artikel

Rsi niet door werk ontstaan

Veilig werken

De rechtbank wil eerst vaststellen of het daadwerkelijk om rsi gaat en zo ja, of dit ook verband houdt met haar werkzaamheden bij de gemeente. Daarvoor wordt een deskundige ingeschakeld. De rechtbank overweegt dat de vrouw haar vordering baseert op rsi of een daarop gelijkend arbeidsgerelateerd syndroom.

 

Zij stelt dat ze fysieke klachten heeft opgelopen, doordat haar werkplek niet voldeed aan de daaraan te stellen eisen. De rechtbank constateert dat volgens de deskundige de vrouw lijdt aan een cervicobrachiaal syndroom, maar dat hij geen verband ziet tussen deze aandoening en de werkplek, omdat de klachten niet zijn verminderd sinds de vrouw gestopt is met werken. Dat zou volgens de deskundige wel het geval moeten zijn, als de klachten arbeidsgerelateerd waren.

 

De deskundige heeft niet kunnen vaststellen of er bij het pijnsyndroom van de vrouw psychische factoren een rol spelen. Dat ligt op het terrein van een psycholoog. De rechtbank ziet echter geen aanleiding om over te gaan tot de benoeming van een psycholoog, zeker nu onvoldoende gebleken is dat de klachten zouden zijn veroorzaakt door een te hoge werkdruk.

 

Een en ander brengt de rechtbank tot de conclusie dat het onvoldoende aannemelijk is geworden dat de klachten verband houden met het werk bij de gemeente. Daarom hoeft de vraag of de gemeente tekort is geschoten in haar zorg- en informatieverplichting, niet verder te worden beantwoord. De vordering wordt afgewezen.

Reageer op dit artikel