artikel

Werkgever aansprakelijk voor rugletsel?

Veilig werken

Het apparaat is voorzien van kleine wieltjes, die echter ongeschikt zijn om het apparaat over stoepen en drempels te rijden. In september 1998 moet de werknemer een demonstratie geven op de eerste verdieping van een gebouw. Om daar te komen moet het apparaat over een steile trap naar boven worden getild. Samen met een andere man heeft hij het apparaat getild, waarbij hij onderaan stond. Hij heeft zich hierbij verstapt waardoor er iets in zijn rug knapte en een scherpe pijn voelbaar werd. Korte tijd later is P. wegens rugklachten uitgeval­len. De neuroloog heeft een hernia geconstateerd. P. is ongeschikt verklaard voor zijn werk. Hij heeft zijn werkgever aansprakelijk gesteld voor de schade als gevolg van het rugletsel. De kanton­rechter heeft die vordering afgewezen.

 

Op het hoger beroep van P. overweegt de rechtbank dat uit het gebeurde van september 1998, het feit dat de werknemer kort daarna is uitge­vallen en de door de neuroloog geconstateerde hernia, blijkt, dat het letsel het gevolg is van het werk. Het is derhalve aan zijn werkgever om aan te tonen dat zij haar veiligheids­verplichtingen ex art. 658 boek 7 Burgerlijk Wetboek (het hier al vaker genoemde zorgplichtartikel) is nagekomen.

 

De rechtbank is van oordeel dat de werkgever hierin niet is geslaagd. Vaststaat dat het apparaat in en uit de auto getild moest worden, dat de werkgever geen (til)hulpmiddelen ter beschikking heeft gesteld en dat aan het tillen van het apparaat, ook indien dit door twee personen geschiedt, het risico van rugklachten verbonden is. Ingevolge het Be­sluit Fysieke Belasting van de EG dienen situaties waarin met de hand meer dan 40 kg moet worden getild, opgeheven te worden. De werkgever heeft dit echter niet gedaan.

 

Het feit dat werknemer P. mogelijk al eerder last had van rugklachten, leidt niet tot het oordeel dat zijn werkgever niet aansprakelijk is. Deze omstandigheid kan hoogstens aan de orde komen bij de begroting van de schade. De rechtbank vernietigt het vonnis van de kantonrechter en gelast een comparitie om meer te weten te komen over de omvang van de schade en waarbij tevens de mogelijkheid van een minnelijke schikking moet worden nagegaan.

Reageer op dit artikel