Reacties
<p>Vanaf het schooljaar 2011-2012 verplicht het ministerie van Onderwijs scholen alle incidenten vast te leggen en door te geven, zodat een duidelijk beeld verkregen wordt van de veiligheidssituatie. IRIS incidentenregistratie analyseerde het afgelopen jaar 191 scholen en constateerde daar in totaal 5566 voorvallen. Omgerekend naar alle scholen voor voortgezet onderwijs zou het aantal incidenten op 20.000 liggen, waarvan 560 keer verboden wapenbezit. Het vaakst komen diefstal (4428 meldingen) en vechtpartijen (3658) voor, terwijl er 3273 EHBO verleend moest worden bij een ongelukje op school. </p>
<p style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Directeur Peter Driessen heeft dat donderdag gezegd in een eerste publieke reactie op het bedrijfsongeval dat begin oktober het leven aan drie werknemers kostte. Reiling erkent dat het bedrijf voor de mobiele waterzuivering geen vergunning heeft.</p>
<p style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><b>Financiering </b></p>
<p>Deze Nederlandse versie van ISO 26000 is nu beschikbaar bij NEN. De richtlijn ISO 26000 is gemaakt voor organisaties die ondersteuning zoeken bij het in praktijk brengen van MVO. Dit vanuit de wens om een steentje bij te dragen aan duurzame ontwikkeling. ISO 26000 is bedoeld voor alle typen organisaties: bedrijven, MKB, overheden en maatschappelijke organisaties. </p>
<p><strong>Groot belang </strong>Rappe ontdekking van nieuwe infectie-uitbraken is van groot belang voor de publieke gezondheid, maar vaststelling van ongewone uitbraken blijft moeilijk. Patienten met gevaarlijke infecties als SARS kunnen symptomen hebben die sterk lijken op die van een 'normale griep'. Ze zijn bijvoorbeeld moe, hebben koorts en moeten hoesten.Artsen zien veel patienten met zulke klachten. De kans is reeel dat ze de ongewone ziektegevallen niet herkennen. <strong>Blinde vlekken </strong>Omdat bij veelvoorkomende symptomen ook vaak geen laboratoriumtesten worden uitgevoerd, kunnen ongewone uitbraken bij het normale toezicht makkelijk worden gemist. Syndroomsurveillance kan zulke blinde vlekken opvangen. Dat stelt Kees van den Wijngaard, die 9 december op dit thema promoveerde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Zijn proefschrift heet: 'Is this an Outbreak?'. Van den Wijngaard werkt bij het RIVM. <strong>Verdacht</strong> Syndroomsurveillance onthult verdachte toenames in aantallen patienten met bepaalde symptomen en syndromen, zoals longontsteking door onbekende oorzaak. Ook bijvoorbeeld onverwachte toenames in het gebruik van anti-hoestmedicatie kunnen duiden op een uitbraak. Voor syndroomsurveillance gebruiken deskundigen gegevens over onder meer ziekteverzuim, huisartsbezoek, medicijngebruik en ziekenhuisopnames. <strong>Q-koorts </strong>Kees van den Wijngaard stelt vast dat syndroomsurveillance uitbraken van infectieziekten in kaart kan brengen die anders worden gemist. Waarschijnlijk was de uitbraak van Q-koorts met syndroomsurveillance sneller gesignaleerd. <strong>Lage kosten </strong>Door gegevens uit bestaande medische registraties te gebruiken, kunnen de kosten voor syndroomsurveillance laag blijven vergeleken met de kosten van een late ontdekking van grote uitbraken, stelt Van den Wijngaard. In Nederland wordt syndroomsurveillance nog maar beperkt gebruikt, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Verenigde Staten. </p>
