artikel

Actueel

Wetgeving

Algemeen directeur van de Arbeidsinspectie Paul Huijzendveld is sinds 1 augustus projectleider arbeidsomstandigheden in Turkije. Huijzendveld helpt het Turkse ministerie Arbeid en Sociale Zekerheid het niveau van het Turkse arbeidsomstandighedenbeleid naar een Europees niveau te tillen. Hij werd gevraagd door het Keulse consortium GVG dat een Europese aanbesteding won voor dit project. Huijzendveld: ‘Ik wilde al heel lang internationale projecten leiden en hoefde ook niet lang na te denken toen ik gevraagd werd dit te doen. Ik ga voor achttien maanden dit werk doen en als ik terugkom, hoop ik nog wat van dit soort klussen te doen.’

 

De EU financiert het project. Huijzendveld ziet het als een uitdaging de EU-arborichtlijnen in praktijk te brengen. ‘Turkije heeft 65 miljoen inwoners en een snel groeiende economie. Ze hebben al veel Europese arborichtlijnen overgenomen, maar ze invoeren is vers twee. Turkije kent veel kleine bedrijfjes die nog nooit van arbo hebben gehoord en kinder-arbeid is nog een enorm probleem. Mijn taak is het om het beleid te ondersteunen van het Turkse ministerie. Door de sociale partners bij het nationale arbobeleid te betrekken, de ambtenaren te leren een arbobeleid te promoten, maar ook te helpen een systeem voor gecertificeerde (as-best-)laboratoria op te zetten. We moeten als GVG een proces op gang brengen, een arbostrategie helpen ontwikkelen en management opleiden. Goede arbeidsomstandigheden blijven de verantwoordelijkheid van het ministerie. Misstanden geef ik door aan het ministerie, maar het is niet mijn verantwoordelijkheid. Ik heb geen politieke taak en zal dus ook niet stiekem aan Brussel doorgeven dat iets niet deugt.’

 

Volgens Huijzendveld valt veel te winnen in Turkije. ‘In Nederland is nog veel te doen, maar in Turkije natuurlijk helemaal. Zo is het geen uitzondering dat bij de bouw van een viaduct twintig doden vallen. Dat staat dan ook op een plaquette vermeld.’

 

Het projectbureau waaraan Huijzendveld leiding geeft bestaat uit Bulgaarse, Turkse en Duitse arbodeskundigen en heeft zijn onderkomen in het Turkse ministerie van Arbeid en sociale zekerheid. Een van de zegeningen van het Nederlandse arbobeleid zou Huijzendveld een op een willen kopieren naar Turkije. ‘Een goede, betrouwbare, integere en niet-corrupte arbeidsinspectie. Die zou ik zo willen meenemen.’

 

Een laptop in een laptophouder en met een los toetsenbord en muis kan worden gebruikt als een gewone computer. Dit blijkt uit onderzoek van TNO-Arbeid en de Zweedse universiteit Umea. Zij publiceerden hun bevindingen over de laptophouder Ergo Q in het wetenschappelijk tijdschrift Applied Ergonomics.

 

Arboregels schrijven voor dat een laptop maximaal twee uur per dag mag worden gebruikt. Doordat het scherm en het toetsenbord van de laptop aan elkaar verbonden zijn, ontstaat een voorovergebogen, belastende werkhouding die gemakkelijk tot klachten en zelfs tot arbeidsongeschiktheid kan leiden.

 

Door gebruik van de Ergo Q wordt het beeldscherm op juiste hoogte gebracht en beschikt de gebruiker tegelijk over een documenthouder. In combinatie met een extern toetsenbord en een externe muis ontstaat een gewone computer-werkplek en gelden ook de gewone voorschriften voor beeldschermwerk.

 

De arbowetgeving moet een onderscheid maken tussen lage en hoge arbeidsrisico’s. De overheid heeft daarbij vooral als taak duidelijke normen te handhaven voor de hoge arbeidsrisico’s.

 

Dat stelt voormalig staatssecretaris M. Rutte in zijn aanbiedingsbrief aan de Tweede Kamer bij het evaluatierapport ‘Arbowet in beeld’ van het Instituut voor Toegepaste Sociologie (ITS) in Nijmegen. ITS deed in opdracht van het ministerie van SZW onderzoek naar vernieuwingen in de Arbowet 1998.

