artikel

Kinderarbeid in Nederland

Geen categorie

Twee werknemers van een loonwerkersbedrijf zijn in dienst op basis van een 0-urencontract. Zij beginnen ’s morgens om 7.00 uur en moeten Samen de beplantingsvakken maaien. Een van hen, Een jongen van 14 jaar, Krijgt opdracht om tussen de beplanting te Klepelen. Hij bestuurt Een minitractor. De Ander, een volwassen werknemer, Heeft de opdracht Gekregen om toezicht te houden op de Jongen. Hij maait rond de bomen met een bosmaaier. Hij kan de jongen op de tractor niet bijhouden. Zij verliezen elkaar daardoor uit het zicht. In de loop van de dag heeft hij de jongen wel een aantal keren opgezocht om hem opdrachten te geven, de laatste maal om 17.30 uur. Zij spreken af dat zij omstreeks 18.30 uur zullen ophouden met werken. Als de jongen niet op de afgesproken tijd komt opdagen, gaat de volwassen ‘handwerker groen’ hem zoeken. Uiteindelijk ziet hij het tractortje omgekeerd in een sloot liggen. Blijkbaar is het voertuig gekanteld. Het slachtoffer is onder de machine terecht gekomen en daarbij bekneld geraakt. Het blijkt te zijn over-leden. Niet bekend is of dit overlijden is veroorzaakt door verdrinking of door inwendige kwetsuren.

 

Niemand heeft het ongeval zien gebeuren. Vermoedelijk heeft het slachtoffer met zijn tractortje te dicht bij de slootrand gereden. De tractor is aan de zijde van de sloot weggezakt en vervolgens gekanteld.

 

Kinderen van14 jaar mogen slechts licht en ongevaarlijk werk doen. Daarmee zal duidelijk zijn dat voorkomen had moet worden dat deze jongen een dergelijk voertuig kon besturen. Het verkeerd besturen van het voertuig kan gevaarlijke situaties opleveren. Daarnaast speelt het kantelgevaar op hellingen van de aanwezige dijken en slootkanten en het specifieke gevaar van de maaier zelf. Te denken valt aan het gevaar dat ontstaat bij het verwijderen van een vreemd voorwerp, bijvoorbeeld een stuk hout, uit de klepelaar. Bovendien was van adequaat toezicht op het kind en zijn werkzaamheden geen sprake. Op het moment van het ongeval was de oudere collega en beoogd toezichthouder op ongeveer 1000 meter afstand aan het werk.

 

Volgens artikel 3.2, lid 1 en 4 van de arbeidstijdenwet, en uitgewerkt in artikel 3.5, lid 1, mag een kind geen werkzaamheden uitvoeren die gevaar kunnen opleveren. Ook staat in artikel 10, lid 1 van dezelfde wet dat een overtreding van dit artikel een beboetbaar feit is. De eigenaar van het loonwerkersbedrijf is daarom een boeterapport aangezegd.

 

Reageer op dit artikel