nieuws

Hoe zit dat met ochtend- of avondmensen?

Gezond werken

Onze slaapgewoonten liggen verankerd in onze genen. Dat bleek bijvoorbeeld uit twee recente studies, gepubliceerd in het tijdschrift Personality and Individual Differences. Daarin werden 20 jaar lang de slaapgewoonten van proefpersonen geanalyseerd. Naar aanleiding daarvan spraken wij met een expert op het gebied van chronotypen.

Menno Gerkema is een uitzondering. Met zijn 63 jaar zou hij langzamerhand moeten zijn omgevormd tot een ochtendmens. Maar toch voelt hij zich ’s avonds op zijn best. Of, zoals hij het zelf uitdrukt: “Mijn mid-slaaptijd is 6:00 uur ’s ochtends.”

Deze laatste term komt in gesprekken met Gerkema regelmatig terug. Hij is namelijk hoogleraar Chronobiologie aan de Universiteit van Groningen en daar hebben ze onderzoek gedaan naar ochtend- en avondmensen. Daarbij maakten ze gebruik van de Munchener Chronotype Questionnaire, een internationale vragenlijst. En die baseert zich niet op subjectieve gevoelens als ‘je lekker voelen’, maar op de meer objectieve mid-slaaptijd.

Vakantie
Om uw eigen mid-slaaptijd te berekenen, kunt u het best teruggaan naar uw laatste vakantie. “Tijdens die periode zijn mensen namelijk vrij om te slapen wanneer ze willen”, zegt Gerkema. “Als ze dan om 22:00 uur naar bed gaan en om 6:00 uur opstaan, spreek je over een mid-slaaptijd van 2:00 uur. Maar als ze, zoals ik, een voorkeur hebben om te slapen van 2:00 uur ’s nachts tot 10:00 uur ’s ochtends, bedraagt hun mid-slaaptijd 6:00 uur.”

Wetenschappers hebben de mid-slaaptijd van honderdduizenden mensen in beeld gebracht, en daarbij ontdekten ze een patroon. “Pubers en jong-adolescenten zijn meestal uilen”, zegt Gerkema. “Maar hoe ouder ze worden, hoe meer ze veranderen in ochtendmensen. Vrouwen zijn daar wat sneller mee dan mannen, maar uiteindelijk ontmoeten ze elkaar, zo rond hun 50e. Natuurlijk zijn er individuele verschillen – kijk naar mij – maar de grote lijn is duidelijk.”

Mismatch

Het probleem is dat deze grote lijn niet goed aansluit op onze dagelijkse verplichtingen. “Als je kijkt naar de groep van 20- tot 60-jarigen, ligt de gemiddelde mid-slaaptijd tussen 4.00 uur en 5:00 uur ’s nachts”, zegt Gerkema. “Maar toch verwachten werkgevers dat hun mensen om 8:30 uur aan de slag zijn, en dat kan alleen met een mid-slaaptijd van ongeveer 3:00 uur ’s nachts. Begrijp me goed: voor ochtendmensen is dat geen probleem, maar de gemiddelde werknemer zal die eerste uren niet veel presteren.”

Gerkema ziet de oplossing in flexibelere werktijden, maar helaas bespeurt hij veel natuurlijk conservatisme. “Vroeger werkte ik regelmatig samen met een programmeur, en die kon je bellen vanaf 22.00 uur ’s avonds tot 6:00 uur ’s ochtends. Begrijp me goed: die man zette zich altijd volledig in, en leverde prima werk. Maar toch vond iedereen hem maar lui.”

Ploegendiensten
Het grootst is de mismatch natuurlijk voor de 1 miljoen Nederlanders in ploegendiensten. Sterker nog, volgens Gerkema is hier sprake van een groot probleem. “Ons lichaam is niet op nachtwerk ingesteld; dat is gewend aan een vast ritme. Ga maar na: geruime tijd voordat we wakker worden, beginnen we al enzymen aan te maken om ons voor te bereiden op het ontbijt. En ’s nachts gaat de boel helemaal op slot.”

Veel nachtwerkers krijgen dan ook problemen met hun eetpatroon. “Sommige hongeren zich totaal uit”, zegt Gerkema. “Maar de meesten zetten het juist op een snacken. Overal ter wereld, in branches als politie, brandweer, leger, en zorg, zien we dat nachtwerkers gemiddeld 60% vaker lijden aan obesitas. ”

De oplossing? Volgens Gerkema is die helaas nog niet bekend. “Er is nog nooit een langlopende studie uitgevoerd naar het beste dieet tijdens de nacht. En dus blijven wij wetenschappers steken in wat algemene tips: zorg voor vaste maaltijden want ons lichaam is ingesteld op periodiek voedsel. En vermijd daarbij veel koolhydraten en vet.”

Meer wetenschappelijke inzichten

De studies in Personality and Individual Differences

Reageer op dit artikel