 

In zijn brief beschrijft Rutte het arbeidsomstandighedenbeleid zoals hem dat voor ogen staat. Hij vindt dat werkgevers en werknemers zelf verantwoordelijk zijn om de grootste arbeidsrisico’s per branche aan te pakken. De overheid moet zich vooral richten op de handhaving van normen bij hoge arbeidsrisico’s.

 

Voor lage risico’s vindt de staatssecretaris gedetailleerde regels die verder gaan dan Europese normen, onnodig.

 

Het geschetste toekomstscenario sluit aan op conclusies in het rapport van het ITS over het arbozorgsysteem, handhaving, en maatwerk bij arbozorg en arbobeleid op ondernemingsniveau. ITS signaleert spanning tussen de doelvoorschriften die wenselijk zijn voor maatwerk in arbozorg en de voorgeschreven Europese middelvoorschriften. Bovendien zijn de vagere doelvoorschriften minder strak te hand-haven. ITS vindt dat de overheid zich vooral moet richten op de belangrijkste arbeidsrisico’s die met normering en toetsingskaders consequent gehandhaafd moeten worden.

 

Uit het ITS-rapport blijkt dat een meerderheid van de werkgevers vindt dat de Arbowet bijdraagt aan betere arbeidsomstandigheden. Wel vinden bedrijven de Arbowet ingewikkeld en duur om uit te voeren. Ongeveer de helft van de werkgevers vindt de kosten niet opwegen tegen de baten.

 

Op een aantal onderdelen lijkt het rapport dat in juni verscheen, al ingehaald door de actualiteit. Zo liggen er al plannen om de arboverplichtingen voor bedrijven met minder dan tien werknemers te versoepelen. Ook de kabinetsplannen voor liberalisering van de arbodienstverlening zijn in lijn met de ITS-aanbevelingen. ITS adviseert verder leden ondernemingsraadsleden beter te scholen op arbeidsomstandigheden en de positie van de arbocoordinator binnen bedrijven te versterken.

 

Het ITS-rapport ‘Arbowet in beeld’ wordt betrokken bij de geplande evaluatie van de Arbowet. Ook ander onderzoek, zoals de uitkomsten over tegenstrijdige regelgeving en een onderzoek naar administratieve lasten op arbogebied, wordt gebruikt om de Arbowet kritisch tegen het licht te houden.

 

De evaluatie ligt inmiddels op het bord van de nieuwe staatssecretaris van SZW, Henk van Hoof. Dit najaar wil het kabinet een besluit nemen over veranderingen in de Arbowet. Naar verwachting volgt in november een adviesaanvraag bij de Sociaal Economische Raad. Volgens het ministerie staat dit traject los van de noodzakelijke aan-passing van de huidige Arbowet aan de uitspraak van het Europese Hof over de Nederlandse arbodienstverlening. Daartoe ligt al een voorstel tot wetswijziging bij de Raad van State, aldus een woordvoerder van SZW.

 

De Brancheorganisatie Arbodiensten (BOA) en STECR Reintegratie-platform vieren in november met een jubileumcongres het tienjarig bestaan van de Arbowet en arbodienstverlening in zijn huidige vorm. Tegelijk is het feestje voor de tiende verjaardag van de discipline ‘arbeids- en organisatiedeskundige’.

 

Thema van het congres op 12 november in Zeist is ‘Werken aan de toekomst van arbeid’. Op het congres staat de betekenis centraal van werken en niet-werken tien jaar geleden, nu en over tien jaar. Dagvoorzitter Paul Schnabel en europarlementarier Frans Leijnse praten over de belangrijkste trends in arbeid en de betekenis hiervan voor dienstverleners die werkgevers en werknemers ondersteunen en adviseren.

 

In de middag is er een praktisch gericht doorlopend programma van workshops, clinics, topcolleges en presentaties over uiteenlopende onderwerpen zoals ‘evidence based adviseren’, ‘de rol van de professional bij innovatie’, ‘de werknemer als regisseur van arbodienstverlening’ en ‘samenwerken met de ondernemingsraad van klantorganisaties’.

 

De dag wordt afgesloten met een debat waarvoor onder anderen oud-minister van SZW Bert de Vries en BOA-voorzitter Boele Staal aanschuiven.

 

Kosten (met diner en feest) € 435,—.

 

Aanmelding: (030) 69842222 of studiecentrum@kerckebosch.nl

 

De Stichting Samenwerken voor Veiligheid (SSVV) houdt woensdagmiddag 8 september een congres over verleden, heden en toekomst van de Veiligheid gezondheid en milieu Checklist Aannemers (VCA).

