artikel

Minder is meer?

Wetgeving

Het Arbobesluit is een uitwerking van de Arbowet. Feitelijk bevat het een minimumveiligheidsniveau dat werkgevers moeten realiseren. In het huidige Besluit staat per arbeidsrisico vrij precies omschreven welke maatregelen werkgevers moeten nemen. Een deel van de regels uit het Besluit is gebaseerd op Europese richtlijnen. De rest is van eigen bodem en wordt ook wel de ‘nationale kop’ genoemd.

 

Deze nationale kop sneuvelt voor een belangrijk deel. Ruim tweederde van deze arboregels komt te vervallen. Van Hoof schrapt bijvoorbeeld de specifieke regels voor de winningsindustrie. Ook nagenoeg alle bepalingen over bedrijfshulpverlening en de voorschriften voor de melding van ongewilde gebeurtenissen – lees: ongevallen – moeten eraan geloven. Tevens gooit de bewindsman de specifieke bepalingen overboord voor benzeen, propaansulton, kalkzandsteen en gechloreerde koolwaterstoffen. De eerste drie stoffen komen onder het regime van kankerverwekkende stoffen te vervallen. Voor de, niet-kankerverwekkende, gechloreerde koolwaterstoffen gelden straks alleen nog MAC-waarden. Maar niet de hele nationale kop gaat eraan. Vanwege de hoge risico’s laat de bewindsman de regels voor de vuurwerkbranche en het werken in liften ongemoeid. Hetzelfde geldt voor de voorschriften ter voorkoming van zware ongevallen met gevaarlijke stoffen en voor het werken met vluchtige organische stoffen.

 

Verder schrapt Van Hoof de bepalingen over het scheiden van rokers en niet-rokers. De logica daarachter is dat de Tabakswet dit ook al voorschrijft en dubbele regelgeving overbodig is. De bepalingen over het begrip hinder als blootstelling aan een gevaarlijke stof sneuvelen om dezelfde reden. Ook snijdt de staatssecretaris in de arboregels voor vrijwilligers.

 

Bij twintig onderwerpen uit het Besluit vervangt Van Hoof de ‘how to’-voorschriften door concrete doelvoorschriften. Het gaat bijvoorbeeld om zaken als geluid, beeldschermwerk en valgevaar. Waar doelvoorschriften niet mogelijk bleken, formuleert hij procesnormen voor de te volgen procedure. De staatssecretaris laat de door Brussel voorgeschreven middelvoorschriften overigens ongemoeid – die kan hij nu eenmaal niet eigenhandig aanpassen.

 

Van Hoof deinst er niet voor terug om sommige delen van het Besluit drastisch te herschrijven, zoals de afdeling over het bouwproces. Verder perkt hij het meldingsregime voor werkgevers die met biologische agentia werken sterk in.

 

De regels voor het vaststellen van de grenswaarden van toxische stoffen richt Van Hoof meer dan voorheen op kwaliteitsborging. Voor het werken met carcinogene stoffen voert hij een vervangingsplicht in. Waar vervangen niet mogelijk is, moeten werkgevers de mogelijke blootstelling minimaliseren. In plaats van de omgevingslucht maakt de staatssecretaris de ingeademde lucht de bepalende factor, ook bij het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen.

 

Maar Van Hoof beperkt zich niet alleen tot het schrappen, veranderen en herschrijven. Hij breidt het Besluit ook uit, onder andere met bepalingen over de zogenaamde psychosociale arbeidsbelasting (PSA). Hij verplicht werkgevers om in de RI&E en het Plan van Aanpak aandacht te besteden aan agressie, geweld, pesten, seksuele intimidatie en werkdruk. Ook moeten zij hun werknemers onderrichten en voorlichten over PSA. Verder breidt de bewindsman het Besluit uit met een regeling voor het vervoer van personen in werkbakken.

