Van valgevaar naar '1op6'
<p>De beroepsverenigingen hebben alle reden om de onderlinge banden aan te trekken. Nu de arbodiensten niet langer zijn verzekerd van klandizie en de arbo-wetgeving flink wordt gedereguleerd, is de vanzelfsprekendheid van werk voor arboprofessionals verdwenen. Sinds vorig jaar toetst immers nog maar een kerndeskundige - veiligheidskundige, arbeidshygienist, arbeids- en organisatiedeskundige of bedrijfsarts - een risico-inventarisatie en evaluatie (RI&E). Tegenwoordig zijn werkgevers ook verplicht om preventieve arbotaken zo veel mogelijk zelf uit te voeren, bijgestaan door een interne preventiemedewerker. Voor de verzuimbegeleiding is een bedrijfsarts nog altijd verplicht, maar werkgevers hoeven niet langer de diensten van de vier kerndisciplines van de arbodienst af te nemen.</p>
<p>FNV Bondgenoten dreigt uit de Sociaal Economische Raad (SER) te stappen. De kaderleden van de vakbond vinden dat het kabinet te vaak naar eigen goeddunken omgaat met SER-adviezen. Het polderoverleg in Nederland hangt volgens de bond voor een belangrijk deel af van de voorstellen voor een nieuwe Arbowet en het Arbobesluit. Een motie om de bondszetel in de SER per direct op te geven, haalde het begin februari net niet op de vergadering van de bondsraad. Maar een iets afgezwakte motie om de deelname aan de SER kritisch tegen het licht te houden werd door de kaderleden wel aangenomen.</p>
<p>Het is een verrassende wending die volgt op een verrassende campagne. Want de cao-partijen Bouwbedrijf hadden elkaar zo goed gevonden in de campagne 1op6, bedoeld om het bouwplaatspersoneel meer bewust te maken van het valgevaar op en rond de bouwplaats. Tussen mei 2004 en maart 2005 investeerden de cao-partijen gezamenlijk zo'n drie miljoen euro in de grootscheepse campagne. In drie 'mediamanifestaties' met radio-en tv-spots, folders en posters, het ontbijt-tv-programma 'Voor dag en bouw' en zelfs een carnavalskraker werden bouwvakkers bewust gemaakt van valgevaar. De aansprekende campagne rond het motto 1op6 won zelfs een bronzen Effie. De boodschap aan de bouwvakkers was: 'Een op de zes bouwvakkers komt tijdens zijn loopbaan ernstig ten val. Werk je in de bouw, blijf dan alert. Als je valt, valt het tegen.'</p>
<p>Op 1 juli 2005 werd het Nederlandse arbolandschap verrijkt met de preventiemedewerker. Op grond van het gewijzigde artikel 13 Arbowet wijst de werkgever deskundige werknemers aan die belast zijn met de algemene bijstand bij de preventietaken. Deze medewerkers verlenen medewerking aan het opstellen van een RI&E en de uitvoering van de maatregelen die daaruit voortvloeien.</p>
<p>Het digitale oplossingenboek werkt als volgt. Stel: medewerkers in een chocoladefabriek kampen met RSI. Dat is geen gewaagde hypothese, want velen van hen zijn uren achter elkaar bezig om de kunststof vormen om te draaien waarin de chocoladeproducten worden gespoten. Anderen hebben er een dagtaak aan om het eindproduct in de verpakking te leggen.</p>
<p>RSI teistert de secretaresse net zo hard als de loodgieter. Toch wordt de werkplek van kantoorpersoneel veel vaker aangepast om RSI te voorkomen dan die van niet-kantoorpersoneel. Uit de Nationale Enquete Arbeidsomstandigheden blijkt dat bij de helft van het kantoorpersoneel werkplekaanpassingen tegen RSI hebben plaatsgevonden. Bij het niet-kantoorpersoneel is slechts een kwart van de werk plek aangepast. Overigens gaf bijna 60 procent van het niet-kantoorpersoneel aan geen behoefte aan werkplekaanpassingen te hebben. Ook de voorlichting verschilt tussen beide categorieen. Ruim 40 procent van het kantoorpersoneel krijgt informatie over RSI; 24 procent krijgt geen informatie, maar geeft wel aan daar behoefte aan te hebben. Van het niet-kantoorpersoneel heeft nog geen 10 procent voorlichting gehad.</p>