 

Er lijkt het nodige te bespreken op het congres. Het tienjarig bestaan van de SSVV wordt dit jaar over-schaduwd door de fraudezaak eind april met VCA-certificaten door certificerende instanties uit Rotterdam. Het zou gaan om ‘het topje van de ijsberg’.

 

Op het congres in het Nederlands Congrescentrum in Den Haag ‘wordt stilgestaan bij het succes van de VCA in de afgelopen tien jaar en zullen het heden en de toekomstige ontwikkelingen van VCA worden bediscussieerd’, meldt de aankondiging. De nieuwe staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Henk van Hoof, krijgt op het congres het rapport ‘Analyse cijfers ongevalfrequentie’. Hij geeft zijn visie op VCA-ontwikkelingen. Behalve de staatssecretaris geven ook andere deskundige sprekers uit het VCA-veld hun kijk op de huidige certificering.

 

Kosten: € 150,00. Aanmelding via www.arboplan.nl

 

Bureau Beroepsziekten FNV heeft met twee werkgevers voor het eerst schikkingen kunnen treffen voor blaas- en halskanker. Bureau Beroepsziekten beschouwt de toegekende schadeclaims als ‘een doorbraak’.

 

Namens de werknemers stelde BBZ FNV hun voormalige werkgevers aansprakelijk voor de beroepsziekten. BBZ stelt dat de werknemers de ziekten opliepen tijdens hun werk. De ingediende schadeclaims leidden tot een schikking.

 

Een inmiddels gepensioneerde meettechnicus die op de Technische Universiteit Eindhoven meer dan 25 jaar was blootgesteld aan trichloorethyleen en trichloorethaan en daardoor blaaskanker opliep, kreeg van de TU vijftienduizend euro smartengeld. Een 39-jarige medewerker die aluminium behandelde tegen corrosie, krijgt vijftigduizend euro. Hij werd gedurende zeventien jaar blootgesteld aan zwavel- en salpeterzuurdampen en kreeg halskanker. Tot nu toe werden alleen schikkingen getroffen bij asbestgerelateerde vormen van kanker (asbestkanker en longkanker).

 

De vakcentrales FNV, CNV en MHP hebben een nieuw ‘Protocol Arbo-diensten en Werknemers’ opgesteld. Het protocol geldt als leidraad voor werknemers en arbodiensten om te komen tot meer gezamenlijke afspraken.

 

Timmerbedrijven hebben de Arbo-meetkoffer 2004 ontvangen. Het is een cd-rom waarmee de bedrijven zelf de lichamelijke belasting voor hun werknemers kunnen berekenen en aanpakken.

 

Volle flessen van waterkoelers zijn te zwaar om alleen te tillen. Zowel het gewicht van de 18,9 literfles als de 22,5 literfles over-schrijden de tilnormen en zorgen voor ‘risico op gezondheidsschade’, aldus vhp ergonomie in opdracht van WaterCare Nederland.

 

Volgens TNO Arbeid stellen kantoormedewerkers hun stoel bijna nooit in op persoonlijke omstandigheden. Daarom moeten fabrikanten de bediening makkelijker maken en moeten werknemers meer voorlichting krijgen, vindt TNO Arbeid.

 

Op www.werkgoed.nl vinden bouwwerkgevers en werknemers tips en informatie over veilig en gezond werken. De site is sinds vorige maand in de lucht en is onderdeel van de campagne ‘Werkgoed’.

 

Op de Dag van de Straatmaker op 25 september demonstreren leveranciers hun nieuwste machines en gereedschappen. Ook vindt de voorronde plaats van het Nationaal Kampioenschap Straatmaken, dat van 11 t/m 14 januari 2005 in Ahoy Rotterdam wordt gehouden. De Dag van de Straatmaker vindt plaats op het terrein van Infra Opleidingscentrum SBW in Harderwijk.

 

Henk van Hoof (56) heeft Mark Rutte opgevolgd als staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Rutte vertrok naar het ministerie van Onderwijs. Van Hoof was eerder staatssecretaris van Defensie in het tweede kabinet-Kok. Na een periode in de Tweede Kamer was Van Hoof ook korte tijd interim-burgemeester van Delfzijl.

 

De nieuwe staatssecretaris is be-last met het beleid op het gebied van bijstand, arbeidsmarkt, Wet sociale voorzieningen, volksverzekeringen, pensioenen, handhaving en fraudebestrijding en arbeidsomstandigheden.

