artikel

Ongevalsonderzoek baat ook bij beroepsziekten

Veilig werken

Ongevalsonderzoek? Dat doen we bij (bijna-)ongevallen en milieu-incidenten, bij acute effecten van blootstelling aan gevaarlijke stoffen. Maar kan ongevalsonderzoek ook bij blootstelling die leidt tot gezondheidsschade op langere termijn? Tot beroepsziekten? Blootstelling als near miss?

Ongevalsonderzoek baat ook bij beroepsziekten

Ongeval? Ongevalsonderzoek

Veiligheidskundigen doen het al jaren: bij een ongeval hoort een ongevalsonderzoek. Wat was de oorzaak? En het gevolg? Welke beschermende factoren (barrières) hebben gefaald? En het interessantste: waarom waren die beschermende factoren niet of onvoldoende aanwezig?

Het aantal dodelijke arbeidsongevallen is mede door ongevalsonderzoeken sterk teruggebracht. Nog lang niet ver genoeg, maar een stuk verder dan het aantal dodelijke beroepsziekten. Jaarlijks sterven ongeveer 60 mensen door een arbeidsongeval tegen 4.000 mensen door een beroepsziekte. Is een ongeval- of incidentonderzoek bij een beroepsziekte ook nuttig?

Blootstelling? Blootstellingsonderzoek

Bij blootstelling aan gevaarlijke stoffen kan gezondheidsschade ontstaan. Uiteenlopende klachten en ziekten zoals irritatie van de luchtwegen, benauwdheid, kortademigheid en kanker. Soms duurt het tien, twintig of dertig jaar voordat de ziekte zich ontwikkelt of wordt ontdekt.

> LEES OOK: Kans klein op kanker door asbeststraalgrit

Is er sprake van blootstelling aan gevaarlijke stoffen, dan voeren we een blootstellingsonderzoek uit. Welke blootstelling is er en is deze schadelijk? Bij een te hoge blootstelling nemen we maatregelen. We plaatsen barrières die de blootstelling weghalen of verminderen. Kortom: we kijken bij blootstellingsonderzoek naar het heden (wat is de blootstelling?) en handelen voor de toekomst (hoe lossen we de huidige situatie op?).

Leren van beroepsziekten

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) registreert de ongevallen die door de Inspectie SZW zijn onderzocht met de ongevalsanalysemethode Storybuilder. De organisatie verricht trendanalyses met de database die daardoor ontstaat. In 2017 concludeerde het RIVM op grond van een verkenningsstudie dat het mogelijk is om Storybuilder te gebruiken bij beroepsziekten. Dit levert lessen op over maatregelen die niet goed werken en bijbehorende falende managementfactoren. Bij individuele casussen kan dit leiden tot directe verbeteringen op de werkplek en van achterliggende procedures. Ook kan analyse van de database leiden tot lessen die bijdragen aan bijvoorbeeld bewustwording (RIVM, 2017).

Bron: V.R. van Guldener et al. Leren van beroepsziekten? Een nieuw perspectief verkend. Verkenningsstudie Storybuilder voor beroepsziekten, RIVM Rapport 2017-0022, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), Bilthoven 2017.

Ongevalsonderzoek bij beroepsziekten kán

Bij een ongevalsonderzoek betrek je naast het heden en de toekomst ook het verleden: hoe kon deze situatie ontstaan? Inmiddels weten we dat het mogelijk is om een ongevalsonderzoek uit te voeren bij een vastgestelde beroepsziekte. Welke beschermende maatregelen faalden en waarom? RIVM deed dit (zie kader Leren van beroepsziekten), maar het gebeurt ook bij schadeclaims.

Het kan dus. Maar juist door de lange tijdsspanne tussen oorzaak (de blootstelling) en gevolg (de beroepsziekte) is het heel moeilijk om informatie te achterhalen. Het is een soort cold-case-onderzoek op basis van een slecht bijgehouden dossier.

> LEES OOK: Gevaarlijke stoffen in een fabriek aanpakken (casus)

Als near miss beter: onveilig, geen slachtoffers

Het uitvoeren van een ongevalsonderzoek bij een beroepsziekte is door de verstreken tijd lastig. Maar wat als we uitgaan van een near miss? Bij een bijna-ongeval is er sprake van een onveilige situatie, maar zijn er geen slachtoffers. Een ongevalsonderzoek geeft dan evengoed inzicht in de falende barrières en is daarom leerzaam.