<p>Inspecteur Fiona Ebbelink van de Arbeidsinspectie nam de afgelopen maanden deel aan landelijke controles bij stuwadoorsbedrijven. Volgens haar staat dit incident niet op zichzelf. Jaarlijks varen 2,5 miljoen containers met alle mogelijke producten de haven van Rotterdam binnen. De afzenders: bedrijven uit Azie, Zuid-Amerika, Afrika en Oceanie. Omdat wij Europeanen geen tropisch ongedierte willen importeren, hebben we bepaald dat alle geimporteerde houten verpakkingen behandeld moeten zijn. Daartoe heeft Europa sinds 1 maart 2005 een nieuwe richtlijn. De ISPM 15 van de FAO (Food and Agricultural Organisation) geeft aan dat bestrijding van ongedierte kan gebeuren op twee manieren: verhitten of behandelen met methylbromide.</p>
<p>Dat medewerkers ongewenst gedrag vertoonden, hadden ze in de meeste gevallen zelf niet eens door. 'Discriminerende moppen werden vaak onder het mom van 'ach, dat is toch grappig' verteld', zegt Van den Berg. Dat de stemming serieus te wensen overliet, signaleerde een van de teammanagers. In een gesprek met een medewerker merkte hij dat die zich diep ongelukkig voelde. En dat de melding niet op zichzelf stond, maar dat er tot zijn schrik en verbazing meer aan de hand was.</p>
<p>Na overleg met de Officier van Justitie maakt de Arbeidsinspectie proces-verbaal op. Dit ondanks de volgende feiten:</p>
<p>Of een vervolgtraject nu wel of niet nodig was, iedereen nam eerst deel aan een algemene voorlichtingsdag. Daarin werd naast de fysieke kant ook juist het mentale aspect belicht. De voorlichting ging dan ook verder dan 'drie uur lang kletsen over stoelen en tafels', zoals enkelen vooraf vreesden. De voorlichters lieten de deelnemers namelijk aan den lijve ondervinden hoeveel invloed een verkeerde werkhouding heeft op de spierspanning. Voor wie het mee wil voelen: span uw benen en richt uw aandacht op uw buikspieren. Dan registreert u dat u die aanspant - iets waar u zich waarschijnlijk eerst niet van bewust was. Wie dat de hele dag doet, belast ook wat daarachter zit: zijn maag-darmstelsel, en dat kan allerlei klachten veroorzaken. Bovendien gaat de ademhaling omhoog: een borstademhaling in plaats van een buikademhaling. Doordat dit soms extreme vormen aanneemt, kunnen aan hyperventilatie gerelateerde verschijnselen ontstaan.</p>
<p>In augustus 1998 maakt een passagiersvliegtuig een vrij harde landing, hetgeen ook door de captain van het toestel wordt erkend. Een van de stewardessen stelt dat zij als gevolg van de landing een zenuwontsteking en een kneuzing in haar rugwervel en nek heeft opgelopen. Zij was daardoor enige tijd arbeidsongeschikt. In deze procedure stelt zij de werkgever voor de geleden schade aansprakelijk.</p>
<p>De medewerkster werkte als thuishulp in de woning van een tachtigjarige vrouw met verhuisplannen. In verband met de verhuizing verrichtte zij wat lichte werkzaamheden, zoals inpakken, opruimen en klaarzetten van de spullen. Bij tilwerkzaamheden op zolder stootte zij hard met haar hoofd tegen een houten balk, waardoor zij onwel werd en sindsdien niet meer op haar werk is teruggekeerd. Nadat de werkgever de letselschadeclaim had afgewezen, sleepte zij hem voor de rechter. Hij zou volgens haar de schade moeten vergoeden omdat zij niet was opgeleid en geinstrueerd om verhuiswerkzaamheden te verrichten. Daarnaast zou de werkgever geen veiligheidsmaatregelen hebben getroffen of aanwijzingen hebben verstrekt om het ongeval te voorkomen. De kantonrechter neemt het standpunt van de medewerkster over en veroordeelt de werkgever tot vergoeding van de schade. De werkgever is het hiermee oneens en gaat in hoger beroep bij het gerechtshof. Het hof overweegt dat met artikel 7:658 Burgerlijk Wetboek niet is beoogd een absolute waarborg te scheppen voor de bescherming van de werknemer tegen het gevaar van arbeidsongevallen die hem kunnen overkomen bij het verrichten van werkzaamheden. De aard van de lichte werkzaamheden, het inpakken en vervolgens optillen van de verhuisdozen, wijkt niet af van de in de thuissituatie regelmatig voorkomende werkzaamheden waarvoor geen bijzondere aandacht en kennis zijn vereist. Het gaat hier om 'alledaagse' werkzaamheden. Dat deze niet tot het gebruikelijke takenpakket behoorden, maakt dat niet anders. Het hof oordeelt daarom dat er sprake is van een ongelukkige samenloop van omstandigheden waarvoor de werkgever niet verantwoordelijk te houden is. Het vernietigt het vonnis van de rechtbank, waardoor de werkneemster voor haar eigen schade opdraait.</p>