 

Na zijn studie werkte Van Hoof zestien jaar bij de Koninklijke Marine. In 1981 stapte hij over naar de Vereniging Hoger Personeel waar hij onderhandelaar en CAOcoordinator was. Ook was hij korte tijd hoofd vakbondszaken bij de VHP.

 

In 1991 kwam Van Hoof voor de VVD in de Tweede Kamer. Hij werd in de fractie woordvoerder sociale zekerheid. Een jaar was hij vice-voorzitter van de commissie-Buurmeijer, die een onderzoek instelde naar de uitvoering van de sociale zekerheid in de jaren tachtig.

 

Dit najaar volgt een tweede media-offensief van de opmerkelijke campagne ‘1 op 6’ die bouwvakkers moet doordringen van het valgevaar in de bouw. In de campagne richten werkgevers- en werknemersorganisaties zich voor het eerst via radio en televisie duidelijk en rechtstreeks tot de bouwvakkers zelf en hun directe omgeving. Vallen is de grootste oorzaak van ongelukken in de bouw. Jaarlijks gebeuren daar zo’n 2.500 valongelukken waardoor bouwvakkers langdurig uitgeschakeld zijn of arbeidsongeschikt raken. Per jaar zijn er 12 tot 25 doden te betreuren. Vooral jongere bouwvakkers vallen nogal eens.

 

De campagne wijst bouwvakkers erop dat zij een kans van 1 op 6 hebben om tijdens hun carriere een keer te vallen. ‘Werk je in de bouw, blijf dan alert. Want als je valt, valt het tegen’, zo luidt de duidelijke boodschap.

 

Het is voor het eerst dat de bouwvakkers via de massamedia, zoals televisie, radio en reclamezuilen, worden aangesproken. Eerder verliep de communicatie vooral via voorlichtingsfolders en campagnes vanuit werkgevers- en werknemersorganisaties en via bouwspecifieke media. In de laatste CAO-onderhandelingen spraken partijen af om de bouwvakker zelf aan het denken te zetten over zijn eigen verantwoordelijkheid.

 

De boodschap via de massamedia moet niet alleen de bouwvakker zelf, maar ook zijn omgeving aanspreken. Er wordt vanuit gegaan dat familie en vrienden grote invloed hebben en het gedrag van bouwvakkers kunnen beinvloeden. Het Amsterdamse reclamebureau Gummo ontwikkelde de campagne die tot juni 2005 loopt en in totaal vijf miljoen euro kost. Na de eerste tranche reclame-uitingen ‘piekt’ de campagne nog in oktober-november 2004, januari 2005 en juni 2005.

 

Omdat de dure spotjes niet oneindig herhaald kunnen worden, is het volgens Cees van Vliet, directeur van Arbouw, belangrijk dat brancheorganisaties de boodschap overnemen en dat ze deze ook in de toekomst onder de aandacht blijven brengen van bouwvakkers.

 

Arbouw doet dit zelf op www.-arbouw.nl. Daar staat onder andere de brochure Collectieve valbeveiliging. Ook op de bouwbeurs in Utrecht wordt volgend jaar aandacht besteed aan valgevaar.

 

Uit een gepubliceerde nulmeting voor het arboconvenant Afbouw en Onderhoud blijkt dat slechts iets meer dan de helft van de werkgevers en werknemers weet van kwartsstofrisico’s. Minder dan de helft van de werkgevers verstrekt kwartsstofbeperkende apparatuur aan hun werknemers. Voorlichtingsmateriaal en voorlichtingsbijeenkomsten moeten hier verandering in brengen. Ook een internetapplicatie die in het najaar op www.samenbeter.info beschikbaar komt, moet helpen de bouwvakker bewuster te maken van de gevaren.

 

Uit een nulmeting naar lichamelijke belasting blijkt dat veel werknemers nooit of hooguit af en toe hulpmiddelen gebruiken. Om dit te verbeteren wil Henk Hartveld, projectcoordinator arboconvenant Afbouw en Onderhoud, voorbeeldprojecten starten om te laten zien hoe hulpmiddelen in de praktijk kunnen worden ingezet.

