artikel

Ongeval op stoep voor kantoor

Veilig werken

De vrouw wordt aan haar hoofd geraakt. Zij stelt haar werkgever, het college van B&W van de gemeente, aansprakelijk voor de schade. Het college wijst dit af, de rechtbank verklaart het beroep van de werkneemster ongegrond. Maar die gaat in beroep bij de Centrale Raad van Beroep.

 

De Raad ziet geen reden het verzoek tot schadevergoeding anders te beoordelen dan tot nu toe is gedaan. Die beoordeling houdt in dat de ambtenaar recht heeft op vergoeding van de schade die hij lijdt in de uitoefening van zijn werkzaamheden, tenzij het betrokken bestuursorgaan aantoont dat het zijn verplichtingen is nagekomen de werkzaamheden van de ambtenaar op zodanige wijze in te richten, alsmede voor het verrichten van die werkzaamheden zodanige maatregelen te treffen en aanwijzingen te verstrekken als redelijkerwijs nodig is om te voorkomen dat de ambtenaar in de uitoefening van zijn werkzaamheden schade lijdt, of aantoont dat de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet en bewuste roekeloosheid van de ambtenaar.

 

Het gaat dus eerst om de vraag of de schade in de uitoefening van de werkzaamheden van de ambtenaar is ontstaan. Nee, zegt de raad. Het ongeval vond plaats voor aanvang van het werk, op de openbare weg (in dit geval het trottoir) voor de (personeels)ingang van het gebouw. Het ongeval had niet alleen de ambtenaar kunnen overkomen, maar elke andere willekeurige voorbijganger die zich op dat moment in de buurt van de personeelsingang bevond.

 

De werkneemster heeft ook verwezen naar een uitspraak van de Raad van 22 november 2001, LJN AD8039. Daarin sprak de raad uit dat onder ‘uitoefening van werkzaamheden’ ook moest worden gerekend het betreden van het gebouw om daar te gaan werken. Maar volgens de raad gaat het hier niet om vergelijkbare gevallen. In die zaak was de betrokkene gewond geraakt bij het betreden van het gebouw waarin zij werkte. In de zaak die nu aan de orde is, blijkt nergens uit dat de ambtenaar al bezig was met het betreden van het gebouw. De raad verwijst daarbij naar het door de ambtenaar ondertekende gespreksverslag over het ongeval en het ‘Beoordelingsformulier dienstongevallen’. Ook het hoger beroep wordt verworpen.

 

Wilt u meer jurisprudentie? Lees Vakblad Arbo>>

Reageer op dit artikel