Misschien kan dat ook bij ongezonde situaties. Als we weten dat er te hoge blootstelling is aan gevaarlijke stoffen, is er op dat moment meestal (nog) geen sprake van beroepsziekten. De situatie is ongezond, maar er zijn (nog) geen slachtoffers: een near of beter een ‘vooralsnog’ miss. Heeft een ongevalsonderzoek bij te hoge blootstelling meerwaarde? Zien we beter welke beschermende maatregelen niet of onvoldoende functioneerden?

Een praktijkvoorbeeld

Stel, er is blootstelling aan kwartsstof tijdens schuurwerkzaamheden.
Uit het blootstellingsonderzoek blijkt dat de blootstelling hoger is dan de grenswaarde. Het advies bestaat uit meerdere maatregelen, waaronder ‘voorzie de schuurmachine van afzuiging’. Het aanvullende ongevalsonderzoek constateert dat de falende barrière ‘afzuiging op het gereedschap’ is. Mét afzuiging was de blootstelling aan kwartsstof niet te hoog geweest.

Tot nu toe geen verschil tussen het blootstellingsonderzoek en het ongevalsonderzoek.

Waarom-vraag

Maar dan stelt het ongevalsonderzoek de vraag: ‘Waarom faalt deze barrière?’ of in dit geval ‘Waarom gebruikt men geen afzuiging op de schuurmachine?’ Mogelijke antwoorden (niet limitatief) zijn dat de afzuiging:

  • er niet is omdat inkoop niet weet dat die bestaat;
  • niet aanwezig is omdat die niet op de huidige schuurmachine past;
  • er wel is, maar niet wordt gebruikt omdat de stofzuiger niet in de bus past;
  • wel aanwezig is, maar niet wordt gebruikt omdat de stofzuiger met geen mogelijkheid naar boven te sjouwen is.

Aanvullend advies

Afhankelijk van het antwoord is een aanvullend advies mogelijk. Bijvoorbeeld: zorg dat de afdeling HSE een rol heeft bij de inkoop. Of: borg tijdens de werkvoorbereiding dat materiaal, materieel en benodigde hulpmiddelen op het werk worden gebracht. Dit is niet alleen een oplossing in deze situatie, maar ook in vergelijkbare
situaties in het bedrijf. Dus minder stofbelasting tijdens het schuren en bijvoorbeeld ook minder tilbelasting tijdens het werk.

Waarom zou je ongevalsonderzoek doen?

Uit een recent onderzoek (zie kader Storybuilder in blootstellingssituaties) blijkt een ongevalsonderzoek bij te hoge blootstelling inderdaad meerwaarde te hebben. Het geeft vooral inzicht in de vraag waarom beschermende maatregelen ontbreken of onvoldoende werken. Het advies kan zich daardoor richten op het ontbreken van een barrière, maar ook op de achterliggende factoren.

Storybuilder in blootstellingssituaties

Arbeidshygiënische blootstellingsbeoordelingen bepalen of er sprake is van een schadelijke blootstelling en geven advies over verbetermogelijkheden. Het is niet gangbaar om na te gaan hoe de blootstellingssituatie is ontstaan.

Uit dit scriptieonderzoek blijkt dat het toepassen van de ongevalsanalysemethodiek Storybuilder achterliggende oorzaken zichtbaar maakt. Advisering over voorkoming of verbetering van soortgelijke situaties is daardoor mogelijk. Dit maakt individuele blootstellingsbeoordelingen beter. Maar in het rapport zijn ook aanbevelingen gedaan voor aanpassingen aan Storybuilder om blootstellingsbeoordelingen te kunnen invoeren en daarnaast data-analyse mogelijk te maken.

Bron: Storybuilder in blootstellingssituaties. Het toepassen van veiligheidskundige methodes in een arbeidshygiënische setting, scriptieonderzoek
Tamara Onos, Ellecom 2018.

Betere beheersing van blootstelling(en)

Blijkt bij een blootstellingsonderzoek dat sprake is van te hoge blootstelling? Dan heeft het meerwaarde om aanvullend een ongevals- of incidentonderzoek uit te voeren. Onderzoek naar te hoge blootstelling als een near miss of ‘vooralsnog’ miss maakt achterliggende oorzaken zichtbaar. Dit leidt tot betere beheersing van de onderzochte blootstelling. En tot betere beheersing van andere blootstellingen in het bedrijf.

In dit artikel gaat het over blootstelling aan gevaarlijke stoffen. Maar ook andere vormen van te hoge blootstellingen (geluid, fysieke belasting, straling) zijn als near miss te behandelen.

Tamara Onos | arbeidshygiënist bij Auxilium HSE

 

ongevalsonderzoek> TIP: Het boek ‘Beroepsziekten voorkomen’ biedt praktische aanpakken

Reageer op dit artikel