Tuig in de trein
<p>Een operator in een chemische fabriek verwijdert een afdekking op een plek waar dat niet mag. Dat gaat mis: er ontstaat brand en de vlammen komen onder zijn gezichtsmasker. Een menselijke fout, zoals er helaas zoveel worden gemaakt. Maar als de collega's het verhaal horen, tonen ze weinig begrip. 'Wat een sukkel! Iemand die al zo lang in de fabriek werkt, weet toch dat je daar nooit met vuur moet werken.' En men gaat over op een ander onderwerp.</p>
<p>Voor het houden van een evacuatieoefening hebben we ten eerste de steun en goedkeuring nodig van het management. Om het management te overtuigen moeten we de meerwaarde van de evacuatieoefening duidelijk neerzetten. Het is de kunst om dat in de taal van het management te doen. Hierbij werkt het goed om de meerwaarde van de evacuatieoefening te omschrijven met 'positieve woorden'. Bijvoorbeeld woorden als winst, sneller, hoger veiligheidsbewust zijn en effectiever handelen of optreden. Leg hierbij de nadruk op twee argumenten: een financieel en een sociaal argument. Het financiele is dat de oefening niet veel meer kost dan een half uur van ieders tijd, zeg een afscheidsborrel van een gewaardeerde collega. En het sociale argument is dat medewerkers merken dat veiligheid een plaats krijgt binnen de bedrijfscultuur.</p>
<p>In september 1990 verricht een matroos bij de Koninklijke Marine zonder veiligheidsgordel onderhoudswerk aan een lanceerinrichting van vier meter hoog. Hij daalt af naar een lager gelegen platform, maar stoot zijn elleboog en een stroombotje, waardoor hij even buiten kennis raakt en achterwaarts, over de railing van het platform, op het dek valt. Behalve een hersenschudding lijken de gevolgen niet ernstig, maar later krijgt hij psychische klachten. In september 1992 volgt ontslag wegens blijvende ongeschiktheid.</p>
<p>De werknemer vindt de overtreding van het rookverbod onvoldoende zwaarwegend om ontslag op staande voet te rechtvaardigen. Een minder ingrijpende maatregel had kunnen volstaan, mede gezien zijn lange dienstverband. Bovendien is hij nooit gewaarschuwd. Verder zouden ook anderen, onder wie leidinggevenden, het rookverbod hebben overtreden zonder dat ooit iemand op staande voet is ontslagen. Bovendien maakte de kapitein geen bezwaar als hij merkte dat er werd gerookt.</p>
<p>Bij de aanleg van noodverlichting gaat er altijd veel aandacht uit naar het ontwerp en de installatie. Gezien het veiligheidsbelang van noodverlichting is dit niet meer dan logisch. Omwille van deze veiligheid investeert men immers in een noodverlichtingsinstallatie.</p>
<p>Een medewerker van een scheepswerf werkt jarenlang op schepen in aanbouw. Daar is tevens een isolatiebedrijf actief, dat werkt met asbest. Ook de werknemer wordt hieraan blootgesteld, en dat heeft fatale gevolgen: in 1996 wordt bij hem mesothelioom geconstateerd. Eind 1997 overlijdt hij. Voor zijn dood heeft de werknemer, samen met zijn zoons het isolatiebedrijf aansprakelijk gesteld op grond van onrechtmatige daad, dit omdat de scheepswerf inmiddels failliet is. Zijn erven zetten de strijd voort. En zij boeken succes. De rechtbank en het hof wijzen hun vordering toe. Af en toe hielp het werfpersoneel immers mee met de asbestverwerking en het opruimen van het stof. En dat zonder dat het isolatiebedrijf beschermende maatregelen trof. Maar het isolatiebedrijf gaat in beroep. Volgens de werkgever heeft hij het gebruik van asbest verder teruggedrongen toen het inzicht groeide dat dit gevaarlijk was. Ook heeft hij de meest gevaarlijke vormen en verwerkingsmethoden op den duur niet meer toegepast. De Hoge Raad erkent dat de werknemer niet zijn formele of materiele werkgever aanklaagt; dat was immers de scheepswerf. Dus concentreert de Raad zich op de vraag of de werkgever zondigde tegen het ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer. Wettelijke regels ontbraken, maar op een gegeven ogenblik hadden de risico's van asbest bekend moeten zijn binnen de maatschappelijke kring van het isolatiebedrijf. Vanaf dat moment hadden bedrijven meer veiligheidsmaatregelen moeten nemen. Welke dat zijn, hangt onder andere af van de omstandigheden van het geval. De Hoge Raad stelt zich achter het hof. Het isolatiebedrijf heeft niet aan de toen gangbare zorgvuldigheidsnormen voldaan tegenover de werknemers van de scheepswerf. Daardoor heeft het onrechtmatig gehandeld. Met het hof vindt de Raad dat het reduceren van het gebruik van asbest geen afdoende veiligheidsmaatregel is. Het beroep van het isolatiebedrijf wordt verworpen.</p>