankunnen. Dat vraagt dan wel om de bijbehorende banen. Die er, zeker bij de kleine werkgevers (de meerderheid in Nederland), niet zijn en in elk geval niet voor het opscheppen liggen. Los nog van de vraag of je de laag opgeleide werkende na zoveel jaren alsnog een gedegen opleiding kunt geven waarmee hij andere taken aankan. Zoals die goede kennis van mij: een prima opgeleide timmerman die erg goed in zijn vak is. Hij moest afgelopen jaar van zijn baas naar de herhaling voor zijn VCA-diploma. Toen de middag bijscholing achter de rug was, mopperde hij: “Gelukkig, dat zit er weer op. Nu ga ik nooit meer naar zo’n cursus: een hele middag zitten is niks voor mij, ik moet bezig zijn.” Mijn timmerman was toen 59 jaar en zal nog lang moeten doorwerken.

 

Auteur: Rob Poort | Bureaupoort.nl

Reageer op dit artikel