blog

LHBT-vriendelijk

Veilig werken

Dus eigenlijk iedereen, met uitzondering van verstokte heteroseksuelen. Ik meende in een tolerant land te leven, maar nu blijkt dat er verklaringen moeten worden ondertekend om zoiets voordehandliggends te bevorderen als de acceptatie van elkaars geaardheid!

LHBT-vriendelijk

Zelf ben ik, seksueel gezien, het product van de sixties en seventies: 30% ‘all you need is love’, 25% ‘make love, not war’, 10% NVSH, en de rest verwarring. Vanuit die achtergrond ben ik, net als veel leeftijdgenoten, tolerant en ruimdenkend genoeg. Ondertussen zijn er echter bevolkingsgroepen bijgekomen die homo’s willen stenigen. Dichter bij huis moet ik tot mijn ergernis ontdekken dat mijn bloedeigen zoon van 14 het woord ‘homo’ als favoriet scheldwoord koestert. Erger nog, als mijn vrouw hem een iets verkeerd t-shirt aanbiedt, weigert hij het te dragen omdat het gay is! We gooien het op een voorbijgaande jongerencultuur, pubers die zelf nog moeten uitzoeken aan welke kant ze staan.

Ooit werd ik bij het toenmalig staatsbedrijf der PTT, bolwerk van conservatisme, tot chef gemaakt. Tijdens mijn introductie wees mijn baas mij er op, dat mijnheer  die-en-die best een goede medewerker was, maar wel homoseksueel, dat ik daar maar rekening mee zou houden! Dat was dertig jaar geleden, maar onder de traditionele autochtonen is homoseksualiteit nog steeds een taboe, getuige een tv-uitzending waarin een streng-gristelijke jonge homo werd uitgenodigd om voor studentenvereniging en familie uit de kast te treden onder begeleiding van een erg narcistische nepnicht. Zijn omgeving accepteerde zijn geaardheid met schoorvoetende liefde, maar wees elke vorm van praktiserende homoseksualiteit af. Hij mocht dus wel vogel zijn, als hij maar niet vloog!

Kortom, misschien is de inspanning om een LHBT-vriendelijke werkomgeving te creeren toch verklaarbaar. Immers, 29% van de homoseksuele mannen en 13% van de lesbiennes klaagt erover dat ze weleens last hebben van negatieve reacties op het werk, iets wat waar ik werk valt onder PSA ofwel psychosociale arbeidsbelasting. Ondertussen zit ik met dat ‘vriendelijke’ in mijn maag. Ten eerste duidt het op een uitzondering, net zoals een vrouwvriendelijke sexwinkel en een kindvriendelijke woonwijk: het is blijkbaar niet vanzelfsprekend en moet dus bedacht worden. Ten tweede suggereert het een actieve houding, zo van: we vinden het niet alleen OK maar zelfs leuk, daarom hebben we naast de recreatiehoek en de trimruimte ook een darkroom ingericht. Dit is natuurlijk onzin, want blijkens het bericht gaat het om ‘roze’netwerken, LHBT-programma’s en de inzet van LHBT-rolmodellen. Wie zich nu als hetero bedreigd voelt en een ‘roze samenzwering’ vermoedt, hoeft de boot niet te missen: hij (of zij) kan altijd nog dienst doen als heteroseksuele medestander, die in vaktaal “straight ally” heet.

Blijft de vraag: in hoeverre is iemands seksuele geaardheid van belang op de werkvloer? Functioneer je beter of slechter als je homo bent, als docent, kippenslachter of minister? Ben je een LHBT-vriendelijk bedrijf als de afdelingsecretaresse bij de kopieermachine onbezorgd kan tongen met de recent getransseksueerde directeur Financien, die nu Victoria heet? Anderzijds, als ik met mijn vriend Wilco naar Parijs ben geweest, moet ik hem dan een vrind, een kameraad of een goede kennis noemen om niet de indruk te wekken H of B te zijn? Of moet mij dat dan juist niet kunnen schelen?

Misschien is de term ‘LHBT-vriendelijk’ wat overdreven en gaat het er alleen maar om dat medewerkers die tot een minderheid behoren gewoon gerespecteerd worden, evengoed als collega’s uit een andere cultuur, met een andere kleur of, erger nog, Feyenoord-fans in Amsterdam.

Arthur Mac Gillavry werkt als veiligheidskundige bij een universiteit waar vooral wetenschappelijke geaardheid telt.

Reageer op dit artikel