nieuws

Wat doet de werkomgeving echt voor de mens?

Gezond werken

Is er wetenschappelijk bewijs voor de invloed van werkomgevingen op de gezondheid en het welzijn van medewerkers? Deze vraag komt aan de orde in een groot onderzoek van het CfPB en TU Delft. Wim Pullen, directeur CfPB, licht het onderzoek toe en plaatst een kritische noot bij onderzoeken waarin wetenschappers soms te snel conclusies trekken.

Wat doet de werkomgeving echt voor de mens?

“Het Center for People and Buildings (CfPB) is een kenniscentrum dat zich richt op de relatie tussen mens, werk en werkomgeving. Het verzamelt, ontwikkelt en ontsluit kennis over huisvestingsvraagstukken. Deze kennis helpt organisaties om evidence based keuzes te maken over de nieuwe werkomgeving en het proces op weg daar naartoe.”

Wie de CfPB-website bezoekt, stuit al snel op deze introductietekst. Daarbij vallen woorden als ‘kenniscentrum’, ‘kennis verzamelen en ontsluiten’, ‘relatie mens, werk en werkomgeving’ en ‘evidence based-keuzes maken’ meteen op.

Ontstaan Center for People and Buildings

Wat doet de werkomgeving echt voor de mens?

Wim Pullen: “Hoe langer ik als wetenschapper meeloop, hoe meer ik ervan overtuigd ben dat je weinig met zekerheid kunt zeggen.”

Wim Pullen is sinds 2001 directeur van het CfPB. In 1981 afgestudeerd als geodetisch ingenieur aan de TU Delft werkte hij tot eind 2000 in meerdere functies bij de toenmalige Rijksgebouwendienst (het huidige Rijksvastgoedbedrijf). De laatste jaren was hij directeur onderzoek. Samen met Hans de Jonge, hoogleraar Vastgoedbeheer en Ontwikkeling aan de TU, kreeg hij begin jaren 90 het idee een centrum te ontwikkelen voor wetenschappelijk onderzoek naar alles wat te maken heeft met de relatie mens, werk en werkomgeving. Dit idee leidde op 1 mei 2001 tot de start van Stichting Kenniscentrum Center for People and Buildings. Het onderzoeksinstituut heeft in zijn 18-jarig bestaan honderden onderzoeken uitgevoerd, in opdracht maar ook op eigen initiatief.

De rode draad in het werk van het CfPB: gegevens verzamelen, methodes op een systematische manier toepassen en steeds dezelfde dimensies meten als het gaat om het gebruik en de beleving van gebouwen. Daarnaast de verzamelde gegevens opslaan in een grote database en er vervolgens patronen in proberen te ontdekken en daar conclusies aan verbinden.

Wetenschappelijk verantwoord én praktisch toepasbaar

Voor het CfPB zijn drie zaken extra belangrijk, vertelt Pullen op een ochtend in een van de overlegkamers op de tweede verdieping in de Bouwcampus in Delft.

  1. Het gaat altijd om wetenschappelijk onderzoek. De kernwoorden: zorgvuldig, verifieerbaar, systematisch. En alles volgens afspraken en conventies die binnen de wetenschap gelden.
  2. In 18 jaar onderzoek zijn veel onderzoeksgegevens vastgelegd in een database, waardoor de onderzoekers in staat zijn gefundeerde verbanden te leggen.
  3. Hoogdravende taal proberen te voorkomen. Pullen: “Mensen die bij ons werken moeten geen studeerkamergeleerden zijn. Want ze moeten in het kader van het onderzoek wel het gesprek met eindgebruikers kunnen voeren. Wetenschappelijk verantwoord én praktisch toepasbaar, dat is ons motto.”

Meer aandacht voor sensoren dan voor stress

Een van de onderwerpen die in de wereld van kantoorhuisvesting momenteel beslist in de belangstelling staat, is de gezonde werkomgeving. Die toegenomen belangstelling gaat gepaard met een hausse aan aandacht voor sensoren en het binnenmilieu. Dat laatste bevreemdt Pullen enigszins. “Het is bekend dat aan binnenmilieu gerelateerde beroepsziekten een factor tien tot vijftien kleiner zijn dan werkdruk en stressgerelateerde zaken. Dan is het best bijzonder dat er nu veel aandacht is voor sensoren in gebouwen die van alles meten. Maar heb je het over stress in de werkomgeving en het effect daarvan op gezondheid, dan is daar veel minder aandacht voor.”

> LEES OOK: Storend geluid op kantoor blijft grote frustratie

Wat doet de werkomgeving echt voor de mens?

Gezonde gebouwen? Nee, gezonde mensen

Een gebouw kan niet gezond zijn, het zijn de mensen die wel of niet gezond zijn

Is het eigenlijk wel mogelijk om te spreken van gezonde gebouwen? Pullen denk van niet. Hij snapt het spraakgebruik en de intentie dat dingen in een gebouw kunnen bijdragen aan de gezondheid en vitaliteit van mensen. Maar tegelijk meent hij dat mensen niet de illusie moet hebben dat een gebouw mensen gezonder gaat maken. “Een gebouw is een ding, een structuur. Een gebouw kan niet gezond zijn, het zijn mensen die wel of niet gezond zijn.”

Vanuit zijn achtergrond als wetenschapper is het voor Pullen een tweede natuur om onderzoeken kritisch te bekijken. Zeker als die een relatie claimen tussen een interventie en een effect op gezondheid en arbeidsproductiviteit. “Ja, je kunt hier en daar correlaties leggen. Maar de relatie tussen een interventie, een bepaald soort werkplek of een daaraan gerelateerde dienst en het effect daarvan, is vaak heel complex. Er zijn zoveel factoren die van invloed kunnen zijn op die relatie.”