 

De sector afbouw en onderhoud kent een relatief hoog verzuim in vergelijking met andere bouwsectoren. Ook de WAO-instroom is hoog. Volgens Hartveld kunnen arbodiensten beter werk leveren dan ze tot nu toe doen. Niet alle arbodiensten leveren maatwerk en sommige bedrijven investeren niet meer in arbodienstverlening dan wettelijk strikt noodzakelijk. Een gericht arbopakket, dat inmiddels wordt aangeboden door Maetis Arbo, ArboDuo, Arbo Flexi Plan en Arbo Unie, voorziet onder meer in structureel overleg tussen werkgever, werknemer en arbodienst. Bovendien kent het arbopakket een wao-indicator die voorspelt hoe groot de kans is dat een werknemer binnen afzienbare tijd in de WAO belandt.

 

De beroepsorganisatie van bedrijfsartsen, de Nederlandse Vereniging voor Arbeids- en Bedrijfsgeneeskunde (NVAB), reageert tegelijk laconiek en met zorg op de rechtszaak die Bureau Beroepsziekten FNV heeft aangespannen tegen een individuele bedrijfsarts en de arbodienst ArboUnie.

 

Volgens NVAB-voorzitter Bas Sorgdrager is de kwestie voor de beroepsgroep ‘vooral een prikkel om zorgvuldig te handelen’. Sorgdrager: ‘Voor de NVAB als beroepsvereniging is het een stimulans om tegen-over individuele bedrijfsartsen te benadrukken dat zij moeten werken volgens onze richtlijnen. Dan weet je als arts dat je zorgvuldig en goed je werk doet.’

 

Bureau Beroepsziekten FNV (BBZ FNV) stelde onlangs voor het eerst een bedrijfsarts en arbodienst ArboUnie aansprakelijk voor een burn-out en zware depressie van een 55-jarige beroepschauffeur. De werkgever zou de man meermalen onder druk hebben gezet om weer aan het werk te gaan. Volgens BBZ FNV heeft de bedrijfsarts de werkgever hierin steeds gevolgd. Ook tegen het advies in van de huisarts en een second opinion van een GAK-arts.

 

NVAB-voorzitter Bas Sorgdrager (zelf ook werkzaam bij ArboUnie) vindt het op zich niet erg dat de FNV de zaak aanhangig maakt. Sorgdrager: ‘Een arts kan altijd op zijn handelen aangesproken worden. Daar is niets mis mee. Daarvoor bestaat het medisch tuchtrecht. Als er sprake is van een fout, komt de eventueel berokkende schade voor rekening van de arbodienst als werkgever.’

 

Maar voor zover Sorgdrager weet, heeft de betrokken arts volgens de geldende richtlijnen gehandeld. Juist daarom is er toch enige zorg bij de NVAB-voorzitter. ‘Het roept de vraag op of de richtlijnen op verschillende manieren uitgelegd kunnen worden en aanpassingen vergen. Is dat een groot probleem? De NVAB wil dat haar achterban keurig volgens de richtlijnen werkt en dat de richtlijnen als handvat kunnen dienen voor professioneel werken door de bedrijfsarts.’

 

De Nederlandse Vereniging voor Arbeids- en bedrijfsgeneeskunde (NVAB) is met steun van het ministerie van SZW een campagne begonnen om de rol van de bedrijfsarts duidelijker te maken en de arts zelf beter in de markt te zetten. De website www.-jebedrijfsarts.nl informeert over het werk van de bedrijfsarts en wat deze kan betekenen bij het gezond houden en krijgen van werknemers. Om de bedrijfsartsen te helpen beter met werkgevers en werknemers te communiceren, houdt de NVAB adviesen communicatietrainingen voor bedrijfsartsen.

 

Ons land mag wel degelijk strengere eisen stellen aan de uitstoot van oplosmiddelen in verf. Dat schreef inmiddels oudstaatssecretaris Rutte van SZW vorige maand in een brief aan de Tweede Kamer. Onder Kamer- en vakbondsleden was onrust ontstaan, omdat een Europese verfrichtlijn minder ver gaat in het beperken van oplosmiddelen dan de bestaande Nederlandse regels. De Europese richtlijn vormde een compromis met als doel eenduidige regels te stellen en de uitstoot van oplosmiddelen in verf te beperken. De Europese richtlijn zou in afzonderlijke lid staten scherpere eisen omtrent oplosmiddelen in verf niet toestaan. Maar volgens Rutte sloot de Milieuraad van de EU najaar 2003 een politiek akkoord over deze kwestie. De lidstaten mogen een uitzondering maken voor richtlijnen die dienen om de gezondheid van werknemers te beschermen. Het Europese Parlement bekrachtigde onlangs dit akkoord.

