artikel

Kennelijk onredelijk ontslag wegens lawaaidoofheid

Veilig werken

De werknemer voert aan dat hij arbeidsongeschikt is geworden wegens lawaaidoofheid en dat deze is veroorzaakt door zijn werkomgeving. Zijn werkgever stelt dat van D. nimmer in een lawaaiige omgeving heeft gewerkt.

 

De kantonrechter heeft de vordering van werknemer van D. afgewezen omdat de werkgever niet verwijt­baar gehandeld zou hebben. Van D. gaat in beroep bij de rechtbank die stelt, dat het niet van doorslaggevende betekenis is of een werkgever enig verwijt treft. Wel kan dit een omstandigheid zijn die mee­gewogen moet worden bij de beoordeling van een ontslag.

 

De rechtbank oordeelt vervolgens dat uit diverse door de werknemer overgelegde medische verklaringen afdoende blijkt dat hij leed aan oor­suizen en overgevoeligheid voor geluid. Twee van de artsen merken bovendien op dat de oorzaak hiervan waarschijnlijk is gelegen in het werken in een lawaaiige omgeving. Uit de gestelde feiten blijkt dat de werknemer zich ongeveer twee uur per dag in een productiehal bevond waar hij aan lawaai werd blootgesteld. Verder bevond de deur van de (afzonderlijke) werkruimte van de werknemer zich in de productiehal, zodat de werknemer lawaai hoorde telkens als de deur werd geopend.

 

De rechtbank acht het aannemelijk dat de lawaaidoofheid van werknemer door deze werkomstandig­heden is veroorzaakt. Voorts merkt de rechtbank op dat de werknemer arbeidsongeschikt is geworden wegens eerdergenoemde klachten na bijna twintig jaar bij zijn werkgever gewerkt te hebben, hetgeen ook van belang is bij de beoordeling van het ontslag.

 

Gezien het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat aan de werknemer een vergoeding toekomt uit hoofde van kennelijk onredelijk ontslag. Bij de hoogte daarvan moet, behalve met leeftijd (41), lengte van het dienstverband (22 jaar) en de mogelijkheden om elders passend werk te vinden, ook rekening gehouden worden met het feit dat de werkgever gedurende een jaar het loon volledig heeft doorbetaald en gedurende nog een jaar een aanvulling op de WAO heeft betaald. De rechtbank veroordeelt de werkgever tot betaling van een bedrag van 40.000 gulden aan de (ex)werknemer van D.

Reageer op dit artikel