artikel

Big bag en een broken leg op de heftruck

Wetgeving

Lollig doen tijdens heftruckverkeer is geen verstandig idee. Want voor je het weet zit je klem tussen een vrachtwagen en een big bag. Valt het aldus oplopen van een meervoudige beenbreuk onder de zorgplicht van de werkgever?

Big bag en een broken leg op de heftruck

Een man verricht sinds 2003 in opdracht werkzaamheden voor een transport-, expeditie- en opslagbedrijf. Hij is sinds januari 2005 als zelfstandig ondernemer gevestigd in Polen en staat in Nederland ingeschreven als ondernemer. In september 2013 gaat hij collega’s halen om te helpen bij het lossen en stapelen van big bags van een vrachtwagen.

Zwaaien naar chauffeur vanachter big bag

De zzp’er springt op de pallet van een langzaam voorbijrijdende heftruck en houdt zich vast aan de big bag die op de pallet staat. Hij zwaait vanachter de lading naar de chauffeur. Die schrikt, stuurt naar links en trapt op de rem. Daardoor schuift de big bag naar voren tegen een geparkeerde vrachtwagen. De zzp’er wordt tussen big bag en de vrachtwagen geplet en breekt daardoor zijn been op diverse plaatsen. De kantonrechter verwerpt het verzoek van de zzp’er om de opdrachtgever aansprakelijk te verklaren voor de gevolgen van het ongeval.

Geen arbeidsovereenkomst, maar wel zorgplicht

In hoger beroep stelt het gerechtshof vast dat beide partijen het erover eens zijn dat er geen sprake was van een arbeidsovereenkomst, maar dat artikel 7:658 lid 4 BW van toepassing is. Daarmee is de opdrachtgever aansprakelijk voor de schade van de zzp’er. Tenzij hij aantoont dat hij zijn zorgplicht is nagekomen of dat de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de zzp’er. Bij het oordeel over de te verrichten zorgplicht spelen het gebruik van de arbeidsmiddelen, de gegeven instructies, de voorlichting en het toezicht een belangrijke rol.

> LEES OOK: Zo zit ’t met zorgplicht van opdrachtgevers

Handelen in strijd met veiligheidsinstructies gebruikelijk

De voorman had instructies gegeven en er zaten waarschuwingsstickers op de heftruck. Volgens de directeur was controle op naleving in de praktijk niet haalbaar, omdat de voorman niet overal op kan letten. De directeur verklaarde daarnaast dat mensen wel eens op de heftruck meereden, hoewel dat niet is toegestaan. Hij deed dat zelf ook wel. Verder werd de vork wel gebruikt als personenlift om in de vrachtwagen te komen.

Het hof concludeert daaruit dat niet alleen onvoldoende toezicht werd gehouden op naleving van de veiligheidsinstructies, maar dat het in de praktijk gebruikelijk was om in strijd daarmee te handelen. De instructies hebben op die manier hun werking in de praktijk verloren. En daarmee is het bedrijf zijn zorgplicht niet nagekomen.

> LEES OOK: Veiligheidsinstructie; spoort dit Japanse bedrijf wel?

Maar: ook sprake van bewuste roekeloosheid zzp’er?

Het bedrijf heeft aangevoerd dat er sprake is van bewust roekeloos handelen van de de zzp’er. Daarom hoefde het er geen rekening mee te houden dat die ineens op een rijdende vorkheftruck zou springen om de bestuurder te laten schrikken. Het hof kan niet vaststellen of in belangrijke mate sprake was van opzet of bewuste roekeloosheid, maar staat de werkgever toe dit alsnog te bewijzen. Het hof laat ruimte voor het treffen van een minnelijke schikking – ter besparing van de kosten.

Bron: Gerechtshof ’s-Hertogenbosch, 4 september 2018, ECLI:NL:GHSHE:2018:3709
Auteur: Rob Poort | Bureaupoort.nl

 

> TIP: Bijblijven met arbowetgeving en -jurisprudentie? Kom naar de Arbo Actualiteitendag!

big bag

 

Reageer op dit artikel