 

Leidinggevenden hebben moeite om te gaan met psychisch verzuim. Ze durven hun medewerkers vaak niet aan te spreken op psychisch verzuim en zijn nog te afwachtend. Dat zegt TNO Arbeid na evaluatie van de leidraad ‘Aanpak verzuim om psychische redenen’ in opdracht van de Commissie Het Werkend Perspectief. Daarom zou volgens TNO aandacht voor dit soort verzuim structureel moeten worden. In de leidraad staat dat het erg belangrijk is om vanaf de eerste dag verzuim contact te houden met de betreffende werknemer.

 

De politie wil in drie jaar het ziekteverzuim terugbrengen tot 6,6 procent (2002: 8,2 procent). Het langdurig verzuim moet de komende jaren vijftien procent verminderen. Ook moet het aantal arbeidsongeschikten binnen de politie afnemen met tien procent. Dit staat in het arboplusconvenant voor de politie dat overheid en politiebonden hebben ondertekend. Als onderdeel van het plusconvenant kunnen alle politiemedewerkers een gezondheidstest krijgen met aansluitend advies. Ook wordt de registratie van ongevallen verbeterd en gestandaardiseerd. Verder zijn er afspraken gemaakt om mensen die langdurig ziek zijn, weer aan het werk te krijgen. Het convenant is een vervolg en uitbreiding op het huidige convenant dat 1 juli 2005 afloopt. Voor het nieuwe convenant is tot 1 juli 2007 drie miljoen euro beschikbaar.

 

Werknemers van academische ziekenhuizen raken minder vaak arbeidsongeschikt en zijn minder vaak ziek. Dit blijkt uit de eindrapportage van het Arbo-convenant Academische Ziekenhuizen.

 

Na de invoering van het arbo-convenant in 2001 daalde de WAO-instroom met de helft tot 0,64 procent; het ziekteverzuim nam af van 6,7 naar 5,2 procent. Daardoor zijn dagelijks zo’n negenhonderd mensen meer in de ziekenhuizen aan het werk.

 

Volgens het eindrappport is de sector zich nu meer bewust van de effecten van goed arbeidsomstandigheden- en verzuimbeleid. Binnen het convenant zijn hulpmiddelen ontwikkeld om dit beleid te verbeteren.

 

De ziekenhuizen pakten onder andere het arbeidsrisico lichamelijke belasting aan. Personeel leerde op een andere manier tillen, duwen en trekken, waardoor de lichamelijke belasting verminderde. Dit leidde tot minder uitval. Ook leerden leidinggevenden en werknemers tijdig maatregelen te nemen tegen hoge werkdruk of emotionele belasting. Het programma Veilige Zorg pakte knelpunten rond agressie aan. Ook aan RSI en de omgang met gevaarlijke stoffen werd nadrukkelijk aandacht besteed.

 

Zo’n 18.000 van de 55.000 werknemers in de universitair medische centra namen deel aan activiteiten vanuit het arboconvenant. Inmiddels heeft de sector een arbo-plusconvenant afgesloten.

 

Het ziekteverzuim binnen gemeenten is in 2003 met 0,7 procent

 

gedaald tot 7,2 procent (inclusief verzuim langer dan een jaar). Dit blijkt uit het jaarlijkse onderzoek van A+O fonds Ge-meenten waaraan 351 gemeenten deelnamen. De gemeenten voldoen hiermee aan de doel-stelling uit het arboconvenant dat dit jaar afloopt.

 

Het Instituut voor Psychotrauma en VVCR Traumabegeleiding

 

hebben een samenwerkingsovereenkomst getekend voor professionele traumabegeleiding aan beroepschauffeurs en particulieren die een schokkende ervaring hadden in het verkeer.

 

De begeleiding moet sneller herstel en werkhervatting mogelijk maken.

 

In de vorige ARBO stond dat Arie van Soest getuige was van het kopieren van VCA-diploma’s Veiligheidscertificatenfraude blz. 14). Dat is pertinent onjuist, laat Van Soest ons weten. ‘Ik heb nooit maar dan ook nooit gezien dat certificaten werden gekopieerd. Wel heeft een veiligheidskundige op een project mij ooit eens certificaten laten zien die allemaal hetzelfde nummer hadden, terwijl ze op verschillende namen stonden. Vermoedelijk waren dit kopieen.’ Of we dat even recht wilden zetten. Bij deze.

 

Reageer op dit artikel