 

LASTENVERMINDERING

 

De deregulering van de arbowet- en -regelgeving moet onder andere leiden tot een vermindering van de administratieve lasten van de werkgevers, schrijft Van Hoof in zijn begeleidende brief aan de Tweede Kamer bij het wijzigingsvoorstel. In deze brief becijfert hij dat de dereguleringsoperatie werkgevers een besparing oplevert van 300 miljoen in de eerste helft van 2007. Volgens dezelfde brief bespaart enkel de wijziging van het Arbobesluit werkgevers 35,6 miljoen. Bron: brief ARBO/A&V/2006/46983/47021, gedateerd 2 juni 2006.

 

 

Het is de vraag of de wijziging van het Arbobesluit tot de gewenste vermindering van regeldruk zal leiden. Het aantal artikelen is nauwelijks verminderd. Wel zijn de artikelen bondiger geworden, maar dat is vaak ten koste gegaan van de leesbaarheid. Voor een goed begrip is het bovendien vaak noodzakelijk om de Nota van Toelichting of andere bronnen te raadplegen. Dat zal de roep om extra uitleg vergroten.

 

Een ander punt van kritiek is dat doelvoorschriften uit de Beleidsregels niet goed in het Besluit lijken geintegreerd. Slechts een beleidsregel is er zichtbaar in verwerkt – de Legionellabepaling vervangt beleidsregel 4-87-1. Over alle andere beleidsregels zwijgt de Nota van Toelichting. Het is de vraag of dit de toekomstige handhaving ten goede zal komen.

 

De manier waarop Van Hoof de afdeling over het bouwproces heeft herschreven, is op het eerste gezicht geen verslechtering voor de dagelijkse praktijk. De bepalingen over het werken met carcinogene stoffen zijn zelfs duidelijk verbeterd. Niet alle veranderingen pakken echter zo goed uit. Zo omschrijft Van Hoof in het wijzigingsvoorstel de betekenis van de R-zinnen niet langer. Daarmee zadelt hij de gebruiker op met een extra zoektocht naar de juiste betekenis. Dat speelt ook bij de nieuw opgevoerde Legionellabepaling – artikel 4.87b dat uit twee vrij korte leden bestaat – terwijl de bijbehorende Toelichting meer dan drie pagina’s beslaat.

 

Vooral vanuit de hoek van de vakbonden, maar ook door arboprofessionals, is kritiek geuit op Van Hoofs dereguleringsvoorstellen. De bewindsman zou geen goede invulling hebben gegeven aan het unanieme SER-advies. Toch hoeft Van Hoof op weinig weerstand in de Kamer te rekenen. Zijn voorstellen hebben daar nauwelijks stof doen opwaaien.

 

Desondanks is het niet ondenkbaar dat Van Hoofs plannen alsnog stranden. Nu het kabinet demissionair is, bepaalt de Kamer welke onderwerpen nog worden behandeld voor de verkiezingen in november. De Socialistische Partij heeft al aangegeven de voorstellen rond de Arbowetgeving als controversieel te willen bestempelen. De komende maanden zullen leren of Van Hoof zijn plannen nog door de Kamer weet te loodsen.

 

Download het wijzigingsvoorstel op de site van het ministerie van Sociale Zaken, http://home.szw.nl/actueel/dsp_publicatiesindex.cfm (2 juni). Op dezelfde webpagina staat ook het wijzigingsvoorstel voor de Arbowet (9 mei).

 

Zie voor recente achtergronden en commentaren over de wetswijziging en de arbocatalogi de artikelen ‘Zwaar tillen aan de tilnorm’ (ARBO 1, blz. 12 e.v.); ‘Goochelen met een SER-advies’ (ARBO 4, blz. 14 e.v.); ‘Een kwestie van vertrouwen’ (ARBO 6, blz. 16 e.v.) en ‘Arbo leeft niet bij brancheorganisaties’ (ARBO 7/8, blz. 16 e.v.).

 

Reageer op dit artikel