Geen misverstand, Pullen juicht het toe dat er door verschillende partijen en instanties op dit gebied onderzoeken worden gedaan. Maar: “Ga nou niet zeggen dat je weet hoe het zit. Hoe langer ik als wetenschapper meeloop, hoe meer ik ervan overtuigd ben dat er weinig is dat je met zekerheid kunt zeggen.”

Zit-stabureaus

Een voorbeeld uit het onderzoek in de categorie ‘meubilair’ betreft zit-stabureaus. Uit het onderzoek bleek dat deze een positief effect hebben op de gezondheid van deelnemers, ook als zij niet verplicht waren om regelmatig te gaan staan. Zowel de totale zitduur per dag als de lengte van de zitperiodes nam in verschillende onderzoeken aanzienlijk af met betere bloedwaarden en minder (rug)klachten tot gevolg. Ook blijkt dat automatisch instelbare zit-stabureaus vaker in de sta-stand worden gezet dan handmatig in te stellen zit-stabureaus. Overigens gaan de gebruikers van zit-stabureaus niet méér lopen op een dag, ze gaan alleen meer staan.

> LEES OOK: Kantoormens, ga toch werken op hoogte

Beschrijven, verklaren en voorspellen

Wetenschappelijk onderzoek kent drie elementaire taken, legt Pullen uit: beschrijven, verklaren en voorspellen. “Beschrijven’ gaat over data-verzameling, dat kan kwalitatief en kwantitatief zijn, in taal en/of in getallen. Bij ‘verklaren’ gaat het om het ontdekken van patronen, bijvoorbeeld aan de hand van statistieken. ‘En ‘voorspellen’ heeft – zeker hier in Delft – te maken met de stap van data via verklaring naar modellen en algoritmes. Daarmee kan toekomstig gedrag van mensen of machines worden voorspeld. Dus: wat gebeurt er als er één of misschien twee parameters veranderen?”

Wat weten we nu echt?

Als je één ding ergens uithaalt, daarmee aan de slag gaat en daar conclusies aan verbindt dan zeg ik: pas op

Pullen vervolgt: “Soms kom je onderzoeken tegen die al snel van ‘beschrijven’ naar ‘voorspellen’ schieten. Zo van: als u met deze oplossing aan de slag gaat, gaat het ziekteverzuim omlaag, gaat de gezondheid van mensen omhoog, stijgt de arbeidsproductiviteit met minimaal x procent. Vanuit oogpunt van wetenschappelijk onderzoek kun je daar vaak vraagtekens bij plaatsen. Neem zoiets als gezondheid. Dat is zo complex en van zoveel factoren en variabelen afhankelijk. Dat maakt het lastig om te zeggen dat als je op een moment X of Y doet, het effect op de gezondheid Z zal zijn. De werkelijkheid is complex. Als je één ding ergens uithaalt, daarmee aan de slag gaat en daar conclusies aan verbindt dan zeg ik: pas op. Causaliteit is zo ingewikkeld.”

Om de invloed van kantoren op de vitaliteit van medewerkers wetenschappelijk te onderbouwen voerde het CfPB in 2018 een groot, systematisch literatuuronderzoek uit. Het deed dit in samenwerking met de TU Delft. Dit onderzoek bestond uit een enorme zoektocht in twee grote databanken voor wetenschappelijke literatuur. De onderzoekers hanteerden daarbij twaalf zoektermen: zes voor kantoor(inrichting), zes voor gezondheid en welbevinden. Dit leidde tot een selectie van 2600 artikelen. Na het zorgvuldig lezen van titel, samenvatting of volledige tekst bleven 54 onderzoeken over die voldeden aan een aantal vooraf vastgestelde criteria.

Healthy Workplace-middag

Tijdens de Healty Workplace-middag op 11 november in Hoofddorp verzorgt Wim Pullen de plenaire keynote. Zijn er harde verbanden te leggen tussen de gezondheid van mensen en zaken als licht, lucht, water, akoestiek, binnentemperatuur, groen, werkplekconcept en ontspanningsmogelijkheden? Ook licht Pullen de belangrijkste uitkomsten van het grootschalige CfPB/TU Delft-onderzoek toe: wat werkt wel en wat werkt niet?

De onderzoekers kwamen uiteindelijk tot acht elementen van kantoorinrichting die op een wetenschappelijk verantwoorde manier waren onderzocht op hun invloed op de gezondheid en het welbevinden van medewerkers. Het gaat dan om meubilair, kantoortype, planten en uitzicht, licht, gebouwkenmerken, visuele communicatie, individuele controle en geluid.

> LEES OOK: Geluid dempen in een kantoortuin, kan dat?

Stel altijd de vraag: is dat zo?

Blijf nuchter en stel altijd de vraag: is dat zo? Waar blijkt dat uit?

Voor arboprofessionals die te maken krijgen met onderzoeken naar de effecten van interventies heeft Pullen een advies: blijf nuchter en stel altijd de vraag: is dat zo? Waar blijkt dat uit? Neem niet alles zomaar aan. En als je twijfelt, praat erover. Met collega’s of met de mensen die op managementniveau fungeren en budgetten beheren. “En zoek elkaar op in elkaars gebouw. Kijk hoe de situatie ter plekke is. En creëer voor jezelf een beeld van de inzet van bepaalde kantoorinrichtingen of nieuwe gebouwtechnieken. Zien is leren.”

Auteur | Gerard Dessing

 

> TIP: DOWNLOAD de 5 vragen over het nieuwe kantoorinrichten

Wat doet de werkomgeving echt voor de mens?

Reageer op dit artikel